Columns Archives - Perswijn

Columns

Columns

Overpeinzingen: Weer op reis … eindelijk!

Op het moment dat u dit leest, ben ik op reis in het grensgebied van Noord-Italië en Slovenië. Eten in Italië, slapen in Slovenië, zoiets. Op zich bijzonder: gisteren was mijn eerste vliegreis sinds 22 maart vorig jaar. En toch wel minder ontspannen. Alle QR-codes moeten kloppen, formulieren ingevuld, de juiste mondkapjes mee, van die dingen. Maar ondanks alles toch mooi dat er weer gereisd kan worden, mede dankzij de vaccinaties. Dat maakt het leven toch weer wat gemakkelijker.

Ik ben op reis met collega Paul Balke, die ook het programma heeft gemaakt. Nou ja, programma. Er gaat iets gebeuren, maar Paul Balke is iemand die je tot op het laatste moment blijft bestoken met mails en whatsapp-berichten die een wijziging van de plannen aankondigen. Hij heeft zo zijn verdiensten, maar hij is ook een licht chaotische persoon, om het mild uit te drukken. Wijlen René van Heusden riep op een gegeven moment wanhopig dat hij nooit meer met hem op reis wilde. Ach, het is niet anders. Gelukkig kan ik een zekere mate van chaos wel verdragen, anders zou ik er niet aan beginnen.

Doel van de reis: een bijlage maken over de wijngebieden hier, op de plek waar de wijnstreken van Italië, Slovenië en Kroatië in elkaar overlopen, met overal dezelfde druiven, of druiven die op zijn minst aan elkaar verwant zijn. Paul Balke is een groot kenner van de streek – dat is dan weer zijn verdienste. Hij heeft er onlangs zelfs een boek over geschreven: ‘North Adriatic’. Ik zou het hem niet nadoen. Het boek gaat over wijngebieden die ooit allemaal in Oostenrijk lagen, maar in 1947 van elkaar werden gescheiden, toen een deel van de streek bij Joegoslavië werd getrokken, en de rest bij Italië bleef. Met name de streek Collio/Brda (de Sloveense naam) werd ruw uiteengerukt. Een lichte versie van het IJzeren Gordijn scheidde buren, families en wijngoederen in één klap van elkaar. Sinds het uiteenvallen van Joegoslavië en het toetreden van Slovenië tot de EU en de Schengen-zone is de situatie weer enigszins zoals hij vroeger was. Maar de appellations zijn vooralsnog gescheiden gebleven.

In het boek komt deze geschiedenis uitgebreid aan bod, en natuurlijk alle wijnen en druiven die de gebieden ‘verenigen’. Denk aan druiven als ribolla gialla/rebula of malvasia. Wat je er ook van vindt, het zijn fascinerende wijnstreken, waar bijzondere wijnen worden gemaakt. Balke schrijft er met veel passie over. Hij is altijd een man met een missie, die zijn mening niet onder stoelen of banken steekt.  Zo vindt hij eigenlijk dat Collio moet worden herenigd met Brda, om weer één wijnstreek te worden. Hij begrijpt wel dat sommige Italianen daar niet op zitten te wachten, omdat Collio heel beroemd is, maar hij wordt toch wel een beetje ongeduldig. Zo kun je sommigen ook tegen de haren instrijken. Jammer dan. Een ander stokpaardje van Balke is dat wijnen van één druif niet zo interessant zijn. Nou ja, misschien van nebbiolo of pinot noir, maar met die druiven houdt het wel zo’n beetje op. Hij is een soort kruisvaarder tegen eendruifswijnen. Ach, best sympathiek, maar ja, die lastige consument, die blijft er maar om vragen.

Door zijn vasthoudendheid gaan er deuren voor hem open, die voor anderen gesloten blijven. En anders trapt hij ze gewoon in. Tegelijk gaan er voor mij ook weer deuren open, die voor hem gesloten zouden blijven, door zijn ‘geëngageerde’ opstelling. Dus dat is een goede combinatie. Hoe dan ook, het belooft een interessante en leerzame reis te worden. Hoe chaotisch ook. Zijn boek is van harte aanbevolen.

www.paulbalke.com/books

 

Ronald de Groot

 

Columns

Overpeinzingen: Een ramp heeft zich voltrokken. Laten we de Ahr helpen

Stel je voor. Je hebt 40 jaar lang keihard gewerkt, inmiddels samen met de kinderen, om duurzaam iets bijzonders op te bouwen, dat door vele mensen enorm gewaardeerd wordt. Ze komen van heinde en verre om jouw wijnen te kopen en bestellen veelvuldig bij de trotse Nederlandse importeur. Of je bent een jong stel, een voormalige Deutsche Weinkönigin en een moedige man van de streek, die een succesvol domein elders opgeeft om thuis, samen met zijn geliefde, wijnen te maken die de streek nóg boeiender maken dan deze al is.

