Columns

overpeinzingen op maandag-Ronald de Groot
Columns

Overpeinzingen op maandag: De avonturen van een wijnjournalist

Als wijnjournalist moet je van alle markten thuis zijn –althans zo voel ik het. Als je een paar keer naar Bordeaux bent gereisd, word je al snel geafficheerd als ‘Bordeaux-kenner’. Dat vind ik maar niks. Er is meer in de (wijn)wereld dan Bordeaux. Dan maar liever ‘Champagne-kenner’. Oh nee, dat is iemand anders in Nederland al. Daar treed ik helemaal niet in. Laat staan ‘Bourgogne-kenner’. Nee, alle gekheid op een stokje, ik weet beter dan ooit dat het heel moeilijk is een echte ‘kenner’ te zijn. Ik ken mijn plaats. Gewoon ‘wijnjournalist’ is veel leuker. Je komt iets leuks tegen, en dan schrijf je daar over. En dat je in je leven veel wijn hebt geproefd, van waar ook, dat is mooi meegenomen.

Zo kreeg ik afgelopen week een uitnodiging om op een heuse ‘VIP-party’ de nieuwe ‘Red Red Wine’ van de popgroep UB40 te komen proeven. Als lokkertje mochten we daarna het concert in de Ziggo Dome bijwonen. En als we geluk hadden, zouden de bandleden nog even komen uitleggen waarom ze zo van rode wijn hielden. En van hun ‘eigen’ wijn in het bijzonder natuurlijk. Aangekomen op de VIP-party bleek er alleen een Parool-journalist te zijn, die als redacteur van de rubriek ‘Schuim’ was gekomen met het idee dat hij de band even kon ontmoeten en op de gevoelige plaat zou kunnen vastleggen. Dat viel even tegen. We bevonden ons in een soort namaak bruin café in het Ziggo Dome, en we lieten ons uitleggen dat de zanger van UB40, Ali Campbell, al op zijn veertiende druiven ging plukken in Bordeaux. Ondertussen zat onze Parool-collega @hansvanderbeek ongeduldig te wachten op de band, die maar niet kwam. Maar ja, zijn rubriek moest wél vol. En het format is dat er zes foto’s bij moeten staan. Dus in arren moede ging hij ons maar fotograferen. Het vak van society-journalist is hard. Wijnjournalist zijn is veel leuker.

De Zwitser Jerome Jacober van Eminent Wines, de man achter het ‘concept’ van deze artiestenwijn, probeerde het ons ondertussen naar de zin te maken. Hij legde uit dat zijn bedrijf wijnen maakt voor artiesten, die bij ‘de artiest moeten passen’. Zo bleek de zanger van de Who, Roger Daltrey, een groot liefhebber en kenner van Champagne te zijn. Dus werd voor hem, en naar het zeggen van Jerome Jacober ook mét hem, een eigen label Champagne gemaakt, bij het huis Charles Orban in Troissy. In de uitmonstering was de hoes van de LP met de popopera Tommy van de Who verwerkt. We werden nieuwsgierig. Dus tijd om de wijnen te proeven. De champagne van Roger Daltrey bleek een prima glas te zijn, soepel, met een fijne mousse, commercieel gedoseerd op tien gram per liter, maar gewoon aangenaam en genietbaar, met twee jaar rijping sur lattes. Jacober: ‘We verkopen er 100.000 flessen van, vooral de V.S. De opbrengst voor Roger Daltrey gaat naar een goed doel.’ Leuke business. Onze collega hing met zichtbare frustratie op zijn barkruk, in de ijdele hoop dat er nog een bandlid op zou komen dagen. De Red Red Wine was een Bordeaux Superieur van de jaargang 2015, geschonken uit een dubbele magnum. Hij was al even commercieel, ruim voorzien van merlot en van nieuw hout, wel met een vleugje paprika. Ongetwijfeld wederom met een schuin oog naar de Amerikaanse markt. Maar met een oplage van ‘slechts’ 10.000 flessen. We mochten de 2016 proeven, maar die had helaas kurk. Dat had onze Parool-collega niet gemerkt, maar hij was dan ook geen ‘kenner’. Hij trok zijn jas aan, want hij wilde niet meer wachten. Wij maakten ons op voor het optreden, maar daar had hij helemaal geen zin in. ‘Het is niet mijn muziek’. Ach, het was misschien ook niet mijn muziek, maar het was een perfect uitgevoerd optreden en een mooie avond. Hij nam wraak met een stukje over de ‘Jankerds’ van UB40. Nou ja. Iemand afzeiken is een gemakkelijk journalistiek trucje. Dat kan iedereen beheersen. Zelfs een wijnjournalist.

