Columns Archives - Pagina 53 van 54 - Perswijn

Columns

Columns

Château Saint Estève: Frans-Nederlandse wijnen

Eerst de A8, dan de afslag St. Maximin, dat aardige dorpje waar je even doorheen moet rijden, en een paar kilometer verder ligt Château Saint Estève. Het eerste dat opvalt bij aankomst in het kleine en eenvoudige kantoortje, tevens proefruimte en boutique, is de sfeer die ‘niet lullen maar poetsen’ uitstraalt.

Julie_groot.jpg
Eerst de A8, dan de afslag St. Maximin, dat aardige dorpje waar je even doorheen moet rijden, en een paar kilometer verder ligt Château Saint Estève. Het eerste dat opvalt bij aankomst in het kleine en eenvoudige kantoortje, tevens proefruimte en boutique, is de sfeer die ‘niet lullen maar poetsen’ uitstraalt. Die sfeer wordt alleen nog maar versterkt als je kennis maakt met de charmante, opgewekte ‘no nonsens’ Julie Ortet (op de foto), partner van Michel met wie zij sinds 2006 het domein runt en dochter van eigenaar Jacques. Als even later haar Nederlandse collega Marja Soomers binnenkomt, voel je hetzelfde. Hier wordt heel, heel hard gewerkt om op traditionele wijze een goed product te maken. Tijd voor iets anders is er eigenlijk niet.

Jacques en Bernadette

Ons verhaal van Château Saint Estève start begin van de jaren 90, toen Fransman Jacques Ortet en onze landgenote Bernadette Koster elkaar in Nederland leerden kennen. Ze hielden al van wijn en vrij snel na hun eerste ontmoeting ook van elkaar. Jacques was en is nog steeds werkzaam bij Shell en Bernadette is een succesvolle zakenvrouw in Nederland. In 1998 besloot het echtpaar hun gezamenlijke droom te verwezenlijken, de aanschaf van een wijndomein in de Provence. In de jaren daarvoor had Jacques zich goed voorbereid op de realiteit van het wijnboer zijn door de nodige cursussen te volgen en relevante diploma’s te halen. Tussen de bedrijven door liepen hij en Bernadette ook nog stage om hun opgedane theoretische kennis aan de praktijk te toetsen.

Baron Gassier

Het kasteel, de wijnkelder en een deel van de wijngaard van Château Saint Estève liggen in St. Estève bij Brue-Auriac, een gehucht dat al meer dan 1000 jaar bestaat en van oudsher een wijnmakend dorp is. Jacques en Bernadette kochten er 46 hectare wijngaardgrond en het keldergebouw van Baron Gassier. Zijn familie was er 150 jaar eigenaar van geweest. Het kasteel zelf en een aantal daaromheen gebouwde huisjes zijn eind jaren 80 na het overlijden van de baron verkocht aan diverse mensen uit de regio. De prachtige, in de beste zin van het woord ouderwetse wijnkelder is zo’n 100 jaar geleden gebouwd en wordt nu dus door de familie Ortet gebruikt. In het 10 meter hoge gebouw met muren van anderhalve meter dik staan acht enorme, antieke eikenhouten vaten. Deze worden echter niet meer gebruikt, omdat ze moeilijk zijn schoon te houden. Ook de betonnen cuves staan er tegenwoordig werkloos bij. Er is namelijk enorm geïnvesteerd, zowel in apparatuur, vaten als wijngaarden. Er is op dit moment ruim 21 hectare beplant, goed voor een productie van zo’n 100.000 flessen. De wijnstokken zijn gemiddeld 20 jaar oud, de oudste 30 jaar. De gemiddelde opbrengt per hectare bedraagt 37 hectoliter, een stuk minder dan de 55 die door de appellation contrôlée Coteaux Varois en Provence zijn toegestaan.

Julie’s passie

Terug naar Julie. Als dochter van een topman van Shell kende zij het nomadenbestaan dat vele medewerkers van dit bedrijf kenmerkt. Geboren in Schotland en opgegroeid in landen als Gabon, Qatar en Nederland, ontwikkelde Julie zich tot een internationaal georiënteerde jongedame. In 1998 ging ze in Nice studeren, maar ze kwam er al snel achter dat ze de gekozen studie niet interessant vond én zich in Nice niet thuis voelde. In 2000 vroeg ze zich af waarom ze niet op het wijndomein van haar vader en stiefmoeder zou gaan werken? De toen 22 jaar oude Julie raakte snel gepassioneerd door het wonder ‘wijn’ en leerde in de jaren daarna het vak van haar vader. Omdat ze overdag haar handen vol had aan wijngaarden en wijnkelder, volgde ze de opleiding voor het diploma Viticulture et Oenologie schriftelijk. Nu, acht jaar na haar eerste stappen als wijnboerin, weet ze precies wat ze wil en hoe ze de kwaliteit van haar wijnen steeds verder kan verbeteren. Vader Jacques blijft echter op afstand een belangrijk adviseur.