En ineens is alles weg. Letterlijk alles. De woonhuizen zijn vernield, zwaar beschadigd of staan onder water, de auto’s liggen bovenop elkaar. De barriques en andere houten vaten drijven door de straat, tanks zijn omgevallen, de voorraad verzopen of helemaal kapot. En nog veel erger, dierbaren en andere dorpsgenoten, niet zelden collega’s, zijn vermist, wellicht omgekomen, in ieder geval tijdenlang onbereikbaar, want alle communicatie die we zo gewoon vinden, werkt niet meer.

Dit is wat er de afgelopen dagen in het Ahrdal is gebeurd. En grotendeels ook op meerdere andere plaatsen in westelijk Duitsland, oostelijk België en natuurlijk in Limburg. Het is een vreselijke ramp, er zijn geen andere woorden voor. Een ramp die tot dusver in Duitsland al 168 doden heeft geëist.

Dat ik hier vooral aandacht besteed aan de Ahr, is omdat het een wijngebied is dat extreem erg is getroffen en waar niet alleen ik, maar meerdere mensen bij Perswijn veel mensen persoonlijk kennen. Sprekend voor mezelf, het is het wijngebied dat ik het best ken van alle wijngebieden ter wereld, durf ik te zeggen. En daar ben ik trots op, altijd geweest. Het is zo dichtbij, zo mooi, zo bijzonder, dat nauwe rivierdal dat stroomafwaarts breder wordt, met zijn fantastische Steillagen op warme hellingen, vol met spätburgunder en wat frühburgunder. De wijnen die er vandaan komen, zijn van hoog niveau en heel herkenbaar, zeg maar gewoon: uniek. En de mensen natuurlijk ook. Maar nu is het helemaal niet mooi, er heerst paniek, ontreddering en verdriet. En heel veel is kapot. De beelden van de afgelopen dagen doen pijn en de onzekerheid over het lot van de mensen en hoe het nu verder moet, knaagt.

Er zijn al vele hartverwarmende initiatieven opgestart om hulp te bieden, zo goed als dat gaat. Van vele kanten worden hulpgoederen naar het gebied gebracht. Wijnboeren uit andere gebieden springen bij met noodaggregaten om water weg te pompen en stroom te leveren, met tanks, vaten en ander essentieel materiaal, om te redden wat er te reden valt. En om te proberen de komende oogst niet verloren te hoeven laten gaan. Het voortbestaan van meerdere Ahrwinzer staat op het spel.

Daarom heb ik met Gerd Brabant en Alain Jacobs, Perswijn en heel veel welwillende importeurs het plan opgevat een benefietproeverij te organiseren, uiteraard um sonst, waarvan de opbrengst in zijn geheel naar de wijnboeren in het Ahrdal zal gaan. Op maandag 23 augustus zal deze plaatsvinden, bij Karakter Wijnimport in Amsterdam en met medewerking van zo’n beetje alle importeurs van wijnen uit het Ahrdal én een aantal Nederlandse producenten met nauwe banden met de Ahr. Zij stellen hun wijnen beschikbaar om te proeven en een aantal bijzondere flessen zal worden geveild. De entree zal € 60,- per persoon bedragen en we hopen zo een bedrag op te brengen, dat kan bijdragen aan de wederopbouw van de wijndomeinen van de Ahr. Houd deze website en de diverse social media in de gaten voor meer informatie en details. Laten we de Ahr helpen.

Lars Daniëls MV

Columns

Overpeinzingen: Sjampanskoje

Weet u het nog? In het Zwitserse dorpje Champagne werd een wijn gemaakt die onder de dorpsnaam werd verkocht. Als ‘Champagne’ dus. Na jaren procederen wisten de producenten van Champagne het voor elkaar te krijgen dat het dorp zijn eigen naam niet meer voor de eigen wijnen mocht gebruiken. Stel je voor dat we deze stille wijnen aan zouden zien voor de beroemde belletjeswijn. Daar moeten ze in de Champagne niet aan denken.

