Geweldige Elzassers: het kan dus wél (deel 3, slot) - Perswijn
Achtergrond & Interviews

Geweldige Elzassers: het kan dus wél (deel 3, slot)

Van tijd tot tijd moet je wakker worden geschud. Erachter komen dat je het bij het foute eind had. Een beetje in ieder geval. Dat overkwam me in de Elzas, begin oktober, tijdens een kort maar krachtig bezoek.
Mijn idee van het niveau van Elzaswijnen was de laatste tien jaar flink gedaald en evenredig was mijn waardering van Duitse wijnen gestegen, zoals u weet. Nu is aan het laatste niets veranderd, maar het was heerlijk om weer eens echt goede, karaktervolle Elzaswijnen te proeven. Het kan dus wél. Een verslag van de hoogtepunten in drie delen; hieronder het slot.


De laatste dag van ons bezoek aan de Elzas begonnen we vanuit Sélestat. Het weer was beduidend slechter geworden, hetgeen voor paniekerige activiteit in de wijngaarden zorgde. Iedereen maakte zich zorgen om de gezondheid van hun druiven, want met het relatief warme, maar vochtige weer greep botrytis van de slechtere soort om zich heen. We gingen op weg naar het noordelijke deel van de Elzasser wijnroute, die in Marlenheim begint, om langs te gaan bij Domaine Etienne Loew in Westhoffen.

Topkwaliteit off the beaten track

Mede doordat het wat uit de (toeristische) route ligt, is dit domein niet zo bekend. Maar het staat al tijden te boek als een Geheimtipp en terecht, zoals duidelijk werd.

De geschiedenis van het domein is er een die je vaker hoort. De ouders van Etienne hadden in feite een gemengd bedrijf (naast druiven teelden ze ook kersen en mirabellen) en ze verkochten hun fruit aan de coöperatie; de wijn werd dus niet zelf gemaakt. Daarin kwam verandering toen Etienne in 1996 de leiding kreeg en Domaine Etienne Loew was geboren.

Het respect voor terroir had hij meegekregen van zijn ouders, maar hij ging langzaam maar zeker verder richting biologische wijnbouw en aspecten van biodynamie. Doel is uiteraard om zijn terroirs zo puur mogelijk uit te drukken in zijn wijnen en dat lukt hem zeer goed. De nadruk in zijn aanbod ligt op riesling, als vanzelfsprekend, zou je kunnen zeggen, als je terroirwijnen wilt maken. Maar er is ook pinot gris, pinot blanc, auxerrois, pinot noir, gewurztraminer en muscat.


Extra specialiteit van Loew is sylvaner, een druif die het moeilijk heeft in de Elzas, maar waarvan Loew een voorvechter is. Dat komt mede omdat hij een perceel heeft met sylvanerstokken van 83 jaar oud, dat kwalitatief heel fraaie wijn geeft, zoals Sylvaner Vérité 2011 ****. Nóg meer bijzonder is de lichtrood gekleurde Premières Vendanges de Marguerite Sylvaner rouge 2012 ****. De wijn komt van een rode mutatie van sylvaner en is licht en opwekkend, haast trollinger-achtig, met zoet-zure kersen in afdronk.

Toch stalen de Rieslings de show, ook vanwege de mooie diversiteit in karakter als gevolg van het feit dat ze van heel verschillende terroirs stammen (kleirijke mergel, kalkzandsteen, Muschelkalk). En zelden was ik zo onder de indruk van een droge Riesling uit de Elzas als van Loew’s Riesling Grand Cru Altenberg de Bergbieten 2012 *****. Het is zijn Riesling met de rijkste geur, die een klein beetje botrytis lijkt te hebben. De smaak is goed droog, breed, zeer spicy en heel complex, maar verfijnd, met een schitterende minerale ondertoon. De wijn is niet zwaar, maar heeft diepgang én lengte.

Het bezoek aan Etienne Loew had wat mij betreft veel langer mogen duren, maar we hadden een lunchafspraak in Ribeauvillé. Mijn conclusie was echter al duidelijk: kijkend naar de wijn die je hier voor je geld kunt krijgen, behoort Etienne Loew tot de top van de Elzas. En misschien ook wel überhaupt. 

Importeurs: Wijnimport Scheveningen en Winemotions



Eigenzinnig Domaine Trimbach

Na de smakelijke lunch met Etienne Sipp en de mooie wijnen van Domaine Louis Sipp, sloten we onze trip af bij een producent die hoe dan ook tot de absolute top van de Elzas telt: Trimbach. Ook op dit bezoek had ik me verheugd, ook omdat ik -in tegenstelling tot vele andere wijnliefhebbers- soms wat moeite heb met de wijnen van Trimbach. En eerlijk gezegd is dat zo gebleven.

De proeverij werd geleid door Jean Trimbach, de huidige (export)directeur en naamgenoot van de eerste Trimbach die in de zestiende eeuw vanuit Zwitserland naar de Elzas kwam, om zich er te vestigen. Zijn broer Pierre is verantwoordelijk voor het wijn maken. Jean Trimbach is een zeer gedreven persoon, die vele talen spreekt en de wijnen van Trimbach op een duidelijke manier presenteert (en die in ons geval weinig ruimte liet voor interactie). Over de stijl van die wijnen is al heel veel geschreven. Ze worden wel protestant genoemd, om de zekere strengheid die ze hebben, maar ook geroemd om hun precisie en droogheid. En vooral ook om hun potentie om te mooi ouderen.

