Columns

overpeinzingen op maandag-Ronald de Groot
Columns

Overpeinzingen op maandag: Inwisselbare genotsmiddelen

Als je op reis bent, is het leerzaam te ervaren hoe in andere landen wordt omgegaan met drank en andere genotsmiddelen. In veel landen mag je eigenlijk niet openlijk drank kopen. In de V.S. bijvoorbeeld wordt drank eerst keurig in een papieren zakje gedaan voor ze je er de winkel mee uitsturen. Stel je voor dat iemand ziet dat je een fles alcoholhoudende drank hebt gekocht. Op veel plekken in dat land is er op zondag helemaal geen drank te koop, zelfs niet in bars. Een wapen overigens wel, dat kun je altijd aanschaffen.

Opvallend is ook dat er staten zijn waarbij het monopolie van de verkoop van alcoholhoudende dranken bij de staat ligt. Dat is niet alleen het geval in het Mormoonse Utah, maar nota bene ook in Pennsylvania. Vreemd. De staat laadt de verdenking op zich, dat het om het geld gaat. Dit monopolie zien we terug in andere landen en staten, zoals Ontario, Zweden en Finland. Je zou denken dat dit uit de tijd is, de staat die drank verkoopt, maar dit soort systemen houden stand. Blijkbaar wordt het geaccepteerd. In wetenschappelijk onderzoek valt weinig verband te ontdekken tussen restrictief alcoholbeleid en de hoeveelheid genuttigde drank. Maar goed voor de staatskas is het vast wel.

Wat wel invloed heeft op het alcoholgebruik, is de legalisering van softdrugs, zo blijkt. In Colorado, waar softdrugs inmiddels al enige tijd legaal zijn, is de verkoop van wijn met zo’n 20% gedaald. Een onverwacht, maar wellicht begrijpelijk effect. Blijkbaar wordt wijn niet alleen gedronken door wie van een goed glas houdt. Verrassend? Misschien niet. Maar het geeft wel aan dat alcohol ook ingeruild kan worden voor een ander genotsmiddel.
Met spanning wordt uitgekeken naar de verkoopcijfers van wijn in Canada, waar in september ook de softdrugs zijn gelegaliseerd. Voor de wijnproducenten kan de markt zomaar verschuiven, met alle gevolgen van dien. Voor de staat Ontario maakt het weinig uit. De staatswinkels verkopen nu ook gewoon hasj, naast wijn. Nou ja, het schijnt dat ze de vraag niet zo goed aankunnen. Dat is wat je noemt staatsamateurisme.
Maar de bottomline is duidelijk: voor een deel van de consumenten is wijn een geheel inwisselbaar genotsmiddel.

Ronald van Groot

overpeinzingen op maandag-Ronald de Groot
Columns

Overpeinzingen op maandag: Onbegrensde mogelijkheden

Reizen door Australië is fascinerend. Als je na drie uur vliegen van Adelaide naar Perth de landing inzet, besef je nog maar eens dat het niet alleen maar een land is, maar ook een continent. Met als consequentie dat de wijngebieden die je bezoekt wijnen maken met een totaal uiteenlopend karakter. En je kunt hier ook maken wat je wilt, met de druif die je wilt, de opbrengsten en plantdichtheid die jou goeddunken -bedenk het maar. Geen beperkingen. Onbegrensde mogelijkheden. Franse en Italiaanse wijnboeren zijn er maar wát jaloers op.

Nou ja, onbegrensde mogelijkheden, de Europese Unie wil nog wel eens moeilijk doen. Je moet je bij export naar de unie, en liefst wereldwijd, aanpassen aan de herkomstbenamingen van de Europese Unie. Dus als we hier in Seppeltsfield langs vaten ‘port’ lopen, dan mag dat bij de export beslist niet zo genoemd worden. Daar kun je op mopperen, maar goedbeschouwd heeft de Unie hierin goed werk gedaan. Het feit dat herkomst gedefinieerd is, niet alleen geografisch, maar ook qua druiven en veel andere zaken, heeft ook veel gebracht, dat wordt gemakkelijk vergeten. Overigens gelden die niet alleen voor wijn, maar voor talloze andere producten. Als je feta koopt, dan weet je dat dit een Griekse kaas is, gemaakt op basis van geiten- en schapenmelk. Je mag hem in Denemarken gerust namaken, maar hem alleen geen feta noemen -vroeger wel.