Red Red Wine – UB40

Ronald de Groot

overpeinzingen op maandag-Ronald de Groot
Columns

Overpeinzingen op maandag: Richtingenstrijd

Als kind werd ik al jong geconfronteerd met de consequenties van verschillende geloven. Toen ik zwaar ziek was door de mazelen, kocht mijn moeder op zondag een ijsje voor me. Maar dat mocht zomaar niet. Op maandag kreeg ze van haar gereformeerde buren te horen dat dit toch écht niet kon. Ik geloof niet dat ze het leuk vond, maar ook niet dat ze zich er veel van aan wilde trekken. Geloof is iets persoonlijks, maar helaas wordt het ook gemakkelijk aan anderen opgelegd.

Het lijkt allemaal iets uit het verleden. Maar zelfs de mazelen zijn weer terug, mede onder invloed van allerlei geloven. En streng gelovigen proberen nog steeds anderen hun wil op te leggen. Het bijzondere van een geloof is dat het vaak het beste voor heeft met de wereld en natuurlijk ook met de aanhangers van het betreffende geloof. Maar dat de uitwerking niet altijd de gewenste vorm aanneemt.

Dat lijkt met wijn niet zoveel te maken te hebben. Maar dat is te gemakkelijk. In verschillende islamitische landen mag je om redenen van het geloof geen wijn drinken. Maar de richtingenstrijd gaat verder. Lars Daniëls schreef een stukje voor het volgende nummer van Perswijn waarin dat op een hilarische manier naar voren komt. Veganisten mogen geen biodynamische wijnen drinken, omdat voor het maken van de compost voor de wijngaard koeienhoorns worden gebruikt. Tja, vanuit beide standpunten eigenlijk heel logisch. Zo kan het ene geloof het andere in de weg zitten.

Je moet wat voor je geloof over hebben. Biodynamisch wijnmaken in gebieden met veel regen vraagt veel standvastigheid. Een rotsvast geloof, mogen we wel zeggen. Bij mijn bezoek aan Pontet-Canet, vorige week, verzuchtte eigenaar Alfred Tesseron dat het allemaal niet gemakkelijk was. Met minder dan 10 hectoliter per hectare had hij van zijn biodynamische wijngaard maar eenderde van de ‘normale’ oogst binnengehaald. In 2007, toen er veel rot was, was hij nog gezwicht en had hij conventioneel gespoten om de oogst te redden. Weg certificaat. Met de meeldauw van vorig jaar was hij standvastig gebleven. Hij heeft gemerkt dat een biodynamische Grand Cru Classé het nodige oplevert. Begin jaren tachtig kocht je de wijnen van dit château nog voor een spotprijs bij Albert Heijn. Tegenwoordig moet je er in primeur meer dan € 100 per fles voor neertellen. En zijn 2018 is ronduit prachtig.

Maar, even rekenen. Met een wijngaard van zo’n 80 hectare kan hij bij deze opbrengst nog altijd zo’n 100.000 flessen maken. En met deze verkoopprijs levert dan nog altijd een leuke som geld op. Er zijn boeren in de Bordeaux die het met minder moeten doen. Laten we het zo stellen: hij kan zich zijn geloof in elk geval goed permitteren.

Ronald de Groot

overpeinzingen op maandag-Ronald de Groot
Columns

Overpeinzingen op maandag: Lekker puzzelen op de nieuwe jaargang

Het is confronterend te moeten constateren dat ik dit jaar voor de 30ste keer meedoe aan de
‘primeur’-proeverij in Bordeaux. Mijn ‘eerste’ jaargang was 1988, nu is 2018 aan de beurt. Nou ja,
confronterend, het heeft ook wel wat. En er valt veel te klagen over dit ‘circus’, maar je wilt het ook
niet missen.