Eigenlijk vond ik het daarom wel een beetje humoristisch dat Vladimir Poetin afgelopen week verordonneerde dat ‘echte’ champagne voortaan alleen uit Rusland mag komen. Wat uit het buitenland komt, dient in het vervolg te worden geëtiketteerd als ‘mousserende wijn’. Nou ja, als goedmakertje mag het ‘gewone’ etiket er ook nog wel op blijven zitten. Het ironische is dat president Macron steeds met Poetin in gesprek wil blijven, maar dat hier omgekeerd kennelijk geen sprake van is. Voor Poetin is het ‘stelen’ van de appellation champagne voor zijn ‘eigen’ wijnen, deels van de ook al geannexeerde Krim, een fluitje van een cent. Wat houdt hem tegen deze lekker « sjampanskoje » te noemen? Rusland behoort niet tot de 120 landen die Champagne als appellation hebben erkend.

Gelukkig zijn ze in de Champagne heel principieel, zoals niet alleen het dorpje Champagne heeft ondervonden, maar bijvoorbeeld ook de makers van een parfum met de naam ‘champagne’. Verboden. Toen wij in de begindagen van onze proeverij ‘Tour de Champagne’ een glas Cava schonken, werd onmiddellijk gedreigd met juridische stappen. Dus wat nu? Gaan de champagneproducenten Poetin aanpakken met gerechtelijke procedures? Kansloos natuurlijk.

Waar hebben we het over? Rusland is de vijftiende markt voor champagne, goed voor 1,8 miljoen van de in totaal 150 miljoen flessen die jaarlijks worden geëxporteerd. Niet enorm, maar voor luxeconcern LVMH (producent van o.a. Moët & Chandon en Veuve Clicquot) kennelijk belangrijk genoeg. Want al snel werd bekendgemaakt dat het een paar dagen zou kosten om de champagnes van dit concern van de ‘juiste’ etiketten te voorzien. Principes zijn leuk, maar ze moeten niet ten koste gaan van de verdiensten.

De overkoepelende organisatie, het CIVC, kijkt er anders tegenaan. Deze wil de exporten naar Rusland bevriezen om te onderhandelen over deze maatregel en vraagt de producenten geen flessen meer naar Rusland te sturen. Ondertussen krijgt de Champagne veel steun van de eigen regering, Europarlementariërs en zelfs Russische consumenten, die hun favoriete bubbel niet willen missen in ruil voor het zoetige alternatief van matige kwaliteit. Ik wens de champenois veel succes. De manier waarop Poetin is omgegaan met de MH17 en nu met de Russische hackers, is naar mijn idee een flinke reality check.

Ronald de Groot

Columns

Overpeinzingen: Aandacht!

Wie het politieke debat een beetje volgt, merkt al snel dat het tegenwoordig vooral gaat om aandacht. Politici – of het nu kamerleden of ministers zijn – die niet genoeg aandacht krijgen, gaan op een gegeven moment roemloos ten onder. De Engelsen hebben hier een mooi term voor: backbencher. Stemvee. Je ziet ook dat politici die het beste in staat zijn aandacht te genereren, het langst succes hebben. In de loop der jaren zijn sociale media daarin een steeds belangrijker rol gaan spelen. Gelukkig schrijf ik niet over politiek. Maar er zijn interessante overeenkomsten met de wijnwereld: ook daar is aandacht essentieel.

Maar hoe genereer je aandacht als wijnmaker of -gebied? Dat is de grote vraag. Het aantal goede en zeer goede wijnen is tegenwoordig groter dan ooit. Dus wordt het steeds moeilijker om op te vallen. De producenten van Montefalco, in Umbrië, hebben daar onlangs iets op bedacht. Bij een zending wijnen uit deze streek zat een jampotje met aarde. Toegegeven, dat trekt onze aandacht. Dus het werkt. Maar wat moet ik beginnen met een potje aarde uit Montefalco? Hier ten huize werden de wenkbrauwen in elk geval even gefronst. Het etiket aan het potje vertelde het verhaal. ‘Door covid was er een afstand ontstaan tussen mij en Montefalco. Dit potje aarde zou mij de mogelijkheid geven weer in direct contact te komen met de geliefde grond van deze streek.’ Tja.

Montefalco is typisch zo’n wijnstreek waar goede wijnen worden gemaakt, maar die in aandacht altijd een beetje achteraan bungelt. De Toscaanse wijngebieden zijn (veel) bekender. Sinds jaar en dag wordt er in Toscane een proeverij georganiseerd van de meest recente jaargangen op de markt, van onder andere Vino Nobile en Brunello di Montalcino. Deze anteprima is bij journalisten een redelijk populair evenement. Het was in 2020 het laatste event dat ik bezocht vóór het uitbreken van de covid-crisis.