Bij een proeverij van mousserende wijnen in Adelaide Hills, ten oosten van Adelaide, voelde je bij de aanwezige producenten bijna het verlangen naar een beschermde herkomstbenaming. Ze hadden domweg geen flauw idee hoe ze hun mooie, flesgegiste mousserende wijnen zouden moeten onderscheiden van goedkope alternatieven van matige kwaliteit. De aanduiding ‘Australian Sparkling’ is vogelvrij. Grote producenten brengen onder die benaming wijnen op de markt die maar een half jaar op fles zijn gerijpt. Dat deze producenten in Adelaide Hills hun wijnen veel langer op fles laten rijpen, kunnen ze naar de wijndrinkers met geen mogelijkheid communiceren. Termen als ‘classic method’ zijn evenmin beschermd. Een eigen appellation, met strengere eisen zou hier de oplossing zijn. Maar die zal er niet snel komen. Het blijft tenslotte Australië, land van onbegrensde mogelijkheden. Maar vooral voor de grote jongens. Kortom, appellations zijn toch zo gek nog niet. Mits met mate toegepast.

Ronald de Groot

overpeinzingen op maandag-Ronald de Groot
Columns

Overpeinzingen op maandag: Afsluiting

Op het moment dat ik dit schrijf, ben ik in Barossa Valley. Geen slecht moment. Even genieten van lekker voorjaarsweer, met een graadje of twintig. En natuurlijk inspiratie opdoen voor mooie verhalen. Australië is niet alleen maar een land van grote wijnmerken. Ook hier vind je kleine producenten die mooie wijnen maken en die vernieuwend bezig zijn.

Een van de hot topics hier is het al of niet gebruiken van schroefdoppen voor de topwijnen. Hier komt een venijnig trekje om de hoek kijken. Eigenlijk voelen alle wijnmakers hier zich achtergesteld door de kurkproducenten. Werkelijk iedereen zegt dat de kurken die -met name- de Portugese kurkproducenten naar Down Under sturen inferieur zijn. Veel slechter dan die aan Europese producenten worden geleverd. Dit is typisch zo’n verhaal dat door journalisten lastig te controleren valt. Het bewijs dat wordt aangevoerd, is dat ‘iedereen het zegt’. Tja. Dat kan gelden voor elke complottheorie. Het kan ook waar zijn. Ik weet het echt niet.

Feit is wel dat het er toe heeft geleid dat waarschijnlijk meer dan 95% van de Australische wijnen met schroefdop wordt gebotteld, dus ook veel (rode) topwijnen. Voor ons als proevers ideaal. We krijgen wijnen te proeven die al meer dan tien jaar op schroefdop zijn bewaard. Het resultaat is verbluffend. De wijnen rijpen wel, maar houden veel van hun fruit vast, en zijn in een uitstekende conditie. Dat is veelbelovend. Schroefdoppen doen het heel goed. De Australiërs zeggen ook dat de consistentie groter is: je ziet amper flesverschillen, zoals wel bij kurk.

Ik ben benieuwd wanneer we (buiten Oostenrijk) in Europa hoge kwaliteit rode wijnen met schroefdop op de markt krijgen. We roepen wel dat we schroefdoppen prima vinden, maar gaan we een fles Mouton-Rothschild accepteren met een schroefdop? Dat is een leuke vraag. Dat zal nog wel een tijdje duren, zo valt te vrezen. We zullen dus voorlopig nog moeten accepteren dat deze bijzondere wijnen na een flesrijping van pakweg 20 jaar fles voor fles anders zijn. Wel spannend natuurlijk. Behalve bij Vintage Port. Want we weten natuurlijk best dat de Portugezen hun beste kurken gewoon zelf houden…

Ronald de Groot

overpeinzingen op maandag-Ronald de Groot
Columns

Overpeinzingen op maandag: De gevolgen van de Brexit werpen hun schaduw vooruit

Een bezoek aan Shanghai, zoals ik dat vorige week heb gebracht, is vooral heel ontnuchterend. Hier in Nederland proberen we iedereen aan mooie wijnen te helpen. Wij zitten wat ze noemen in een ‘ontwikkelde markt’. Een markt waarin de wijndrinkers zoeken naar goede wijnen voor een goede prijs. Voor veel wijnproducenten betekent het dat er weinig eer aan te behalen valt. Het valt niet te verwachten dat de wijnconsumptie zal stijgen. Als je iets wilt verkopen, zul je iemand anders van de markt moeten verdringen.