De tijd gaat snel, maar tegelijk heeft het je ook de gelegenheid gegeven de nodige ervaring op te
doen, zodat je het een en ander kunt relativeren. Er zijn media die rond deze tijd al luidruchtig via
hun website verkondigen dat ze de eerste wijnen van de nieuwe jaargang met 100 punten hebben
bedeeld. Terwijl iedereen weet dat deze media in het verleden meerdere jaargangen iets te positief
hebben beoordeeld. Maar goed, ieder zijn meug. Als er journalisten zijn die graag direct dit soort
scores willen uitdelen, laten ze dat lekker doen. Maar misschien doen ze het meer voor hun eigen
publiciteit dan voor de betreffende wijn.

Iedereen die een tijdje meeloopt in dit circus, weet dat je met de nodige voorzichtigheid over de
wijnen moet oordelen. Want laten we wel wezen. De wijnen liggen nog op vat. Meestal gaat het
helemaal niet om de definitieve samenstelling. Zo wordt er voor de wijnen vaak perswijn gebruikt,
maar die is nu nog niet ‘klaar’. Die wordt pas later toegevoegd, wat de wijn een ander karakter geeft.
Je hoort het ook van de producenten. Iemand noemt de invloed van barriques, waar de wijn op ligt.
‘Ik heb de wijnen van de associatie afgelopen week geproefd, en het viel me op dat de tannine van
het hout in het algemeen vrij geprononceerd was. Dat moet je je wel realiseren als je schrijft dat
de wijnen harde tannine hebben. Want dit effect gaat straks weer verdwijnen, dan komen de wijnen
beter in balans.’ Zo lacht Alexandre de Thienpont van Vieux Chateau Certan als we vragen of de wijn
al klaar is. ‘Ha ha, dat is hij misschien in juni. Maar ja, niemand komt de wijn in juni proeven. De
traditie om hem nu te proeven kan niemand doorbreken.’ Dat is de reden dat ik met sterren werk.
Dan kun je binnen de jaargang aangeven welke wijnen je als beste beoordeelt. Dat kan dan later, als
de wijnen op fles zijn, nog met punten worden aangescherpt.

Ondertussen puzzel ik vooral op de kwaliteit en het karakter van de jaargang. De producenten
roepen dat het fantastisch is. Natuurlijk. Maar is dat zo, na die stortvloed van regen en problemen
met meeldauw in het voorjaar? En die extreme droogte die daarop volgde? Ik leg de puzzelstukjes
rustig neer, je moet overal luisteren en vooral goed nadenken. Niet te snel oordelen. Want iedere
producent is er ook anders mee omgegaan. Met het bestrijden van de meeldauw. Met de plukdatum.
Met het wijnmaken. Dus eenduidig is het zeker niet. Het voorlopige oordeel over 2018 rood is
voorzichtig positief. Maar… ik puzzel nog even rustig door.

Ronald de Groot

overpeinzingen op maandag-Ronald de Groot
Columns

Overpeinzingen op maandag: Keuze is reuze

Een deel van mijn wijnreizen organiseer ik zelf. Daarnaast neem ik deel aan georganiseerde reizen, meestal met een internationale groep journalisten. Dat kan wel eens vervelend zijn, bijvoorbeeld als een groepslid nooit op tijd verschijnt, maar meestal is het inspirerend. Gelukkig maar, want als je twee weken op reis bent met dezelfde groep, zoals onlangs in Australië, is het wel zo prettig als je een beetje met elkaar kunt opschieten. Een van de interessante onderwerpen van gesprek is de wijncultuur in de verschillende landen. Met enige regelmaat vertellen Scandinavische collega’s me dat in veel restaurants in steden als Kopenhagen en Stockholm alleen maar ‘natuurwijnen’ worden geschonken. Ik vertel dan dat dit in Amsterdam veel minder het geval is.

Hoe het voelt als je alleen maar ‘natuurwijnen’ kunt bestellen, mocht ik afgelopen donderdag aan den lijve ondervinden in Café Modern, een van de trendy restaurants die Amsterdam rijk is. Het bestellen van een lekkere rode wijn bleek daar een zware opgave. Natuurlijk, wat de een lekker vindt, zal de ander niet kunnen bekoren. En als er liefhebbers zijn voor wijnen die ruiken naar een combinatie van een mestvaalt en een glas witbier, dan zijn ze hier aan het goede adres. Prima, mijn zegen hebben ze. Dat was in elk geval zo ongeveer de geur van de fles rood die we bestelden. Op de vraag of er ook iets roods op de kaart stond dat ouderwetse en conventionele wijndrinkers zou kunnen behagen, kregen we van de buitengewoon vriendelijke bediening te horen dat alle rood ‘natuurwijn’ was, en dat de kans niet zo groot was. Tot nul. We mochten nog even aan een rode Beaujolais ruiken, maar dat bracht geen verlossing. Er ontspon zich een discussie over het wijnbeleid. ‘Er zijn toch veel meer gasten die dit soort wijnen niet lekker vinden?’, vroeg ik. Dat werd niet ontkend. Sterker, het antwoord was veelzeggend: ‘Ik heb Frederic (mede-eigenaar Frederic van de Laar, RdG) hier al heel vaak feedback over gegeven. Maar ik heb het gevoel dat hoe vaker ik het zeg, hoe meer hij zijn hakken in het zand zet. Het antwoord is altijd: hier hebben we voor gekozen, en het gaat niet veranderen. Dus ik ben er maar mee opgehouden.’