Merlot en sauvignon blanc

Op Château Saint Estève kom je als druivenrassen de usual suspects tegen, waarvan je in deze streek prachtige wijnen kunt maken. Interessanter is echter de aanplant van de merlot druif op 2 hectare grond. Dit is een druif die door de appellation niet wordt toegestaan. De wijn mag daarom slechts als Vin de Pays du Var op de markt gebracht mag worden. Hetzelfde is het geval met de sauvignon blanc die op 1 hectare groeit. Hiervan maken Julie en haar partners twee bijzonder mooie wijnen. Mijn advies is om meer te planten, want deze wijnen zijn te snel uitverkocht. Van de blijkbaar uiterst populaire Domaine Sauvignon Blanc 2007 is zelfs geen druppel meer te krijgen, ook niet om te proeven! Tot overmaat van ramp hebben wilde zwijnen deze zomer het perceel waarop de sauvignon blanc groeit vernield. Er komt dus er geen 2008 op de markt.

Een mooie collectie wijnen

Château Saint Estève produceert twee roséwijnen, de Charmeur en de Prestige. Beide rosés zijn heel geslaagd, waarbij de Prestige iets geraffineerder en droger overkomt. Hoewel Julie rosés en een heel mooie witte wijn maakt, ligt de nadruk toch op rode wijnen. Gelukkig waren 2006 en 2007 kwalitatief uitstekende jaren. Dat is goed te merken als je de rode wijnen proeft. Er is ook hier een Charmeur, gemaakt zonder rijping op eikenhout en een heel lekkere wijn. De 2007 is nog jong en kan eigenlijk het beste even bewaard worden. Dat geldt minder voor de Merlot (echt uitstekend) en de Syrah (iets minder misschien maar toch ook goed). De Prestige wordt alleen in topjaren gemaakt. Er zijn nog wat flessen beschikbaar van het jaar 2001. Dit is een zachte, fluwelen wijn. Mooi, maar al wel over zijn hoogtepunt heen. Snel drinken dus. De 2003 is goed op dronk en de 2006 wordt op dit moment gebotteld. De wijnen van Château Saint Estève kosten ruwweg tussen de € 5 en € 7,50 en hebben derhalve een uitstekende prijs/kwaliteitverhouding.

Filosofie

Eigenaren Jacques en Bernadette hebben een prachtige filosofie: “De natuur is geen erfenis van onze ouders, maar een lening van onze kinderen.” Dat vertaalt zich in de voorzichtige en verantwoorde manier waarop Julie en haar collega’s omgaan met de wijngaarden. De bemesting is biologisch en in de kelder wordt het gebruik van niet-natuurlijke middelen vermeden. Opmerkelijk en hartverwarmend zijn de zogenaamde sponsorprojecten waarmee de familie Ortet in 2003 is begonnen. Sinds dat jaar wordt een speciale tank, die 10% van de totale productie bevat, tegen kostprijs beschikbaar gesteld voor goede doelen. Dit jaar is er een project om de Stichting Roparun te ondersteunen in haar streven ‘leven toe te voegen aan de dagen, waar geen dagen meer kunnen worden toegevoegd aan het leven’ voor terminale kankerpatiënten. Chapeau bas!

Wijnstokkenadoptieplan

Wat een woord, wijnstokkenadoptieplan… Maar het idee van Saint Estève is goed. Het plan behelst de adoptie van 50 wijnstokken. Tegen een bedrag van € 359 ontvang je als bewijs van inschrijving als wijnboer een certificaat, alsmede 60 flessen Château Saint Estève Charmeur 2007. Indien gewenst met je eigen naam op het eitket. Dat komt dus neer op iets minder dan € 6 per fles. en dat lijkt op het eerste gezicht een redelijk aanbod. Als de wijn tenminste goed is! Daarover straks meer. Er is ook een adoptieplan van 75 wijnstokken. Dit kost € 325 en men ontvangt dan 36 flessen Château Saint Estève Reserve 2006, de topwijn van het domaine, voor nog geen € 9 per fles. De kosten van transport en verzekering zijn bij de prijs inbegrepen. Ook inbegrepen is een uitnodiging voor de jaarlijkse wijnproeverij in Nederland en het jaarlijkse oogstfeest in november. Dat oogstfeest is een culinaire wijn-spijsavond die dit jaar in restaurant De Echoput wordt gehouden. Een certificaathouder kan tevens alle andere wijnen van Château Saint Estève bestellen en thuis in Nederland laten bezorgen. Dit plan is exclusief voor Nederland ontwikkeld, al kunnen ook Nederlanders die in Frankrijk wonen eraan deelnemen.

Château Saint Estève, 83119 Brue-Auriac, Tel 04 94 72 14 70.

E-mail info@chateausaintesteve.com

Website www.chateausaintesteve.com

Ferry de Bakker

Columns

Yes, we can

Sommelier Marijn Smit bracht de verkiezingsnacht door bij Amerikaanse vrienden. Met een interessante collectie wijn wachtten ze op de uitslag.
De spanning was vannacht te snijden bij mijn Amerikaanse vrienden thuis. Alsof hun leven ervan af hing, zaten ze met bibberende knieën te wachten op de uitslagen van de presidentsverkiezingen. Mijn wijnvriend Sean, die mij liefkozend Klaus Kinski noemt, en ik hem Werner Herzog, had mij gevraagd op zijn “election-party” de rol van sommelier te spelen. Voor een bont gezelschap van wijnliefhebbers, kunstenaars en politicofielen had hij een keurige selectie wijnen en een Italiaans buffet van Casa del Gusto klaar gezet.