Nee, dan de landen waar de consumptie nog laag is, en de interesse groeit. Dat zijn vaak ook landen waar nu veel sterke drank wordt genoten, en langzaam wordt overgestapt op wijn. Voorbeelden zijn landen als Polen, Zuid-Korea, en natuurlijk China, waar de consumptie meestal tussen de 1 à 2 liter per hoofd van de bevolking ligt. Nog even wat anders dan de pakweg 22 liter die wij gemiddeld per persoon wegwerken.

En iedereen is het er over eens dat de meest hopeloze markt ter wereld het Verenigd Koninkrijk is. Daar willen ze voor een penny op de eerste rang zitten. Niets betalen, en toch mooie wijn. Dan liever naar China. Daar komt bij dat de Brexit zorgt voor de nodige onzekerheid. Als er een harde Brexit komt -en dat kan zomaar- dan zijn er in één klap geen regels meer voor de etikettering van wijn, want die hebben de Engelsen zelf niet, dat zijn EU regels. De man in the street beseft niet wat de consequenties hiervan zijn, zelfs politici niet. Best vreemd eigenlijk. De Brexit gaat natuurlijk niet alleen maar over wijn. Maar als de Londenaren straks hun glaasje prosecco moeten missen, of de klassieke wijndrinkers hun claret, dan zal pas écht duidelijk worden dat het misschien beter toch bij een remain had kunnen blijven.

Ronald de Groot

overpeinzingen op maandag-Ronald de Groot
Columns

Overpeinzingen op maandag: De Chinezen komen

Zo, dat was even spannend. Ik ben vrijdag afgereisd naar China, naar Shanghai om precies te zijn. Dus deze overpeinzing komt van achter ‘the great Chinese firewall’. Even vroeg ik me daarom af of het wel zou lukken, met mijn zeventigste overpeinzing. Google en Whatsapp zijn hier volledig geblokkeerd, dus ook gmail. Men houdt er hier niet zo van, het is genoegzaam bekend. Gelukkig is er het VPN, het virtual private network, om via een omweg toch te komen waar je wilt. Dus kan ik mijn stukje gewoon de wereld insturen. De techniek staat voor niets.

Een verblijf in Shanghai stemt nederig. Het is een stad met 24 miljoen inwoners, met overal hoge woontorens. Uniformiteit is troef, het blijft natuurlijk een land van communisme en planeconomie. Als ze allemaal wijn zouden drinken, zou er niet veel voor ons overblijven. Op dit moment bestaat nog slechts 10% van de hoeveelheid alcoholische dranken die in China wordt gedronken uit wijn. Chinezen zijn vooral dol op hun sterke drank, baijzu. Maar de groei zit er flink in bij wijn. In tien jaar tijd is de import van wijn vertienvoudigd, tot bijna 3 miljard dollar.