Montefalco bedacht op een gegeven moment dat het achter het programma van anderhalve week van de Toscaanse anteprima wel een extra anteprima van nog een paar dagen zou kunnen organiseren. Ooit kwam ik daar een paar journalisten tegen met de tong op de schoenen. Ze hadden het volgehouden. Maar de meesten keerden na de proeverij in Montalcino spoorslags terug naar huis. Ik was gelukkig vers ingevlogen. Dat kon nog, pre-covid.

Samen met het potje aarde arriveerde een proeverij van genummerde flessen Montefalco Sagrantino, de topwijn van de streek. Mijn eigen mini-anteprima. Dat is de post-covid-versie van deze anteprima, blijkbaar. Nou ja, dat is in elk geval een gemakkelijke manier om in contact te blijven met deze wijnstreek, zonder dat je tong op je schoenen hangt. Dus laten we het voorlopig maar even zo houden, ook als na deze pandemie wat meer rust is gekomen.

Wat ik met het jampotje aarde moet, weet ik echter nog steeds niet. Maar het werkt wel, op de een of andere manier. Onder het motto ‘Alles voor de aandacht’.

Ronald de Groot

Columns

Overpeinzingen: Fictieve prijzen

Een van de leukere programma’s om naar te kijken is de Keuringsdienst van Waarde. Genadeloos, maar tegelijk luchtig worden misstanden in de Nederlandse (detail)handel aan de kaak gesteld. Tegelijk vraag ik me wel eens af wat het effect van de uitzendingen is op ‘ons’ koopgedrag. Je zou denken dat de producten die in een uitzending worden afgefakkeld, daarna volledig uit de gratie zouden zijn. Maar daar lijkt het niet op, eerlijk gezegd. Helemaal niet zelfs. Misschien kijkt iedereen net als ik: je bent tevreden over jezelf dat je dat soort producten nooit koopt. En degenen die dat wel doen, kijken gewoon niet, of denken er niet aan hun gedrag te veranderen.

Onlangs was er een uitzending over de Nederlandse discount-cultuur. Eén plus één gratis, u kent het wel. Het programma ging boodschappen doen aan de andere kant van de grens. Wat bleek? De producten zijn in Duitsland ‘gewoon’ te koop, dus zonder ‘actie’ of ‘discount’ voor een prijs die lager was dan de prijs van het actieproduct in Nederland. Dus de actieprijs zit hier ‘gewoon’ ingebouwd in de riante marge. Lekker dan. Weg er mee, zou ik zeggen. Maar dat zal niet zo gauw gebeuren. Nederlanders – en niet alleen Nederlanders – zijn verslaafd aan acties en discount. Een bedrijf als Jumbo, dat eigenlijk werkt zonder acties, maar met ‘gewoon’ de laagste prijs, wordt op die manier door de klanten ‘gedwongen’ ook met acties te komen.

Maar toch gaat er bij alcoholische dranken iets veranderen. Want per 1 juli wordt het officieel verboden om alcoholische dranken met 50% korting te verkopen. 25% wordt het maximum. Deze maatregel past in het beleid om overmatig alcoholgebruik te bestrijden, niet om onnodig hoge marges te bestrijden. Helaas. Overigens zijn het – in het geval van wijn – niet alleen supermarkten die werken met het ‘concept’ van één plus één gratis. Ik ken ook websites die kortingen geven van 50%, wat op hetzelfde neerkomt. Voor ons levert dat ook nog eens praktische problemen op, want we vermelden graag de prijs van een wijn, maar wat is nu de échte prijs?

Eigenlijk best deprimerend, om zo met wijn te stunten. En ook een vorm van volksverlakkerij, als je bedenkt dat de marge van de wijn is gebaseerd op de prijs inclusief korting, zodat de ‘normale’ prijs helemaal niet normaal is, maar eigenlijk puur fictief. Het blijft vreemd dat consumenten daar intrappen.