Bij binnenkomst kreeg ik een tot de rand vol geschonken glas gewürztraminer aangereikt. En dan niet zo’n lief Elzas glaasje, maar een Bordeaux Grand Cru formaat. Ik wist dus meteen dat ik als sommelier niet overbodig was, en schonk op voorzichtige wijze mijn glas over vier andere leeg. Het zal altijd een raadsel voor me blijven, hoe hij het verzon om met deze overrijpe Zind-Humbrecht Herrenweg Turckheim 2000 te beginnen. De afdeling exotisch fruit op de Pasar Malam was er niks bij! Aan de rode wangetjes van onze gasten te zien, smaakte het echter hartverwarmend. De vergelijking met Southern Comfort was toepasselijk toen de uitslagen uit Louisiana binnenkwamen.

Tijd dus om in te grijpen voor het helemaal mis ging. Iedereen even laten gorgelen met Spa Blauw, en toen de Dobogo furmint 2005 van Isabella Zwack uit Tokaji ingeschonken. Niet helemaal eerlijk na de aromatische kracht van de vorige wijn, maar de smaak kwam langzaam terug in de mond. Een gastronomische wijn, die we bij Vyne ook per glas serveren. Altijd lachen om deze wijn blind te serveren, je hoort de gekste dingen, tot blend van riesling en chardonnay aan toe!

Daarna schonk ik twee witte Bourgognes. Eerst de Saint Aubin 1er Cru “En Remilly” 2006 van Domaine Langoureau, een frisse stijl, nog wat jeugdig, maar met de onmiskenbare finesse van dit top-terroir. Een steenworp van Le Montrachet verwijderd, dus met de bodem zit het daar wel goed. De proeverij begon de juiste richting aan te nemen. Die vervolgden we met de Meursault “les Narvaux” 2004 van Karel de Graaf, die daar samen met Vincent Girardin een halve hectare wijngaard heeft en er mineralige en zeer strakke Meursaults maakt. Niks vette wijn hier, dit is elegantie, net als de maker zelf…

Toen kwamen de Bordeaux op tafel. Sean had een hele partij 2005 uit Londen laten overkomen, en wilde deze met ons delen. Uiteraard gaat de voorraad zijn klimaatkelder in, maar interessant om de wijnen al jong te proeven. Ik zal ze even opsommen:

  • Clos les Lunelles (Cotes de Castillon). De absolute ster uit deze

    vrij obsure, maar steeds beter wordende appellation. Gérard Perse maakt deze wijn echt voor liefhebbers van volle, rijpe, vlezige wijnen. Dit zet veel hooggeklasseerde St. Emilions te kijken. Intense kleur, gigantische lengte, de hand van Michel Rolland is wel te proeven. Niet altijd mijn smaak, maar deze wijn is verfijnd genoeg om niet te vermoeien.

  • Feytit-Clinet (Pomerol), zeer diepe geur van zwart fruit, rijp, maar met de nodige tannines en hout. Indrukwekkend.
  • Grand-Corbin-Despagne (St. Emilion), wat stugger, stoer, rokerig, heel donker. Geen verleider, maar iets om nog weg te leggen.
  • Smith-Haut-Lafitte (Pessac-Léognan). Een machtige wijn, nu al, terwijl hij vráágt om te mogen ouderen. Naast espresso, rook, cederhout en laurier veel complexe tonen van zwarte bessen, bramen en kruiden. Ook de fles is mooi, met fleur-de-lys ingeblazen.
  • La Gaffelière (St. Emilion). Nóg zo’n monument. Voor wie het nog niet wist: 2005 was een jaar met perfecte rijpheid en zoete tannines, ondersteund door fraaie zuren. Een bewaarjaar, maar jong óók al zo heerlijk! Veel kruiden, aardse tonen, rook en donker fruit.
  • Lascombes (Margaux). Even wennen, de cabernet geeft de wijn een minder gul karakter, maar is zeer goed geconstrueerd. Forse tannines, die zijdezacht geïntegreerd zijn in deze intellectuele wijn. Iedere slok biedt weer nieuwe nuances, eerst proef je rokerig hout en espresso, maar gaandeweg krijgt de wijn de geur van een viooltjes en bramen.

De eerste uitslagen waren nog niet indrukwekkend, maar toen Obama duidelijk aan de winnende hand bleek te zijn, ging de Pape Clément 2003 open. Ik mag mezelf dan graag Bourgogne-man noemen, maar deze gulle Pessac-Léognan deed me bijna van mijn geloof vallen. Intens geurend naar een smeulende barbecue, vol aardse tonen, potloodslijpsel en kruiden. Niet zoveel fruit, maar een krachtige body, lekkere stoere tannines en afdronk om van te duizelen.

We waren toen wel toe aan iets anders, en de Marcoux alsmede de Vieille Julienne, beide Châteauneuf-du-Pape 2000 waren de gelukkige keuze. Portachtige wijnen met veel alcohol, rijpheid, vijgen, zoete kersen en een snuf kruidigheid. Nog geen spoortje vermoeidheid in deze bewaarwijnen. De stemming was al goed, maar werd steeds uitbundiger. Mijn taak zat er nu ook wel op, en nu was het tijd om zelf ook even te genieten van een mooi glas. Sean had namelijk nog een dessert in huis: zoete Canelloni , waarbij enkele halve flesjes gewürztraminer en pinot gris Sélection de Grains Nobles van Zind-Humbrecht geschonken werden. Intens rijp fruit, mierzoet, maar met verfrissende zuren. Bijna niet voor te stellen dat dit door mensen is gemaakt, en geen nectar van de goden! Een perfecte partner voor de euforie waarin Amerika verkeerde. Het was inmiddels diep in de nacht en Obama had de presidentstitel binnengesleept. Een gedenkwaardige avond!”