Tja. Wat moet ik hier van vinden? Ik heb respect voor ondernemers die vasthouden aan hun strategie. Tegelijk voelt het voor mij als een minachting van de gast, die graag verwend wil worden met iets lekkers. De gast die niets van wijn weet, kan in dit geval onaangenaam worden verrast. Maar dat is misschien niet terecht. Elk restaurant heeft recht op zijn eigen stijl, ook in de wijnen die worden geschonken. Voor mij is de consequentie dat ik liever ergens anders ga eten. Ik vind een mooi glas wijn nu eenmaal (te) belangrijk.

Ronald de Groot

overpeinzingen op maandag-Ronald de Groot
Columns

Overpeinzingen op maandag: Doe nog maar een klontje meer, graag

Wat een fijne luxe: lekker van het voorjaar genieten in de Languedoc, tussen de wijngaarden van Saint-Chinian. En ondertussen ontvang je berichten van stormen en striemende regen uit Nederland. En als liefhebber ben ik hier heel bevoorrecht. Zo hoef ik maar twintig minuten te lopen door de wijngaarden om bij mijn ‘buurman’, Stéphane Moulinier, de wijnen van de nieuwste jaargang te kunnen proeven. Hij is een van de betere wijnmakers in Saint-Chinian. De druiven voor zijn betere wijnen komen niet van wijngaarden rond het domein, maar van hoge wijngaarden op de schistes, de leisteen-achtige ondergrond van hogerop in de appellation. Zijn vader plantte daar begin jaren tachtig de eerste syrah van de appellation, toen die druif nog niet was toegestaan. Deze wijngaard staat aan de basis van zijn mooiste wijn, de Terrasses Grillées. De 2016 is meesterlijk lekker. Hij trekt ook de ’94 open, de eerste jaargang, en die is mooi gerijpt, maar nog helemaal goed. Wat een traktatie.

Toch is het niet allemaal zo mooi en prachtig. Hij heeft uit Nederland te horen gekregen dat zijn ‘Tradition’, de basiswijn, ‘te rustiek’ is. Hij is te streng voor de smaak van de Nederlandse klant. Hij laat me de nieuwe jaargang proeven, 2018. Eerst de reguliere versie. Lekker sappig, een goede oogst, met fijne zuren van het terroir. Dan komt een versie in het glas met 1 gram suiker per liter. Toegevoegd om hem soepeler te maken -want dat is hem gevraagd. Het blijft aangenaam drinkbaar, maar het gaat toch al ten koste van de levendigheid en frisheid. Tot slot dezelfde wijn, met 2 gram suiker per liter. Dit komt echt niet lekker over, de toevoeging maakt de wijn vlak. Hij vindt het zelf ook niet lekker. Hij hoopt maar dat niet wordt besloten dat deze het wordt. Op Prowein valt het besluit.

Je vraagt je af of onze smaak steeds zoeter wordt. Zeker is dat in veel Italiaanse ‘droge’ rode wijnen ook suiker zit, en wel meer dan deze twee gram.  Dat geldt ook voor veel ander rood, bijvoorbeeld uit Argentinië of Chili. Wellicht is het een soort gewenning. Ik ben misschien ouderwets, maar ik vind het een aantasting van de smaak. Het is alsof je een schilder vraagt om een traan op zijn schilderij te zetten, omdat je meer ‘emotie’ wilt voelen. Althans, zo ervaar ik het. Saint-Chinian is een droge rode wijn, die helemaal is uitgegist, en die geen restsuiker bevat. Een wijn die je combineert met een gerecht, en die dan niet te hard is. En die aan typiciteit verliest door er suikerconcentraat aan toe te voegen.

