Het gaat er lekker aan toe op Madeira en het naburige eilandje Porto Santo. Zelfs binnen deze kleine, afgelegen archipel bestaat er rivaliteit. Goedaardig, dat wel. De Portosantenses noemen de Madeiranen villões (arrogante stedelingen, schurken), en omgekeerd noemen de Madeiranen de bewoners van het veel kleinere Porto profetas* (profeten). António Maçanita, de sterwijnmaker uit Évora, en zijn business partner Nuno Faria, gebruiken deze bijnamen om de verschillen tussen hun fijne wijnen van beide eilanden te accentueren. Profetas e Villões is de naam van hun lokale project. Wijnen van Madeira zijn gelabeld met Villões, die van Porto Santo met Profetas.
Maçanita’s wijnen behoren tot de beste en spannendste van Portugal. Zijn thuisbasis is het wijngoed Fitapreta in de Alentejo, maar hij heeft ook projecten op de Azoren (met Filipe Roche) en in de Dourovallei (met zijn zus Joana). Op simplesmente… Vinho, de inmiddels veertienjarige beurs voor Portugese low-interventionwijnen in Porto sprak ik met Faria en wijnmaker Jessica Mesquita (hoofdfoto).
Een nieuwe uitdaging
Profetas e Villões is een relatief nieuw project, vertelt Faria. Als restaurateur in Lissabon schenkt hij Maçanita’s wijnen en het idee om samen iets te doen sluimerde al jaren. Maar als je meerdere wijngoederen of restaurants bestiert, is tijd een beperkende factor. En naast de Azoren zat Maçanita helemaal niet te wachten op een nieuw project op weer een afgelegen archipel. Maar zoals rond 2020 wel vaker gebeurde, werd onder invloed van Covid alles vloeibaar. Faria zat tijdens een lockdown drie maanden vast op Porto Santo, en leerde daar de lokale druivenrassen kennen, onder andere listrão (op de Canarische eilanden listan blanco genaamd) en caracol, een ras dat uitsluitend op Porto Santo voorkomt. “Die druiven zijn alleen goed om te eten”, kreeg hij te horen van de lokale bevolking. Toen wist hij dat hij de uitdaging had gevonden om Maçanita te overtuigen om eindelijk een gezamenlijk project te beginnen. En nu is er dus een fantastische Caracol dos Profetas: tikje floraal, zilt, licht fluwelige textuur, fijne speelse zuren.
Verschillen tussen Madeira en Porto Santo
Waar Madeira door zijn bergen een groen en nat eiland is, is het vlakke Porto Santo droog. Het heeft eigenlijk een woestijnklimaat. Geologisch is Porto Santo veel ouder dan Madeira. Hoewel beide eilanden van vulkanische oorsprong zijn, hebben verwering en erosie op Porto Santo miljoenen jaren langer de tijd gehad om de bergen af te slijten. Het meest geschikte deel van het eiland voor wijnbouw is tevens het laagste deel, waar de bodem naast vulkanisch zand uit klei, kalksteen en fossiele schelpen bestaat. Terwijl op Madeira de wijnstokken traditioneel tegen pergola’s opkruipen, groeien de planten op Porto Santo, nog maar 14 hectare, laag bij de grond.

Wijnmaakproces
De wijnbereiding is bij Maçanita voor alle wijnen hetzelfde, vertelt Mesquita. Na een langzame persing in een pneumatische pers en een vaak lange fermentatie met van nature aanwezige gisten (een half jaar is geen uitzondering), rijpen de wijnen in gebruikte eikenhouten vaten. Malolactische conversie vindt spontaan plaats. Of niet. Er wordt niet geïnoculeerd. Lange rijping op de lies is een belangrijk onderdeel van de vinificatie, omdat er in principe pas bij botteling zwavel wordt gebruikt. Als er eens een wijn in roestvrij staal wordt gerijpt, leggen ze ook die vaten horizontaal om maximaal liescontact te creëren.