Marijn Smit

sommelier bij wijnbar Vyne

Columns

Aftellen tot de wijnveiling

Voor wijnliefhebbers die het moeten doen zonder de weelde van een goedgevulde wijnkelder, zoals Marijn Smit, zijn wijnveilingen een uitkomst. “De voorpret is groot: de zorgvuldig uitgevoerde catalogi doen denken aan de tijd dat je uit de folders van speelgoedzaken je verlanglijstje voor Sinterklaas mocht samenstellen.”

Marijn_groot.jpg
Voor wijnliefhebbers die het moeten doen zonder de weelde van een goedgevulde wijnkelder, helaas ben ik er daar één van, zijn wijnveilingen een uitkomst om op een interessante manier al dan niet betaalbare en op dronk zijnde wijn aan te schaffen. De voorpret is groot: de zorgvuldig uitgevoerde catalogi doen denken aan de tijd dat je uit de folders van speelgoedzaken je verlanglijstje voor Sinterklaas mocht samenstellen. Hebberigheid maakt zich gegarandeerd van je meester, als je topjaren Giscours (zoals mijn geboortejaar 1975) naast collecties rijpe Clos des Lambrays ziet staan. En dat alles voor bedragen die hooguit een kortstondige rilling over je rug veroorzaken. Na urenlang pluizen en puzzelen en Robert Parker, Clive Coates en oude jaargangen Perswijn raadplegen om referentiekader, blijven er dan enkele favorieten over. Het aftellen kan beginnen!

Binnenkort zijn er weer twee niet te missen veilingen in Amsterdam, te weten die van Christie’s op 2 november, en die van Glerum op de 23e. De aristocratische correctheid van het Londense huis met de droge en kundige Peter Mansell versus de toegankelijkere sfeer in de synagoge, waar de immer goedlachse Talitha Teves je telkens weer weet te verleiden tot het doen van een hoger bod. Beide veilingen zijn zeer professioneel en kennen een hoofdzakelijk klassiek aanbod van loten, waarin met name de wijnen uit Bordeaux en Bourgogne geveild worden. Een addertje onder het gras is er zeker, want je bent al snel geneigd het veilinggeld (17,85%) niet mee te rekenen als de bedragen genoemd worden. Toch kan je er goede zaken doen, zolang je een goede voorbereiding hebt gedaan. Stel voor jezelf een limiet vast, en klamp je niet teveel aan één lot vast.

Een ander risico is natuurlijk de staat van de wijn. Hoe ouder, hoe groter de kans dat de wijn bedorven is. Hoe weet je zeker dat de wijn onder perfecte condities is bewaard? Soms wordt dit speciaal vermeld, en ook de hoogte van de flesvulling is een indicatie. Een wijn met niveau 4 cm onder de hals is slechts bij uitzondering nog drinkbaar. Al met al is dit aspect ook wel een deel van de sport, iedere keer dat je een fles opent, is het een verrassing, en ik heb de gelukkige ervaring dat het meestal reuze meevalt. Een teleurstelling is nooit te vermijden, maar dat geldt zelfs voor de best bewaarde fles wijn. Laten we dat beschouwen als in te calculeren verliezen.

Om de klanten een beetje in de stemming te krijgen, en een klein deel van de aangeboden wijn te kunnen beoordelen, is er steevast een proeverij, voorafgaand aan de veiling. Ik ben hier zelden van onder de indruk, omdat oudere flessen zich niet in één slok prijs geven, en het vaak een drukte van jewelste is. Niet alle veilingbezoekers hebben kennelijk dezelfde mate van “beroepsernst”. Toch is het sfeerverhogend, en de spuugemmertjes blijven opvallend schoon. Wat ik erg aardig vond, was de gecombineerde kunstbezichtiging en “Hospices” proeverij afgelopen donderdag bij Christie’s. Naast een kunstcollectie waar een gemiddeld museum jaloers op zou zijn, werd hier een serie wijnen gepresenteerd van de Hospices de Beaune veiling, die ik graag bespreek.

Sinds 2005 wordt de wereldberoemde veiling van de Hospices de Beaune geleid door Christie’s. Een daverend succes, want zelfs in een matig jaar als 2007 was de veilingopbrengst maar liefst 26% hoger dan in 2006. Niet in de laatste plaats door de strakke organisatie en de enorme belangstelling. Sommige vaten (à 228 liter) brengen meer dan € 50.000,= op, krankzinnig! De dagen voorafgaand aan deze liefdadigheidsveiling (de opbrengsten gaan daadwerkelijk naar het ziekenhuis) wordt er flink geproefd in de kelders van de Hospices, die tegenwoordig niet meer onder het prachtige Hôtel-Dieu liggen, maar aan de rand van het provinciestadje Beaune. In een gigantische gewelfde kelder slingeren duizenden wijnprofessionals zich een weg tussen de opgestapelde vaten (nog gistende) wijn, die hier ter degustatie wordt aangeboden. Het moge duidelijk zijn dat dit in de eerste plaats folklore is, want het is vrij lastig om zinnige uitspraken te doen over de toekomst van een wijn-in-wording. Toch mag dit niet onderschat worden, en de verschillen tussen een relatief eenvoudige Pernand-Vergelesses en een sjieke Clos de la Roche zijn al goed merkbaar, de concentratie, het aanwezige fruit en de mineraliteit geven al een indruk van de aanwezige potentie. Ik kan niet wachten tot 14 november, als ik samen met expert Karel de Graaf deze geurige gewelven ga opzoeken!