 

Heel hoog niveau

We kregen de gelegenheid om zo’n beetje het complete assortiment van Trimbach te proeven, maar niet voordat we even voet hadden gezet in een van hun beroemde wijngaarden: de pal achter het bedrijf gelegen Grand Cru Geisberg.

Wijngaarden bekijken was er nog te weinig van gekomen op de reis, ook door het slechte weer, dus dit was een aangenaam en interessant intermezzo. Wat betreft de wijnen valt in het algemeen op dat het gemiddelde niveau heel hoog ligt; zelfs de wijnen uit de Réserve-categorie (basiswijnen) zijn al meer dan correct, hetgeen natuurlijk zeer belangrijk is voor een bedrijf dat een miljoen flessen per jaar produceert.


50% van de productie komt van riesling en daaronder bevinden zich de twee beroemdste wijnen van Trimbach: Riesling Cuvée Frédéric Émile en Riesling Clos Sainte Hune. Het zijn wijnen die extra aandacht verdienen maar ook behoeven. Riesling Cuvée Frédéric Émile komt van de beste rieslingdruiven uit de Grands Crus Geisberg en Osterberg (beide Ribeauvillé) en is een wijn die absoluut tijd nodig heeft. Wij proefden ondermeer 2010 ****(*) en die was nog zeer gesloten. 2008 ****(*) gaf zich al iets meer en leek mij iets eleganter dan 2010. De ‘oudste’ die we proefden was Frédéric Émile 2007 ****, de wellicht droogste FE ooit gemaakt met maar 1,7 gram restsuiker. De wijn kwam zeer strak en lineair over, met frisse citruszuren en goede lengte. Wellicht moet de wijn nog veel langer rijpen, maar ik weet niet of hij daardoor charmanter wordt.

Dat soort twijfels heb ik overigens totaal niet als het gaat om Riesling Clos Sainte Hune, afkomstig uit een ommuurd stukje van de Grand Cru Rosacker in Hunawihr. Zowel 2008 ***** als 2007 ***** zijn grote wijnen, met een ongekende persoonlijkheid; ze nemen een unieke plek in in het spectrum van de grote Rieslings van de wereld. En ze zijn naar mijn mening toch wel beduidend complexer en rijker dan Frédéric Émile, waardoor de strengheid die ook deze wijnen wel degelijk hebben, een bijdrage is aan de kwaliteit. Uit ervaring weet ik in dit geval ook zeker dat deze wijnen lange tijd alleen maar mooier zullen worden op de fles.


Na deze droge Riesling-hoogtepunten was de omschakeling naar zoetere wijnen van pinot gris en gewurztraminer enerzijds lastig (want op de ladder van kwaliteit gingen we een paar treden terug) maar ook wel aangenaam (vanwege het lekkere zoet). Twee wijnen uit 2007 waren zeer fraai. De Pinot Gris Réserve Personnelle 2007 ****(*) is zeer goed gemaakte, typerende Elzas Pinot Gris uit de Grand Cru Osterberg: rijk, kruidig en zoetig, maar mooi fris door prima zuren. Ook de Gewurztraminer Cuvée des Seigneurs de Ribeaupierre 2007 **** is erg goed. De wijn komt uit wijngaarden van Ribeauvillé en Hunawihr (Mulhforst) en is een opvallend complexe Gewurztraminer, allereerst typisch voor variëteit (met een niet te opdringerige rozengeur), maar veel meer dan dat; een wijn met veel smaakdiepte, grip, kracht maar ook elegantie en goede lengte voor Gewurztraminer.

Importeur: Walraven Sax C.V.

Hoe verder?

Met het bezoek aan Trimbach zat onze reis erop. En het was een goede trip, die een aardig beeld gaf van de huidige stand van zaken in de Elzas, mede door de goede diversiteit aan bezoeken (van cave cóoperative tot absolute toppers) en de momenten van interactie met producenten tijdens lunches en diners (niet beschreven in deze artikelen). Zoals in het intro al aangegeven, mijn ogen zijn weer geopend voor de grote kwaliteit die de Elzas wel degelijk voortbrengt.

En dat leidt de aandacht voldoende af van de wetenschap dat er ook nog steeds te veel matige wijnen vandaan komen. Oftewel: het glas is weer halfvol in plaats van halfleeg.

Toch vraag ik me af hoe de Elzas zich de komende jaren verder ontwikkelt. Een punt van zorg is dat er weliswaar een groeiend aantal goede producenten lijkt te zijn, maar weinig samenhorigheid. De toppers doen allemaal hun eigen ding, hetgeen op zich goed is en niet zo anders dan elders, maar ze werken nauwelijks samen om wijnbouwgebied Elzas als geheel te promoten. Daarbij is het pas laat doorgedrongen, later dan in Duitsland en Oostenrijk bijvoorbeeld, dat men echt moet werken aan kwaliteit en wijnstijl. Dat men niet meer zonder problemen hoge opbrengsten kan nastreven en dunne wijnen met restzoet kan blijven verkopen, wijnen die het imago van de Elzas geen goed doen. Terwijl het wél kan, goede karaktervolle wijnen maken in de Elzas, ook op eenvoudig niveau.

 

Reageer op dit item