Ik ben heel benieuwd hoe de beslissing zal uitvallen.

Ronald de Groot

 

overpeinzingen op maandag-Ronald de Groot
Columns

Overpeinzingen op maandag: De mode voorbij

We zullen het niet zo graag toegeven, als echte liefhebbers, maar ook de wijn kent zijn modes. Of zelfs modegrillen. Wat de ene dag populair is, kan de volgende dag ‘uit’ zijn. Hier moest ik aan denken naar aanleiding van de panelproeverijen van de afgelopen tijd met rode wijnen uit Australië. En ook naar aanleiding van mijn reis naar Down Under, afgelopen november. Australië maakte in de jaren negentig furore met ‘Parker’-wijnen. Machtige wijnen, dik, zoetig, met confiture en veel hout. Dat was toen de mode. Mede onder het motto dat wat Parker zei, ook goed was.

Maar Parker is ‘uit’, en daarmee ook zijn ideeën over hoe een wijn moet smaken. Misschien hebben Europeanen zelfs wel in de gaten gekregen dat de ultieme Parker-wijnen eigenlijk helemaal niet zo interessant zijn, omdat het zware blockbusters zijn. Behalve dan importeurs die nog altijd graag schermen met ‘Parker-punten’, ook al zijn ze afkomstig van de website en/of een van zijn vele discipelen.

Maar ik dwaal af. Met de teloorgang van de klassieke Parker-wijnen kregen de Australische wijnen het moeilijk. Daar kwam de crisis van 2008 nog overheen. De export naar de V.S. kelderde van 960 miljoen dollar in 2007 naar nog maar 360 miljoen dollar in 2013. Australië moest zichzelf opnieuw uitvinden, met wijnen die minder zwaar waren en minder aangezet met veel hout. Dat gebeurde ook, met de trek naar koelere wijngebieden aan de kust of op grotere hoogte.

Toch vond het panel veel wijnen nog erg zwoel en intens, aromatisch en erg rijp. Het komt er op neer dat producenten in streken als Barossa Valley en McLaren Vale hebben ingezien dat je wel kunt streven naar meer elegantie, maar dat het ook geen zin heeft om tot in het uiterste Rhône-wijnen te imiteren. Australië is de zuidelijke Rhône niet. De druiven worden pas fysiologisch rijp bij hogere suikergehaltes. So be it. Juist het imiteren van anderen leidt weer tot het volgen van de nieuwste modegril, en de volgende crisis. Gewoon doen waar je goed in bent, dat is nu het parool. En dat is Australische wijnen maken. Ze hebben gelijk. En de producenten hebben ook ontdekt dat daar een markt voor is. Of wij ze nu lekker vinden of niet.

Ronald de Groot

overpeinzingen op maandag-Ronald de Groot
Columns

Overpeinzingen op maandag: Onderweg naar morgen

Na de prachtige proeverij van de Bordeaux van 2016, afgelopen maandag –meer dan 1000 bezoekers, staan we nu weer met beide benen op de grond. Even afkicken. En even tijd om me voor te bereiden op het volgende event: de primeurproeverij. De Union des Grands Crus de Bordeaux organiseert twee ochtenden waarop de wijnen van de leden kunnen worden geproefd. Maar daarmee is de kous niet af. Want de situatie in Bordeaux is altijd heel complex. En lijkt elk jaar complexer te worden. Want een aantal leden van de UGCB wenst de wijnen niet te presenteren op de gemeenschappelijke proeverij. En dat aantal lijkt steeds te groeien, hoewel sommigen terugkeren in de moederschoot.

Zo viel er een paar weken geleden een mailtje in mijn virtuele brievenbus dat de wijn van Haut-Bages-Libéral (Pauillac) samen met die van Ferrière (Margaux, van dezelfde eigenaar) ter plekke in Pauillac kan worden geproefd. Leuk idee, maar ik heb toch per omgaande een mailtje gestuurd dat ik daar geen tijd voor heb. Zonder overigens een reactie te krijgen. Dat de premiers crus hun wijnen apart willen presenteren, omdat ze bang zijn met het ‘gewone volk’ te worden vergeleken, daar kan ik nog inkomen. En dat sommige tweede crus dat ook doen, zoals Léoville-las-Cases of Ducru-Beaucaillou, daar zijn we inmiddels wel aan gewend. Maar tegenwoordig moet je ook nog apart naar Pichon-Longueville en Léoville-Poyferré, om er een paar te noemen, of naar Conseillante. Allemaal leden van de UGCB, maar duidelijk afvallige leden. Heel irritant.