Terug naar Amsterdam, donderdagavond. De tafels stonden opgesteld zoals in de bovengenoemde kelder: dat betekent beginnen met rood, van goed naar beter, en dán pas wit. De meeste mensen die ik ken vinden dit vreemd, maar proef-technisch is het zo gek nog niet. Peter Mansell en zijn team hadden goed uitgepakt met een collectie om van te watertanden:

  • 1. Savigny-lès-Beaune 1er Cru, Cuvée Arthur Girard 2005. Medium body met een veelbelovende lichtzoete kersengeur. Niet groots, wel plezierig.
  • 2. Beaune 1er Cru, Cuvée Dames Hospitalières 2005. Zoals te verwachten voor dit jaar nog gesloten, bramen en een kruidige afdronk, ondersteund door ferme, rijpe tannines.
  • 3. Pommard Premier Cru, Cuvée Dames de la Charité 2003. Heerlijk, dat gulle warme jaar. In Pommard tenminste, witte wijnen mijd ik liever uit 2003. Een atypische, bijna Rhône-achtige gloed, weinig fruit, maar veel zachte kruiden en geïntegreerd hout. De typische Pommard neus, dat aardse, miste ik wel een beetje.
  • 4. Corton Grand Cru, Cuvée Charlotte Dumay 2004. Viel wat tegen, goede structuur, medium plus body, maar een wat merkwaardige animale geur, droge tannines en weinig fruit.
  • 5. Idem, de 1999. Dat was al andere koek, veel ontwikkeling, deze wijn begint volwassen te worden. Vrij stug nog, veel tannines, maar een grote lengte. Rode Corton zal mijn favoriet nooit worden.
  • 6. Clos de la Roche Grand Cru. Cuvée Georges Kritter 2002. Een wijn om geknield te drinken, een omweg door de stromende regen waard! Wát een genot! Typische Morey-St.-Dénis met kracht en elegantie, een complexe geur van verleidelijke rode kersen en zonnige kruiden, subtiel houtgebruik en een eindeloze lengte.
  • 7. Mazis-Chambertin Grand Cru, Cuvée Madeleine Collignon 2004. Na de Morey iets tegenvallend, maar zeker heel fraai. Iets vegetale neus van niet helemaal rijpe bramen. Harde tannines maar geen dikke body. Vrij hoge zuren en lengte. Nog maar even terug de kelder in met deze wijn!
  • 8. Meursault-Genevrières 1er Cru, Cuvée Philippe LeBon 2006. Oh, wat is deze Meursault uit 2006 toch een juweel. Als een Bond-girl windt ze je om haar vinger met weelderig citrusfruit en subtiele minerale tonen, maar met de precisie van een scherpschutster treft ze je met haar perfecte zuren. Hier kan geen mens vanaf blijven, waarom laten ouderen?
  • 9. Meursault-Charmes 1er Cru, Cuvée de Bahèzre de Lanlay 2006. We weten wel dat de climat “Charmes” zijn etymologie vindt in een soort beukhaag, maar niettemin is deze wijn ook een verleider. Weliswaar een minder verfijnde dan de vorige. Meer body en vollere smaak, ik had een uitgesproken voorkeur voor de “femme fatale” Genevrières.
  • 10. Idem, 2004. Typische ontwikkeling, richting boenwas en rijpe appels. Deze geur ken ik van 15 jaar oude Meursaults, maar hier verbaast het me. De 2004’s uit koelere delen, zoals Les Narvaux en Tillets, die ik geregeld proef, overtuigen me meer dan deze wat logge Charmes.
  • 11. Bâtard-Montrachet Grand Cru, Cuvée Dames de Flandres 2005. Tsja, een kanjer. Zit nog wat verlegen in een hoekje, maar hier straalt de potentie vanaf. Vele dimensies in smaak, en een medium zuurgraad maken dit tot de absolute kroonprins van de proeverij. Ik meld me graag als vrijwilliger om deze over 15 jaar nog eens te proeven!

Al met al dus een zeer geslaagde collectie van diverse oogstjaren en climats. Een zeer goed initiatief van Christie’s en een mooie gelegenheid om de vele gezichten van de Bourgogne te kunnen zien. Voor velen zal de Bourgogne een slangenkuil blijven, waar ze, in hun overtuiging gesterkt door wijncritici als Robert Parker, liever niet aan beginnen. Zonde, want met enige kennis van producenten en wijngaarden valt hier zóveel te genieten! Ambassadeurs van deze ongeëvenaard elegante wijnen, en daartoe reken ik mezelf uiteraard, zijn daarom erg te spreken over dergelijke Bourgogne proeverijen. Misschien een tip voor volgend jaar: nodig een gerenommeerd Bourgogne kenner uit voor toelichting, dan zouden de wijnen nóg beter naar voren komen. Nu moest men het doen met mijn enthousiaste verhalen…

www.christies.nl

www.glerum.nl

www.marijnsmit.nl

Columns

Sherrymoment

Stéphanie van Rantwijk is getrouwd en dertig-plus, dus het is tijd voor een sherry-moment. Ze reist onverwijld naar Zuid-Spanje.