Ik ben op zich niet tegen deze maatregel. Wel ben ik benieuwd wat er nu met de oude, ‘fictieve’ prijzen gaat gebeuren. In feite zouden de supermarkten en websites die met dit soort kortingen werken, hun vaste prijs nu kunnen verlagen, omdat ze maar maximaal 25% korting mogen geven. Alleen met zo’n verlaging komen ze weer uit op de oude discountprijs. Ik heb zo mijn twijfels. Meer twijfels heb ik nog over het effect van deze maatregel. Zou dit écht lijden tot een lagere alcoholconsumptie? Het zou mooi zijn, en wellicht heeft het bij bier enig effect. Je weet maar nooit. Maar het zou me niet verbazen als dit weer zo’n maatregel is die door goedbedoelende ambtenaren en politici van achter een bureau is verzonnen, maar die in de praktijk weinig effect sorteert.

Ronald de Groot

 

Columns

Overpeinzingen: De kracht van IGP

Als je door een Franse supermarkt loopt, valt je gauw op hoe Fransen hechten aan de herkomst van hun producten. Een tikje chauvinistisch zijn ze daarbij wel. Vooral het feit dat de etenswaren uit Frankrijk zélf komen wordt meestal breed uitgemeten. Vooral bij producten als vlees. Maar ook als iets uit het buitenland komt, wordt dat keurig vermeld. Eerlijk gezegd was ik zelfs een beetje verbaasd dat er Nederlandse kaas in het schap lag met de vermelding ‘Gouda IGP’. Het heeft lang geduurd voor de Fransman zijn in eigen land geproduceerde ‘Goeda’ opgaf, maar dat hebben die Hollandse kaasboeren toch maar mooi voor elkaar! Kaas met een beschermde herkomstbenaming uit Nederland. Voor ons bijzonder, voor Fransen heel gewoon.

De IGP, of wel de ‘Indication Géographique Protégée’, is in de Languedoc, waar ik op dit moment verblijf, een belangrijke herkomstbenaming voor de lokale wijnen. Ooit was het ‘Vin de Pays’, maar de afkorting ‘IGP’ is daar een slimme vervanging van. Het oogt wat neutraler dan ‘landwijn’. Vermoedelijk zijn er veel consumenten die het onderscheid zelfs niet kennen tussen IGP en AOP (Appellation d’Origine Protégée). De regels voor AOP zijn strenger, dus heeft die een hogere status. Maar de IGP’s van de Languedoc hebben hun IGP slim gebruikt voor het maken van goede en betaalbare wijnen. En zelfs wijnen met prestige.

Ik spreek hierover met François Teisserenc als we door de wijngaarden lopen van het Domaine de l’Arjolle, het wijngoed van zijn familie in de Côtes de Thongue, tussen Montpellier en Beziers. Wat een opluchting, het kan weer! Op mijn vraag of de Côtes de Thongue zou moeten promoveren van IGP naar AOP, is zijn antwoord stellig: ‘voor geen goud. We zouden de vrijheid missen.’ Zijn vader plantte al zinfandel in de jaren negentig, toen dat nog helemaal niet mocht. Op dit moment zijn er zelfs plannen om pinotage neer te zetten. De wijngaard met carmenère staat er perfect bij. Deze werd neergezet nadat zijn oom de druif in Argentinië had ontdekt. Blends tussen sauvignon en viognier of van cabernet met syrah zijn in de appellationwijnen van de streek streng verboden. Niet in de IGP. Zo kun je eigentijdse wijnen maken zonder de klassiek-Franse belemmeringen. Dat is de kracht van de IGP. Een groot succes. De Franse regelneven zouden er misschien iets van kunnen leren.

Ronald de Groot

Columns

Overpeinzingen: De schijn bedriegt

Heerlijk! Eindelijk zijn we weer op onze vertrouwde stek, in de Languedoc. Dat heeft lang geduurd, we waren hier een jaar geleden voor het laatst. Niets om over te klagen, maar wel heel fijn dat het weer kan, nu Frankrijk sinds 9 juni weer open is voor toeristen. Het mag bijzonder heten dat de Franse staatssecretaris van toerisme afgelopen week zelfs speciaal naar Nederland kwam om te vertellen dat Frankrijk ‘zijn’ Nederlandse gasten – normaal gesproken 5 miljoen per jaar – graag weer met open armen ontvangt. Dus dat we onze caravan in balans brengen met een grote zak aardappelen of – zoals in in mijn geval – de auto vol stoppen met wijn, vinden de Fransen plotseling niet zo erg meer.