Een bezoek aan shopping malls en wijnrestaurants in Shanghai is dan ook heel leerzaam. Het leert je vooral dat Chinezen houden van bekende namen en grote merken. Globalisering in optima forma. Op sommige plekken zou je net zo goed in San Francisco, Vancouver of Cape Town kunnen zijn. Chinatown in San Francisco geeft je soms een meer authentiek Chinees gevoel dan veel plekken in Shanghai. Je struikelt hier over de Starbucks en H&M. De wegen zijn vol met Volkswagens. Op wijngebied zijn Chinezen ook al liefhebbers van bekende namen en merken. In het chique wijnrestaurant Napa wine bar & kitchen zien we een indrukwekkende wijnkaart. En tegelijk is hij volstrekt risicoloos, zonder een spoortje avontuur. Wie zich afvraagt waar al die flessen Lafite, Mouton en Pétrus blijven, hoeft maar even hier rond te kijken. Dat verklaart ook de hoge prijzen die voor dit soort flessen moeten worden betaald -ook bij ons. De exportmanager van Opus One vertrouwde me ooit eens toe, dat hij een aanbod kreeg van een supermarktketen in een Chinese provincieplaats, dat hem in staat zou stellen de hele oogst van Opus One in één keer te verkopen. Hij moest het aanbod beleefd weigeren. Want dit soort merkwijnen zweert bij internationale distributie. Bovendien zou hij dan geen baan meer hebben. Dit is natuurlijk een extreem voorbeeld. Maar het zegt wel iets over de impact die de Chinese wijnmarkt kan hebben op de wereld-wijnmarkt en de prijzen voor vooral hoge wijnen. De Chinese markt is natuurlijk heel aanlokkelijk, al is het maar vanwege de goede prijzen die hier betaald worden. Dus deze ontwikkeling houdt nog lang niet op. We zeggen wel eens gekscherend ‘de Chinezen komen.’ Maar dat is al lang niet meer zo. Ze zijn er al.

Ronald de Groot

overpeinzingen op maandag-Ronald de Groot
Columns

Overpeinzingen op maandag: Gevestigde belangen

Naar aanleiding van mijn vorige overpeinzingen, over de invloed van de klimaatveranderingen op de kwaliteit van bepaalde wijnhellingen, kreeg ik een aardige reactie. Waarom wordt er nooit eens gesproken over een verandering van de classificaties? Want daar zou inderdaad alle reden voor zijn. Meerdere redenen zelfs. De klimaatverandering is er eigenlijk maar één van. Andere redenen kunnen zijn dat bij eerdere classificaties fouten zijn gemaakt. Of dat een classificatie zo oud is, dat hij gewoon achterhaald is, of ten dele achterhaald. De classificatie van 1855 werd gemaakt toen een deel van de Médoc nog maar net ontwikkeld was. Wijngaarden in het noorden, ver van de stad af, hadden nooit de gelegenheid gehad zich te bewijzen, zoals Sociando-Mallet. Bij de classificatie van de Graves in 1959 zagen sommigen het nut niet, of waren ze niet in staat zich te classificeren, zoals La Louvière of La Garde. Op het moment dat besloten werd om de Pouilly-Fuissé premiers crus te geven -ze komen er aan- was duidelijk dat sommige wijngaarden van Pouilly-Fuissé ten onrechte de appellation hadden -ze waren eigenlijk niet goed genoeg. En tegelijk dat sommige wijngaarden onterecht buiten de appellation lagen – ze waren gewoon heel goed.

De rode draad bij al deze foutjes in de classificaties is uiteindelijk dat de animo om ze te corrigeren zeer gering is. Dat heeft veel te maken met eerdere veranderingen in classificaties, met name die in Saint-Emilion in 2006 en van de Crus Bourgeois van de Médoc. Dat leverde veel rechtszaken op, die vaak nog werden gewonnen ook. Iedereen vindt het leuk om te promoveren. Maar gedegradeerd worden, nee, dat kan echt niet. Desnoods via de rechter. Het heeft de lust om nog veranderingen aan te brengen in classificaties flink doen afnemen. Dus het zijn, helaas, vooral politieke redenen om classificaties te laten zoals ze zijn. Onterecht. Maar het komt er op neer dat de gevestigde belangen gewoon te sterk zijn.

Ronald de Groot

overpeinzingen op maandag-Ronald de Groot
Columns

Overpeinzingen op maandag: De verborgen impact van klimaatverandering

Hoewel de kou nu even terug is, bracht 2018 vooral warmterecords. Weerkundigen zeggen dat een record altijd mogelijk is en blijft. Maar dat zoveel records op rij toch wel in verband moeten worden gebracht met de opwarming van ons klimaat. De impact hiervan kunnen we wel begrijpen, maar tegelijk is het lastig helemaal op waarde te schatten wat de exact consequenties zijn. Zeker is dat de producenten die zich bewust zijn van wat er komen gaat, daar nu al rekening mee houden. Zoals in de Médoc, waar oplettende producenten hun merlot inruilen voor cabernet franc op plekken waar dat mogelijk is, dat wil zeggen op geschikte ondergronden. De merlot heeft de afgelopen jaren een slecht track record op de linker oever. De percentages merlot in de grand vin vertonen dan ook een duidelijke trend: omlaag.