Logistieke nachtmerrie
Faria en Maçanita werken op beide eilanden met lokale druiventelers. “Aanvankelijk kostte het ons behoorlijk wat inspanning om onze telers te overtuigen hun druiven niet te vroeg te oogsten”, zegt Faria. “De meesten waren gewend hun druiven vaak al bij 9 procent potentiële alcohol te plukken. De Madeiraproducenten hebben graag wat extra zuren.” Inmiddels begrijpen ze wat Faria en Maçanita willen. Daarmee zijn niet alle problemen opgelost. De wijnkelder bevindt zich op Porto Santo. “In het oogstseizoen, dat samenvalt met het toeristische hoogseizoen, zijn de boten tussen de twee eilanden al weken van tevoren volgeboekt, terwijl wij het oogsttijdstip vaak pas laat bepalen. Dat leidt soms tot logistieke nachtmerries”, verzucht Faria.
Tinta negra
Bij tinta negra, het meest aangeplante ras op Madeira, gebeurt het plukken in drie doorlopen. De als eerste geoogste druiven gaan naar de Madeiraproducenten, de druiven van de tweede doorloop gebruiken Faria, Mesquita en Maçanita voor hun rosé, en de rijpste druiven gaan naar de rode wijn. Als minst nobele van de rassen die voor Madeirawijn worden gebruikt, wilden zij laten zien dat ook tinta negra potentie heeft. Zowel bij de rosé (heel licht van kleur, rokerig/vuursteen, licht rood fruit, beetje brood), als de rode Tinta Negra is dat goed gelukt. Van de rode wijn worden nu zelfs drie varianten gemaakt: een blend van twee wijngaarden (één in Estreito aan de drogere, warmere zuidkant van het eiland en één in Vale de São Vicente aan de natte, koelere, vaak bewolkte noordkant), en van elk van de twee wijngaarden een eigen wijn. De verschillen zijn subtiel. De gemene deler is dat alle drie etherisch, filigraan, bescheiden in alcohol en zeer drinkbaar zijn en dat ze subtiele, terughoudende aroma’s en smaken van rood fruit en kruidigheid hebben. Mooie en heel eigentijdse wijnen dus. De São Vicente is misschien beetje boers, maar een wolkje melkchocola geeft ook enige ronding. De Estreito vond ik het meest harmonieus. Beide wijngaardwijnen hebben iets meer structuur dan de blend.

Geïnspireerd door de touwpers
Maçanita’s wijnen, benadrukten zowel Faria als Mesquita, zijn niet alleen het resultaat van zijn oenologische deskundigheid, maar komen ook voort uit zijn nieuwsgierigheid. Alles wordt onderzocht. Zo kwam Maçanita erachter dat caracol verwant is aan listrão. Maar hij kijkt ook naar de geschiedenis. “Voor lokale mensen”, zegt Faria, “was het laatste druppeltje sap dat je uit een druif kan persen het meest waardevol. Vloeibaar goud.” Daarvoor werd een traditionele touwpers gebruikt waarmee een houten plaat met behulp van een touw en een hefboom naar beneden werd gedrukt. De Vinho de Corda eert deze geschiedenis, overigens wel met een moderne pneumatische pers. De druiven, listrão en caracol, worden geperst in drie fracties, de derde gaat naar de Vinho de Corda. Je mond zou bij de gedachte al samen kunnen trekken. Maar als je hem proeft is niets minder waar. Met zijn wat diepere kleur en inderdaad stevige structuur, zou je hem kunnen verwarren met een zachte schilcontactwijn. Maar dat is dus niet het geval. De tannine, net als de vrij intense aroma’s, worden geëxtraheerd door het krachtige persen, en niet tijdens de maceratie of vergisting. Voor sommige misschien een acquired taste, maar wel een die het waard is te proberen.

Passito
Omdat het op Porto Santo zo droog is, zijn de druiven klein en is het sap geconcentreerd. Dit bracht Faria en Maçanita in hun eerste jaar meteen op het idee om een passito te maken. Hij is nog niet op de markt, dus ik heb hem niet kunnen proeven. Ik noem hem hier niet alleen om Maçanita’s nieuwsgierigheid en hang naar vernieuwing te benadrukken, maar ook omdat deze wijn hem in aanvaring bracht met de lokale regelgeving. Want, zo vindt de IVBAM, het regelgevende orgaan voor de wijnbouw op Madeira en Porto Santo, zo’n passito kan wel eens te veel op Madeirawijn lijken. Alle wijnen van de archipel moeten door de IVBAM gecertificeerd worden. Dus ook die passito. Nu is het dus wachten op goedkeuring. Het zal nog wat voeten in de aarde hebben, maar Faria en Mesquita hebben er vertrouwen in dat die uiteindelijk komt. Dat wachten kunnen we gelukkig aan Faria, Mesquita en Maçanita overlaten. Want er zijn inmiddels negen Profetas-e-Villõeswijnen die allemaal een eigen verhaal hebben, erg lekker zijn en goed aansluiten bij de huidige vraag, ook de rode.
Verkoop/Distributie
Nederland: Wijnkoperij Okhuysen
België: De Heerlyckheid, Wijnhandel Annicaert, Winespot
* Het woord villões is het meervoud van villão, een inwoner van een stad. Vanuit het rurale Porto Santo gezien waren alle Madeiranen (arrogante) stedelingen – de hoofdstad Funchal is met meer dan 200.000 inwoners Portugals op vier na grootste stad. Het woord lijkt veel op vilão dat, net als het Engelse villain, schurk betekent. De bijnaam profetas werd als eerste aan een echtpaar uit Porto Santo gegeven, dat in de zestiende eeuw met hun profetieën veel invloed verwierf. Hun oproep om zo veel mogelijk tijd aan gebed te besteden ondermijnde de economie. Uiteindelijk werden ze opgepakt door de inquisitie. Maar de bijnaam profetas bleef aan de Portosantenses kleven. Althans, dat is de mythe.