Omgekeerd zit Nederland niet te wachten op landgenoten die terugkomen uit Frankrijk, ondanks het feit dat het aantal positieve tests per 100.000 inwoners in Frankrijk lager ligt dan in Nederland – om over de Languedoc maar te zwijgen. Vooralsnog zal ik bij terugkomst dus met mijn twee vaccinaties nog tien dagen in quarantaine moeten, terwijl in Nederland het festivalseizoen al weer losbarst. De coronawereld hangt niet van de logica aan elkaar, maar dat is inmiddels een open deur. Nou ja, ik hoop maar dat Frankrijk voor onze terugkomst op ‘geel’ springt, dat zou toch wat ongemak schelen.

Hier door de wijngaarden rijden levert een vreemde ervaring op. Op het eerste gezicht ziet alles er heel ‘normaal’ uit. Mooi groen, keurig onderhouden, alsof er niets aan de hand is. Maar bij nadere beschouwing hangen er maar heel weinig trossen aan de stokken. En bovendien, wat er hangt, zijn (nog) geen echte trossen, maar net uitgebloeide druiven. Dat is natuurlijk heel ongewoon voor de tijd van het jaar, half juni. Hieraan kun je zien dat de stokken door de vorst van eind april zwaar zijn getroffen. De oorspronkelijke scheuten zijn verloren gegaan, en dit zijn de tweede, nieuwe uitlopers. Veel minder dus, en het is de vraag of de druiven op tijd rijp zijn. Wel verschilt de schade per perceel, onder andere door verschillen in druivenras. Het ene ras loopt later uit dan het andere, en reageert ook weer anders op schade door vorst. Dat houdt in dat het voor producenten nog steeds niet helemaal in te schatten valt hoe groot de schade straks zal zijn. Maar dat sommigen gauw 60-70% van hun oogst moeten afschrijven, lijkt wel zeker. Voor degenen die veel exporteren, en dat zijn er hier niet weinig, zal dat problemen gaan geven met de levering van de wijnen aan hun vaste klanten in het buitenland. Een oplossing zou kunnen zijn om druiven bij te kopen, maar tegenwoordig zijn de druiven uit dit gebied zeer gewild, ook bij de handelshuizen en de coöperaties van de streek. Daar kom je niet zomaar tussen. Ik ben benieuwd hoe ze dit gaan oplossen.

In het verleden werd me nog wel eens gevraagd of ik het leuk zou vinden zelf een wijngaard te beginnen. Als ik naar dit soort ellende kijk, dan weet ik maar al te goed waarom mijn antwoord altijd luid en duidelijk was: ‘Nooit van mijn leven!’ Ik geniet dus nog maar even van het warme weer en het uitzicht over de groene wijngaarden.

Ronald de Groot

Columns

Overpeinzingen: De ondraaglijke lichtheid van het rosé-bestaan

De Provence heeft het goed voor elkaar. De rosé van het Franse zuiden is immens populair, vooral in de Verenigde Staten. Beroemdheden struikelen dan ook over elkaar om een optrekje in de streek te bemachtigen. Dat gaat echter niet zonder slag of stoot. Zo meldde de burgemeester van het stadje Brignoles begin mei vol trots dat het Domaine du Canadel in zijn gemeente in het bezit zou komen van acteur George Clooney. De Nespresso-miljoenen (en de Diageo-opbrengsten) moeten blijkbaar érgens in geïnvesteerd worden. Clooney trad in de voetsporen van andere beroemdheden, zoals Brad Pitt en Angela Jolie (Château Miraval) en filmregisseur George Lucas (Château Margui). Maar helaas, het bejaarde Australische koppel Richard en Diana Wiesener zouden het domein van 170 hectare – vraagprijs € 7 miljoen – al hebben verkocht aan een andere gegadigde, zo bleek op 10 mei, toen de aankoop door Clooney door een advocaat werd betwist bij het tribunaal van Draguignan. Naar het schijnt zal het nog lang kunnen duren voordat de rechtbank hierover gaat beslissen, volgens het Franse recht zeker een jaar tot mogelijk wel vier jaar. Op het domein vinden we een 18e eeuws herenhuis, een zwembad en een tennisbaan. Maar ook een aantal hectare wijngaarden, die wellicht ook de interesse van de acteur hebben. Maar Clooney zal dus nog even geduld moeten oefenen.