Tijdens de proeverij van Ahr-wijnen, die we vorig weekend organiseerden, had ik hierover een interessant gesprek. Net als in de Bourgogne, of in de Elzas, bestaat hier een systeem van grands crus. In Duitsland, dus ook in de Ahr, zijn dat de ‘Große Gewächse’, in dit geval opgetuigd door de VDP. Dit is, heel logisch, gebaseerd op historische resultaten. In noordelijke gebieden als de Ahr komen de beste wijnen vaak van de warmste hellingen. Maar in recente jaren blijkt de bestaande hiërarchie niet altijd meer te kloppen. Hellingen die wat koeler zijn, blijken dan in de praktijk beter te presteren dan de warmste plekken. De conclusie moet zijn dat de klimaatopwarming het classificatiesysteem wel eens op zijn kop kan gaan zetten. Voor wijnliefhebbers een belangrijke wetenschap. Het vertelt ons dat we niet klakkeloos moeten afgaan op bestaande classificaties. Als je een beetje oplet, kun je mooie flessen kopen van iets minder fameuze wijngaarden, terwijl anderen zich verdringen om de grote namen. Ook bij het kopen van Bordeaux kun je van deze kennis gebruik maken. Bijvoorbeeld door het kopen van wijnen van meer noordelijke wijngaarden in de Médoc in plaats van de bekende Grands Crus Classés. Of uit het koelere oostelijke deel van van Saint-Emilion, in plaats van rond het stadje, waar de Premiers Grand Crus Classé’s zich bevinden.

Maar de consequenties strekken uiteraard verder. In de streken zelf zal men het niet zo gauw toegeven, maar uiteindelijk zal de waarde van bestaande classificaties door de klimaatopwarming onvermijdelijk op losse schroeven komen te staan. Het is maar een van de vele gevolgen die het veranderende klimaat zal hebben. Maar bepaald niet een van de onbelangrijke.

Ronald de Groot

overpeinzingen op maandag-Ronald de Groot
Columns

Overpeinzingen op maandag: smaak

Over smaak valt niet te twisten. Dat blijft ons motto, hoeveel wijnen we ook beoordelen. Ik moest hier aan denken naar aanleiding van de vraag van Lars Daniëls of we dit jaar weer een top 40 van ‘mooiste wijnen’ zouden gaan maken. Ja, dat doen we, was mijn antwoord. En tegelijk in het besef dat het hier om een subjectieve keuze gaat. Wat we ook duidelijk maken.

Bij de notities proberen we zo goed mogelijk een wijn te beschrijven, met al zijn karaktertrekken. Dan kan de lezer zelf bepalen of hij een wijn graag wil kopen of niet. De een houdt van een drogere wijn, de ander van een vleugje restsuiker. Allemaal goed, als de kwaliteit maar goed is, en het door ons goed opgeschreven staat. Een beetje hout, geen hout, veel hout. Een kwestie van goed opschrijven.

Voor deze top veertig ligt dat anders. Dat is meer subjectief. Iedereen draagt een aantal wijnen voor, die uitblinken door hun kwaliteit. Maar die ook passen bij ieders persoonlijke smaak. Een goed voorbeeld is de Extra Old, Extra Brut Champagne van Veuve Clicquot. Een prachtige champagne, die straks wellicht op onze shortlist staat. Maar toen ik deze laatst aan een schoonzoon schonk, was zijn reactie veelzeggend. ‘Ik vind deze champage niet zo lekker. Erg droog.’ En zo is het. Hij is heel gerijpt, en heel droog – de naam zegt het al. Ik schonk hem een zachte Blanc de blancs in. ‘Ha, dit vind ik lekker. Veel fijner.’ Mooi om te zien. Deze blanc de blancs was veel minder complex, maar ook veel minder moeilijk. Zo zie je maar. Een champagne die ik heel mooi vind, is dat niet voor iedereen. Het blijft goed om dit te beseffen. Over smaak valt niet te twisten.