Stephanie_groot.jpg
‘Wáár ben je geweest?’, roept mijn hardloopbuddy aan de andere kant van de lijn. ‘Wat dacht je, ik ben nu boven de dertig dus ik moet aan de sherry?’

‘Ja,’ doe ik er een schepje bovenop, ‘getrouwde, thuiswerkende vrouw van 30+, dus tijd voor een sherrymomentje.’

Sherry heb ik moeten leren drinken. De eerste keer dat ik serieus sherry proefde op een beurs vond ik er eigenlijk niet veel aan. Ook ik moest aan omaatjes denken bij sherry en de zoetere PX in combinatie met chocolade sprak me misschien nog wel het meest aan. Nu, bijna vier jaar later, ben ik een echte finofan!

Om sherry te gaan waarderen, moest ik eerst alles wat ik wist van sherry deleten. Na een druk op de resetknop ben ik in het vliegtuig gestapt naar Jerez de la Frontera. Het woord Jerez alleen al klinkt lekker. Ik kwam aan in Zuid-Spanje en het was er lekker warm. Iedereen komt er pas laat op gang. De lunch begint om een uur of twee met een aperitiefje: een frisse fino met amandeltjes. Na een paar uur hard werken, wandelen door de wijngaarden, een bezoek aan een bodega en verplicht winkelen omdat mijn koffer zoek geraakt was op het vliegveld, starten we weer gezellig met appetizers, lekkere knabbels met zout en pit en… wijn! De strakdroge sherry combineert erg goed met olijven, gezouten amandelen, manchego en de tapas uit de streek. En laat ik daar nou dol op zijn!

Verliefd ben ik geworden op de hele streek, de taal en de wijn. De mensen zijn er arm, maar ik merkte er niets van. Ze genieten volop van de kleinste dingen. Loom hangen op een bankje onder een palmboom, slenteren over de mercado en uren de tijd nemen om je vis en vlees te kopen.

Natuurlijk helpt dat mooie weer. Dat maakt dat hele families uitrukken en buiten flaneren. Maar die hapjes smaken ook heerlijk als je gedwongen wordt om binnen te cocoonen omdat het buiten pijpenstelen regent en de bladeren om je oren vliegen. Lekker met een fleecedekentje loungen met tempura en een heerlijke Oloroso om op te warmen.

Het bloemenschortje hangt al klaar en voor de zekerheid heb ik mijn hardloopschoenen er maar onder gezet. Ik zal ze nodig hebben na al die lekkere hapjes.

Stéphanie Dumoulin – van Rantwijk

Columns

Ongefilterd: Hoge hakken aan de wijn

Hoge_hakken_aan_de_wijn150.jpg
Was will das Weib? Sigmund Freud is er zijn leven lang niet uitgekomen wat vrouwen willen. En hoe ze in elkaar zitten. Misschien stelde hij zich wel een onmogelijk te beantwoorden vraag. Immers, “een damesmood is voor mannen vaak niet te begrijpen”, zo lazen we op vrouwonline.nl. Wie ben ik dan om een oordeel te geven over een uitgave die gepresenteerd wordt als ‘wijnboek voor vrouwen’? Ik ben namelijk een man, zij het wel van de vrouwvriendelijke soort. En de schrijfster van het boekje benaderde zelf de redactie van Perswijn met het verzoek om aandacht aan haar opus te schenken. Ze heeft er dus zelf om gevraagd. We hebben het over Hoge hakken aan de wijn van Minta Nicolaï.

Hoge_hakken_aan_de_wijn300.jpg
Was will das Weib? Sigmund Freud is er zijn leven lang niet uitgekomen wat vrouwen willen. En hoe ze in elkaar zitten. Misschien stelde hij zich wel een onmogelijk te beantwoorden vraag. Immers, “een damesmood is voor mannen vaak niet te begrijpen”, zo lazen we op vrouwonline.nl. Wie ben ik dan om een oordeel te geven over een uitgave die gepresenteerd wordt als ‘wijnboek voor vrouwen’? Ik ben namelijk een man, zij het wel van de vrouwvriendelijke soort. En de schrijfster van het boekje benaderde zelf de redactie van Perswijn met het verzoek om aandacht aan haar opus te schenken. Ze heeft er dus zelf om gevraagd. We hebben het over Hoge hakken aan de wijn van Minta Nicolaï.

Volgens het nogal opgewonden persbericht van uitgever mo’media ‘een inhoudelijk gedegen wijnboek met een eigentijdse uitstraling’. Dat belooft dus wat! Of doet misschien al het ergste vermoeden. Wijn voor vrouwen, die ondoorgrondelijke wezens met gebruiksaanwijzing. Vrouwen zouden zich bij hun wijnaankoop door andere criteria laten leiden dan die vermaledijde mannen die zo lang het wijnwereldje domineerden. Vooral de vraag: wat voor wijn drinken we bij het eten? zou daarbij belangrijk zijn. En met wie? Lifestyle, en zo.