Het is wel een mooi voorbeeld van de populariteit van deze streek, en ook zijn rosé. Wij proefden de afgelopen tijd flink wat van deze rosé voor onze editie #5. Wat opvalt is dat de kleur jaar op jaar lichter en lichter wordt. Een gevolg van de mode, die vraagt om steeds lichtere kleuren – op dit moment althans. Bij de proeverij merkten we op dat je blind bovendien de wijnen soms niet van witte wijnen kunt onderscheiden. Dat komt omdat je in een deel van de wijnen ook een soort grassige aroma’s aantreft die we kennen van bepaalde Sauvignon Blanc, bijvoorbeeld uit Nieuw-Zeeland. Daar zijn we niet direct enthousiast over, om het eerlijk te zeggen.

Door zijn populariteit is de streek tegenwoordig bijna helemaal rosé gekleurd: meer 90% van de productie is rosé. Dat heeft voor- en nadelen. Voordeel is de focus. De kwaliteit is gestegen, en daarmee ook de prijzen. De streek maakt op het gebied van rosé dan ook echte topwijnen. En wijndrinkers, al is dat waarschijnlijk niet in ons land, zijn bereid de hoge prijzen te betalen. Nadeel is de afhankelijkheid van één type wijn. Als de markt verandert en dit type rosé raakt net zo snel uit de gratie als hij in de mode is gekomen, dan zijn de rapen gaar, want dan zijn er weinig alternatieven voorhanden. Dat is ook een angst in een land als Nieuw-Zeeland, met name in Marlborough. Het imago is zo verbonden met de lokale Sauvignon Blanc, dat producenten bijna niet anders kunnen dan dit maken en verkopen. Zo kunnen landen en streken slachtoffer worden van hun eigen succes. Maar zo lang het goed blijft gaan, hoor je niemand klagen. Ons ook niet. Het wordt nu écht zomer, dus we nemen nog maar een fijn glas rosé – uit de Provence. Proost.

 

Columns

Overpeinzingen: Ruzie. Typisch Frans?

Generaliseren is heerlijk – en gevaarlijk. Denk aan een land als de V.S. We hebben hier de neiging om dat als één geheel te zien. Maar voor wie het immense land enigszins bereisd heeft, weet dat de verschillen tussen de staten onderling heel groot zijn. Zo kwam ik ooit van het wijnminnende Californië in Utah terecht, waar tot mijn verbazing alcohol alleen wordt verkocht in ‘State Liquor Shops’, een heus staatsmonopolie. De winkelier doet je alcoholische versnapering in een papieren zakje, zodat niemand kan zien wat je gekocht hebt. Maar in het diepe zuiden is het nog strenger. Daar kwam ik in Tennessee ooit zelfs terecht in een volledig ‘drooggelegd’ gebied, waar je voor een biertje een kilometer of vijftig verderop moest zijn. Rare jongens, die Amerikanen. En totaal verschillend.

Zo bezien zijn de culturele verschillen tussen de Europese landen niet eens zó groot. Maar dan toch ook wel groter dan we vaak denken. Zo denken Nederlanders vaak dat het een deugd is om direct te zijn. Maar deze directheid wordt in het buitenland – zoals in Frankrijk – vaak gezien als een vorm van onbeschoftheid. Een ander in het oog lopend verschil tussen Frankrijk en Nederland zit ‘m in het zoeken naar compromissen. In Nederland wordt het compromis niet geschuwd – het woord ‘polderen’ komt niet uit de lucht vallen. In Frankrijk wordt een compromis snel gezien als een nederlaag. Daar zien we geen poldermodel, maar een conflictmodel.

Een mooi voorbeeld is de ruzie die nu is uitgebroken tussen de FNAB (Fédération Nationale d’Agriculture Biologique) en de organisatie die verantwoordelijk is voor de certificering voor de HVE, de Haute Valeur Environnementale. Aanleiding is de aankondiging van de Franse minister van landbouw op 21 mei dat de biologische wijnboeren en de HVE-gecertificeerden aanspraak zouden kunnen maken op dezelfde subsidies, bedoeld om landbouw te verduurzamen. Daarop lekte een rapport uit, waarin het OFB, het Office Français de la Biodiversité, volgens ingewijden zou concluderen dat het HVE-certificaat in veel gevallen geen duidelijk positieve invloed zou hebben op de verduurzaming van de wijnbouw. Oeps. De vereniging van bio-boeren vindt het daarmee oneerlijk dat ‘hun’ geld naar HVE-domeinen gaat.