Ronald de Groot

overpeinzingen op maandag-Ronald de Groot
Columns

Overpeinzingen op maandag: De markt dicteert

Afgelopen week bezochten Perswijn-redacteuren Frank Jacobs en Lars Daniëls een paar topdomeinen in de Bourgogne, in het gezelschap van enkele verstokte liefhebbers. Onder andere Domaine Roulot in Meursault en Domaine Ramonet in Chassagne behoorden tot de bezochte domeinen. Ook Leflaive in Puligny werd niet overgeslagen. Nogal decadent, als je het mij vraagt. Nou ja, of eigenlijk ook niet, misschien. Wijn is om genoten te worden, en ook dure wijn is er om gedronken te worden. Het is alleen zo jammer dat er zo weinig van is en dat de hele wereld deze wijnen wil hebben. De reden voor hun hoge prijzen. Helaas wordt de prijs van veel topwijnen bepaald door vraag en aanbod. Je zou ook kunnen zeggen, in sommige gevallen, ‘wat de gek er voor geeft’.

In een nieuwsbrief van Meininger die ik dit weekend onder ogen kreeg, stond hierover een interessante discussie. Er blijken journalisten te zijn die wijnen niet alleen punten geven, maar ook over de wijn zeggen of hij zijn prijs ‘waard’ is -of niet. In het bericht wordt als voorbeeld gegeven dat Engelse journalisten en -wijnhandel dit voorjaar een soort schema hadden gemaakt welke prijzen gerechtvaardigd zouden zijn bij de voorverkoop van de Bordeaux 2017. Toen de prijzen wel omlaag gingen, maar de châteaux het schema verder links lieten liggen, werd moord en brand geschreeuwd dat de wijnen ‘te duur’ waren. Blijkbaar zijn er nog altijd Engelsen die denken dat hun land het middelpunt van de wereld is. Het soort gedachtegang dat ook achter de Brexit zit. Engeland is zó belangrijk, dat andere het niet kunnen negeren. Wel dus. Let’s get real, folks. De tijd van rule Brittania is toch echt voorbij.

Waar het natuurlijk om gaat, is dat de prijzen niet worden gedicteerd door journalisten, maar door de markt. Als er genoeg Aziatische kopers zijn voor de Bordeaux-wijnen, dan gaan de prijzen echt niet verder omlaag. Als wij in Nederland -of in Engeland- geen Lafite 2017 willen kopen voor een prijs van X, maar Chinezen wel, dan gaat deze wijn gewoon naar China. Je kunt niet zeggen of een prijs fair is of niet. Als de Sauternes-châteaux hun wijn aan de straatstenen niet kwijt kunnen, en de prijzen zijn zo laag dat er geen droog brood aan te verdienen valt, dan zeggen ze aan de overkant van het kanaal ook niet dat ze graag wat meer willen betalen, mogen we aannemen.

Kijk naar de aandelenmarkt. Je koopt vandaag aandeel Y, en na een flinke koersval is het de dag er na 10% goedkoper. Was de prijs van de dag er voor een faire prijs, of niet? Voor veel Bourgogneboeren gaat het probleem zelfs verder. Ze willen hun wijnen vaak helemaal niet voor extreem hoge prijzen verkopen. Maar op het moment dat ze relatief goedkoop de deur uit gaan, worden ze over de hele wereld verhandeld voor veel hogere, en soms zelfs woekerprijzen. Waarbij de producenten het nakijken hebben. Niet voor niets zijn er domeinen die hun wijnen verkopen met quota en genummerde flessen om te voorkomen dat ze worden doorverkocht. Wie dat wel doet, wordt van verdere levering uitgesloten. De markt voor topwijnen is hard. Niet anders dan de markten voor andere luxeproducten. We zullen er mee moeten leven.