De kwaliteit van 2018 maakt dit soort gedrag ook mogelijk. Tijdens de proeverij van 2016 fluisterden meerdere producenten me in dat hun 2018 minimaal net zo goed zou zijn als de 2016, en met 2010 en 2016 tot de top drie van hun beste wijnen ooit zou kunnen behoren. Dat maakt het gemakkelijker de wijnen te verkopen. Zeker na de kleine, door de nachtvorst getroffen oogst van 2017. Dat voorspelt ook weinig goeds voor de prijzen van de wijnen. Die zullen er ongetwijfeld niet lager op worden. Dat is Bordeaux. Soms zit het mee, soms zit het tegen. We moeten ons er bij neerleggen.

Ronald de Groot

overpeinzingen op maandag-Ronald de Groot
Columns

Overpeinzingen op maandag: Het feest van Bordeaux 2016

Vandaag viert de Bordeaux in Amsterdam zijn jaargang 2016, afgelopen jaar op fles op de markt gekomen. Bijna 100 châteaux, lid van de Union des Grands Crus de Bordeaux, laten hun wijnen proeven in de Beurs van Berlage. Een unieke gebeurtenis, en uniek om dit te mogen organiseren. Met dank aan mijn équipe. Gelukkig zijn we verhuisd van Krasnapolsky naar de Beurs van Berlage, want het aantal inschrijvingen overtreft alle records.

Het zegt twee dingen: de belangstelling voor de wijnen uit de Bordeaux is veel groter dan menigeen denkt. En het zegt dat de verwachtingen van de proevers voor de oogst van 2016 hooggespannen zijn. Begin januari mocht ik dat zelf ervaren, bij mijn jaarlijkse proeverij van de laatste op fles gebrachte jaargang in Bordeaux. De jaargang is inderdaad van zeer hoog niveau, zeker noordelijk in de Haut-Médoc, rond Pauillac en Saint-Julien. Ook op de rechter oever zijn in 2016 geweldige wijnen gemaakt. Met dank aan een prachtige nazomer.

Goed beschouwd blijft het opvallen dat Bordeaux zichzelf iedere keer opnieuw weet ‘uit te vinden’. Natuurlijk zijn de wijnen krachtiger en rijper geworden, maar ondanks de klimaatopwarming zijn ze toch niet heel zwaar. De streek heeft blijkbaar het vermogen zich aan te passen, door bijvoorbeeld aanplant van meer laatrijpe druiven, zoals cabernet sauvignon, of petit verdot. En natuurlijk door zorgvuldig werk in de wijngaard. Ook zijn er relatief koele terroirs die het beter doen als het warmer wordt, zoals in het oosten van Saint-Emilion of in het noorden van de Médoc. En warmte leidt tot meer waterstress, en meer waterstress zorgt in Bordeaux voor betere wijnen met meer concentratie. Dat is ook precies gebeurd in 2016. Bovendien was het een koeler jaar, met een prachtig najaar. En dat is en blijft het geheim van Bordeaux. Het blijft een streek die je nooit moet afschrijven.

Ronald de Groot

overpeinzingen op maandag-Ronald de Groot
Columns

Overpeinzingen op maandag: Inflatiecorrectie

Een van de vaste onderdelen van ons ‘werk’ is het scoren van wijnen. Geen gemakkelijke klus. Ooit besloten we om voor onze proefnotities te werken met sterren, met een maximum van vijf. Dat gaf -en geeft- ons de vrijheid om aan een wijn ‘in zijn categorie’ de hoogste score toe te kennen -ook al is dat de categorie ‘Supermarktwijnen’. Achteraf vinden we dat nog steeds heel bevrijdend. Het maakt je los uit het keurslijf van ‘internationale’ scores. Bij sommige proeverijen werken we met het oude Franse systeem tot 20 punten, als de verschillen in kwaliteit te groot zijn om in sterren te ‘vangen’.