Minta Nicolaï, een ‘ambitieuze vinologe’ die volgens de uitgever ook een aanvullende cursus ‘matchen’ bij Peter Klosse volgde (!), heeft dat thema uitgewerkt aan de hand van diverse consumptiemomenten en ‘moods’. Zo heet dat tegenwoordig als er vrouwen in het spel zijn. Wijn als emotie dus. Het moet gezegd worden ze dat op een leuke manier heeft proberen te doen door er een heel persoonlijk verhaal van te maken. Ook is zij zelf talloze malen te zien op de foto’s in het boek. In fel realistische drinksituaties in de tuin, op het terras, voor de tv, in bed, tijdens de picknick etc. Het lijkt me een leuke meid om eens een keer een fles mee te legen.

We zouden het dan eens kunnen hebben over de definitie van ‘inhoudelijk gedegen’ wijnboeken. Want dat is Hoge hakken aan de wijn allerminst. Ik weet niet hoe haar uitgever de intellectuele capaciteiten van wijndrinkende (jonge) vrouwen inschat, maar het boek stemde me in dat op zicht niet vrolijk. In tegendeel, het lijkt wel bestemd voor middelmatig begaafde bakvisjes die zich moeilijk kunnen concentreren op het lezen van langere teksten en het verwerken van informatie met enige diepgang. Geschreven in een Jip-en-Jannekeachtig Nederlands, doorspekt met allerlei onnodig Engels. Favourites, wonderful white wines, what’s your style…. Is dat soms bedoeld om maar zo trendy mogelijk over te komen? En hoe ver kun je gaan bij het versimpelen van een complex onderwerp als wijn? Halve kennis is zo mogelijk nog gevaarlijker dan geen kennis. Want misleidend. Of ontbrak het de schrijfster zelf aan voldoende referentie en expertise? Haar uitleg hoe wijn gemaakt wordt en hoe je er mee om moet zorgt regelmatig voor tenenkrommende situaties.

Ter illustratie wat voorbeelden van dubieuze beweringen en omissies. Waarom bij de geschiedenis van de wijn wel clichématig Romeinen noemen, maar de hele 20e eeuw overslaan? Sinds wanneer ademen wijnen? Waarom in een beginnerboekje praten over decanteren? En vergeten karafferen ook aan te bevelen bij re-duc-tie-ve (moeilijk woord) witte wijnen? Gaan witte wijnen pas op hout na vergisting op staal? Wel eens gehoord van de term barrel fermented? Zijn houtsnippers alleen in Australië populair. Zijn er alleen maar wijnroutes in Frankrijk? Wel eens in Duitsland geweest? Met nota bene heel veel ‘Wellness’ voor dames! Drinken we complexe rode wijnen graag op 18 à 20 graden? Bordeaux = Médoc? Wel eens gehoord van Franse gebieden als Loire of Bourgogne? Is Duitsland alleen maar Mosel? En wat moeten we ons voorstellen bij een druif met de naam ‘tasca’ die alleen op Sicilië zou voorkomen? We kennen daar alleen een producent Tasca d’Almerita. Wijn uit Margaux zou ‘licht’ zijn? Een schroefdop zou geen zuurstof kunnen doorlaten? Is Santiago een Chileens wijngebied? Waarom wel prosecco noemen, spumante niet? Waarom lezeressen lastigvallen met een bijna inhoudsloos geworden begrip als VDQS maar vergeten uit te leggen waar IGT voor staat? En zo kunnen we nog wel even doorgaan.

Gelukkig bevat het boekje ook de nodige recepten voor bepaalde drinkmomenten, tot aan het antikaterontbijt aan toe! Dan kun je als lezer(es) af en toe even op adem komen. Bij die gerechten en momenten recepten adviseert ze haar favoriete wijnen aan de hand van een aantal hoofdstijlen. Dat is allemaal best leuk en aardig, zij het niet echt origineel. Het zou me trouwens niet verbazen wanneer er bij het bedenken van het boekconcept bladenmaaksters mee in het spel geweest zijn. Onbedoeld hilarisch wordt het wel wanneer je leest aan wat voor wijnen je moet denken in het kader van de ‘zakenlunch’. Daar gaat ‘ie: Arrogant Frog van Gall&Gall, Farnese Primitivo van Albert Heijn en Fitou van de HEMA, die en passant wordt aangeduid als Coteaux du Languedoc. Daar kun je als jonge carrièrevrouw nog eens mee aankomen bij een sommelier. En indruk mee maken op je zakenrelaties. Toch staat het er echt zo…

Een ongeluk komt zelden alleen. Zie de vele slordigheden als gevolg van een lakse eindredactie. Correcte spelling van namen, al dan niet met accenten, had kennelijk geen prioriteit, getuige missers als millesimé, Drankenkloof (i.p.v. Drakenkloof!), Gewutztraminer, chardonay, marriage, cuvée close, traditionel, Chateauneuf… Help! Help!! Help!!!

Wijndrinkende vrouwen verdienen beter dan een uitgave als Hoge hakken aan de wijn. Ze moeten om te beginnen eens serieus genomen worden door hun seksegenoten. Minta is bij deze uitgenodigd voor een lunch met echte wijnen.