Hoe dan ook, het legt de problemen van verduurzaming genadeloos bloot. Biologisch boeren is duur, onder andere door onkruidbestrijding en is formeel niet per se duurzaam, in elk geval niet officieel. Zeker niet in regenachtige wijngebieden, waar in een nat voorjaar continu met de tractor uitgerukt moet worden om koper te spuiten. HVE heeft dan kennelijk weer andere problemen. In de eerste plaats zijn veel consumenten niet met dit keurmerk bekend. En blijkbaar zijn de regels voor HVE volgens dit rapport helemaal niet streng genoeg, onder andere voor het gebruik van pesticiden, middelen om ongedierte te bestrijden.

Het treurige van deze discussie is dat deze niet gaat over hoe écht duurzamer te werken, als bio-boer of als HVE-producent. Maar dat het alleen maar ontaardt in een platte ruzie over (subsidie)geld, het slijk der aarde. Dat is een heel deprimerende conclusie, want hier wordt de aarde niet beter van, en de consument ook niet.

Ronald de Groot

Columns

Overpeinzingen: Bordeaux 2020, online werkt ook

Vorig jaar was het nog onwennig. Een primeurcampagne van de nieuwe oogst Bordeaux zonder proevers ter plekke. Er moest geïmproviseerd worden, monsterflessen verzonden, en zo moest de oogst van 2019 worden verkocht zonder fysieke ontmoetingen met de wijnmakers en château-eigenaren. De impact van de covid-crisis kwam voor iedereen als een verrassing. Zelf had ik mijn agenda helemaal klaar, van dag tot dag, met afspraken op alle belangrijke châteaux en met alle belangrijke proeverijen helemaal ingepland. Pijnlijk als dat de prullenbak in kan, maar uiteraard onvermijdelijk.

Dit jaar ging het anders. We waren in zekere zin voorbereid. Je houdt altijd hoop dat je toch kunt gaan, en die mogelijkheid heb ik wel een tijdje opengehouden. Maar een agenda, met afspraken ter plekke, heb ik nooit gemaakt. Ook in Bordeaux was het anders. Je voelde wel dat je komst heel gewenst was, maar er was ook veel begrip voor de thuisblijvers. Sterker, het verzenden van proefflessen liep van het begin af aan op rolletjes. Sommigen hadden zich aangepast, en verzonden hun wijnen in buisjes van 100 ml met schroefdop, handzaam in de verzending en genoeg om de wijn goed te kunnen beoordelen. Het is natuurlijk ook commercieel belangrijk, want bij de primeurverkoop gaat voor de grote namen veel geld om. Er kwamen hier dan ook ruimschoots meer proefmonsters binnen dan vorig jaar, en toen al vond ik dat het goed was gelopen.

Vooral interessant voor u als lezer is uiteraard het antwoord op de vraag hoe goed 2020 is, en daarnaast of het de moeite waard kan zijn de wijnen in primeur te kopen. In mijn artikel en de proefnotities in het komende nummer van Perswijn ga ik hier uiteraard uitgebreid op in. Maar als geheel is 2020 als wederom een goed jaar, ondanks extreme weersomstandigheden. Vooral op de beste terroirs zijn goede wijnen gemaakt, die uitblinken in finesse, elegantie en rijpe tannine.

Dat is naar mijn smaak ook de verklaring dat een primeurcampagne alsnog kan slagen, ondanks de covid en ondanks dat proeverijen niet te plekke kunnen plaatsvinden. Kopers zijn onder deze omstandigheden alleen geïnteresseerd als de kwaliteit goed is. Een andere belangrijke voorwaarde is -uiteraard- dat de prijzen niet te extreem zijn. Dat was bij de jaargang 2019 gelukkig het geval, en het lijkt er op dat dit ook geldt voor de jaargang 2020, die nu wordt aangeboden. Wat meespeelt, is dat de dollar de laatste tijd is gedaald, zodat de speelruimte door de Amerikaanse markt wat beperkter is. De Amerikanen betalen in dollars liever niet véél meer dan vorig jaar.

De campagne is inmiddels begonnen, en het lijkt redelijk goed te gaan. De eerste releases laten echter wel prijsverhogingen zien ten opzichte van 2019, die tonen dat het de Bordelais niet aan vertrouwen ontbreekt. Vroege releases van Angélus, Pavie, Cheval-Blanc en Léoville-Barton zitten ruim 10% boven de prijs van vorig jaar, maar de prijzen zijn nog altijd lager dan van de dure jaargangen als 2015 en 2016. Angélus en Léoville-Barton zijn voorbeelden van heel geslaagde ’20-ers. Voor de liefhebber kan 2020 een goed jaar zijn om te kopen. We houden u op de hoogte.

Ronald de Groot

1 2 3 63
Page 1 of 63