Tegenwoordig werken veel internationale media met een score tot maximaal 100 punten, een puntenschaal die populair is geworden door Robert Parker van de Wine Advocate. 100 punten lijkt veel, maar in de praktijk krijgen de meeste wijnen een score tussen de 80 en 100. En eigenlijk tel je bij een score van minder dan 90 internationaal eigenlijk niet mee. Dat kan ook beklemmend zijn. Sterker nog, dat is het ook. Onlangs hoorde ik een producent, die voor zijn wijn een score van 100 punten had gekregen, verzuchten dat hij nu niet wist hoe het verder moest. ‘Hoe kan ik ook een betere wijn maken?’ Je zal er maar mee zitten. Het geven van 100 punten aan steeds meer wijnen is  is ook een symptoom van een steeds grotere inflatie in het geven van hoge punten. Producenten spannen zich in om bijzondere icoonwijnen te maken, en critici buitelen over elkaar heen om steeds hogere scores te geven. Tot het niet hoger kan. Het is een ware punteninflatie. Het wachten is op de eerste 100+ scores…

Ronald de Groot

RectificatieIn mijn overpeinzing van afgelopen maandag (18 februari) stond dat Tim Atkin zou worden betaald om de Zuid-Afrikaanse wijnen hoge punten te geven. Tim Atkin heeft mij verzekerd dat hij voor zijn rapport niet wordt betaald. Mijn excuses hiervoor, de informatie bleek niet correct. Bovenstaand een aangepaste versie van mijn overpeinzing.

overpeinzingen op maandag-Ronald de Groot
Columns

Overpeinzingen op maandag: Doemscenario’s

De waarschuwingen vliegen ons inmiddels om de oren. Het is ook bijna niet voorstelbaar. Met de brexit-datum van 29 maart nog maar 46 dagen weg, is er nog altijd geen deal over de manier waarop het Verenigd Koninkrijk de Europese Unie zal verlaten. Als ik naar mezelf kijkt, blijft het nog altijd iets abstracts. Je kunt je moeilijk alle consequenties precies voorstellen. Wellicht was dat ook wel zo bij de kiezers, toen ze over het brexit-referendum stemden. Je kunt wel mopperen op de Europese Unie, maar het is ook goed te weten wat die allemaal doet. Met de nadering van uur u is het toch handig daar iets meer van te weten. Ik ben in elk geval blij dat we geen zaken doen met de andere kant van het kanaal. Volgens de website hulpbijbrexit.nl van VNO-NCW doen naar schatting 35.000 Nederlandse bedrijven zaken met het Verenigd Koninkrijk (VK), maar hebben geen enkele ervaring met douaneprocedures. ‘Na Brexit verandert dit en wordt het VK een zogeheten ‘Derde land’.’ Goedbeschouwd is het ongelooflijk dat de Britse politiek er niet in weet te slagen tot een ordentelijke deal te komen.

Degenen die inmiddels maar al te goed weten wat de consequenties van een no-deal-brexit zijn, zijn wijnboeren die exporteren naar Engeland. In The Guardian stond afgelopen zaterdag een interview met de eigenaar van Château Bauduc in Bordeaux, die bijna 100.000 flessen op jaarbasis naar Engeland stuurt, met onder andere Gordon Ramsey als vaste klant. Eigenaar Gavin Quinney legt uit wat het probleem is. ‘Zonder deal zal Engeland per direct het EMCS verlaten, het electronic excise movement and control system. Dit systeem zorgt er voor dat alcoholhoudende dranken soepel alle grenzen binnen de unie kunnen passeren, omdat het er voor zorgt dat BTW en accijns tussen de landen netjes worden verrekend. Zonder dit systeem gaat het vervoer weer terug naar de oude papierwinkel. Hij vreest het ergste door de no deal. Quinney heeft inmiddels besloten zijn wijn eerder te bottelen en er voor te zorgen dat de klanten in Engeland de wijn voor 29 maart binnen hebben. Hij is niet de enige. Veel wijnboeren in Bordeaux maken zich zorgen. Voor Bordeaux is het Verenigd Koninkrijk de vierde markt, goed voor 24 miljoen flessen per jaar. Dus er staat veel op het spel. Je vraagt je serieus af of al die Britse parlementariërs dit allemaal wel beseffen als ze rollend over straat gaan over de Brexit. We genieten van het schouwspel in het parlement, met de typische Britse welbespraaktheid, maar de consequenties zijn serieus. En die zullen we allemaal voelen.

Ronald de Groot

1 2 3 52
Page 1 of 52