Ronald de Groot

overpeinzingen op maandag-Ronald de Groot
Columns

Overpeinzingen op maandag: Recenseren & glad ijs

Op dit moment zijn we hard bezig om de laatste hand te leggen aan onze restaurantgids Grootspraak. Dat drukt je met je neus op de feiten. Recenseren van restaurants –of net zo goed van wijnen, boeken of films- is en blijft mensenwerk. En bij mensenwerk worden fouten gemaakt. Bovendien is er altijd een vorm van subjectiviteit in het spel. Als je niet van oesters houdt, dan is het misschien lastig om het bijzondere gerecht van Richard van Oostenbrugge (restaurant 212) te beoordelen, waarbij hij oester op geraffineerde wijze combineert met boerenkool.

Voor mij als wijnrecensent geldt hetzelfde. Ik heb zo mijn voorkeuren. Toch voel ik mezelf in staat wijnen te beoordelen die ik zelf niet direct drink. Als ik een serie van tientallen Sauvignon blancs voor mijn neus krijg –wat me in Blenheim, Marlborough ooit gebeurde- dan kan ik aardig beoordelen welke beter zijn en welke niet. Maar subjectiviteit helemaal uitschakelen, is lastig.

Enige vorm van subjectiviteit is iedereen dan ook vergeven. Zo zijn er tegenwoordig veel proevers die zich keren tegen ‘hout’, als het over wijn gaat. Unoaked Chardonnay is het logische gevolg dat marketeers hier aan geven. Tja. Maar op het moment dat we genieten van een prachtige, houtgerijpte witte Bourgogne horen we er niemand meer over. Hout veroordelen is naar mijn idee vooral modieus, zoals het overigens ooit ook modieus was wijnen met veel hout te prijzen. Het gaat om de balans. Wijnen met veel structuur kunnen meer hout verdragen. De ene druif verdraagt hout veel beter dan de andere. Cabernet sauvignon en chardonnay bijvoorbeeld kunnen er goed mee overweg. Riesling, chenin en grenache minder.

Onlangs werd me een restaurantbeoordeling onder ogen gebracht waarin de recensent schreef over een Savennières Clos du Papillon dat ‘zulke houtbakken uit de tijd zijn’. Naar mijn smaak gaat er dan iets fout. Het gaat er toch niet om of houtrijping ‘uit de tijd’ is? Het gaat er om of de wijn mooi is of niet. Sterker nog, laat de wijndrinker zelf beoordelen of hij/zij veel hout fijn vindt of niet. Het ging hier om een 2006 van Baumard. Onlangs proefde ik de 2007, en die was geweldig. Adembenemend mooi.

De sommelier van het restaurant in kwestie, de Utrechtsedwarstafel, ging er over in discussie met de recensent, en meldde hem dat deze wijn geen houtlagering heeft gehad –wat inderdaad zo is. En toch schrijft deze recensent: ‘chenin zoveel barrique meegeven is zonde’. Je zou denken dat deze onlangs nieuw bij het Parool aangetreden scribent thuis nog even zou hebben nagekeken hoe het zat, vooral omdat hem werd verteld dat de wijn geen houtlagering had gehad. Dit is vrij essentieel, lijkt me. Als ik zou melden dat een gerecht wordt overheerst door kokos, en de chef zou me komen vertellen dat er geen kokos in zit, zou ik me even over het hoofd krabben. Dit is de subjectiviteit voorbij, dit is het berijden van stokpaardjes.

Gelukkig werd de fout in het Parool van afgelopen zaterdag zuinigjes toegegeven, op influisteren van een van onze panelleden. Gemeld wordt dat de getoaste ‘karameltoon’ vaak voor ‘barrique’ wordt aangezien. Natuurlijk kan dat gebeuren. Ik dacht ooit ook dat Dom Pérignon houtrijping kreeg. Niet dus. Maar in dit geval wordt naar mijn smaak toch aan de essentie voorbijgegaan, namelijk dat je een wijn veroordeelt om iets wat er gewoon niet is. Alleen maar om iets waar je niet van houdt. Of je van hout houdt, is subjectief. Of een wijn hout heeft of niet, is objectief. Dit lijkt toch op een vorm van vooringenomenheid die het vak van recensent ondergraaft.

Ronald de Groot

1 2 3 50
Page 1 of 50