Minta Nicolaï:

Hoge hakken aan de wijn

mo’media, 2008

144 pagina’s, geïllustreerd

ISBN 978-90-5767-326-9

Prijs: € 14,95

René van Heusden

Columns

De wijnen van L’Abbaye de Lérins

Vanuit de lucht, vlak voor de landing op het vliegveld van  Nice, kun je ze goed zien liggen: de Iles de Lérins, twee eilanden in de baai van Cannes. Op het kleinste eiland, Saint Honorat, ligt het klooster van Lérins, waar 26 monniken wonen, werken en wijn maken.
Stel dat u op vakantie gaat naar de Rivièra. Als uw vliegtuig het vliegveld van Nice zoals te doen gebruikelijk vanuit het westen aanvliegt, ziet u ze al liggen, de Iles de Lérins, twee eilandjes in het blauw en turkoois van de baai van Cannes. Het grootste is Sainte Marguerite, een aardige bestemming voor een middagje wandelen. Interessanter echter is het veel kleinere Saint Honorat. Het heeft is een fort dat tussen 1050 en het einde van de 14e eeuw is gebouwd om het eiland tegen de Saracenen te verdedigen. Ook zijn er enkele kerkjes en kapelletjes te vinden en twee in opdracht van Napoléon Bonaparte gebouwde ovens om kanonskogels te maken. De grootste attractie is het prachtige klooster van Lérins, waar 26 monniken wonen, werken en wijn maken.

Beproeving

De monniken verblijven er al sinds 405, toen Saint Honorat en zijn volgelingen er neerstreken. Wijn wordt op het eiland sinds de middeleeuwen gemaakt volgens het benedictijner motto ‘ora et labora‘, oftewel ‘bid en werk’. Toen broeder Marie Pacques hier bijna 25 jaar geleden arriveerde, was die wijn echter van slechte kwaliteit. Zo erg zelfs, vertelde hij me tijdens een recent bezoek, dat de flessen tijdens het avondeten ongeopend bleven staan. De monniken van Saint Honorat spreken tijdens de maaltijd niet, maar u kunt zich misschien de blikken voorstellen als er weer zo’n fles Château Migraine op tafel kwam.

Nieuw begin

Zo’n 20 jaar geleden kwam daar verandering in. Hoe, daar zwijgt broeder Marie Pacques over. Ik weet dus niet hoe het precies in zijn werk is gegaan, maar ik stel mij zo voor dat een van de monniken al zwijgend met zijn vuist op tafel sloeg en wijzend naar de flessen die daar stonden duidelijk wist te maken dat het zo niet langer kon. Het gevolg was dat er werd geïnvesteerd uit de donaties die de abdij ontvangt en zonder welke er geen bestaansmogelijkheid zou zijn. Daarnaast moest er natuurlijk hard gewerkt worden – monnikenwerk, inderdaad – aan het herplanten van vrijwel alle oude wijngaarden en de creatie van enkele nieuwe. Een aantal kwalitatief hoogwaardige oude wijnstokken op een 0,3 hectare stukje grond kon gelukkig nog behouden blijven. Deze wijnstokken dragen druiven die voor wijnen van een bijzondere finesse zorgen.

Ferry_2.jpg

Een wonder

En nu, twee decennia later lijkt het erop alsof er op dit kleine eiland een godswonder is geschied. Wie weet? Of is het te danken aan broeder Bernard die hier al weer 23 jaar is en de verantwoording heeft voor de 7,6 hectare wijngaarden. Recentelijk nog een hectare extra geschikt gemaakt voor wijnbouw. Voor de witte wijnen is er 1,6 hectare met chardonnay en 1,8 met clairette. Het merendeel van de blauwe druiven bestaat uit syrah, die voor heerlijk warmbloedige, volle wijnen zorgt waarin je als het ware de zon kan proeven. Verrassend genoeg is broeder Bernard een paar jaar geleden ook begonnen met het planten van pinot noir. De eerste oogst daarvan, die overigens niet op de markt gebracht is, resulteerde in een heerlijk frisse en fruitige wijn. Zegt broeder Marie Pacques. Ik zal hem wel moeten geloven, want de wijn zelf drinken is bijna onmogelijk. Jacques Chibois, de tweesterren chef die eigenaar is van La Bastide Saint-Antoine in het parfumplaatsje Grasse, koopt de gehele voorraad Pinot Noir op om de wijn vervolgens voor een schrikbarend bedrag op de kaart te zetten…

Vinificatie

De vinificatie wordt geleid door broeder Marie – een andere dan Marie Pacques – die met zijn 16 jaren op Saint Honorat een relatief nieuw gezicht op het eiland is. Hij heeft de noodzakelijke opleiding gevolgd aan het Lycée Agricole in Hyères, wordt geassisteerd door oenoloog Emmanuel Baugnet en krijgt advies van twee Franse zwaargewichten, Eric Verdier en Jean Lenoir. De oogst vindt over het algemeen plaats vanaf begin september en duurt zo’n vijf weken. Alle monniken moeten aan de bak en daarnaast zorgen vrijwilligers van het vasteland ervoor dat alle druiven correct én op tijd worden geplukt. Alle wijnen krijgen tijd om te rijpen in nieuwe eiken vaten, de witte tussen de zes en tien maanden en de rode tenminste een jaar en vaak nog enkele maanden langer.

Liefdewerk

Het resultaat van al dat werk mag er zijn. Er worden bijna 37500 flessen wijn geproduceerd, niet veel gezien de aanplant, maar mede door de lage opbrengst zijn de wijnen van buitengewone kwaliteit. De professionele Franse wijnbladen besteden graag aandacht aan dit wonder op kleine schaal. De oogst raakt dan ook redelijk snel uitverkocht. De helft wordt verkocht in de boetiek op het eiland en direct aan belangstellenden en zo’n 40% gaat naar wijnhandelaren, restaurants en hotels. Een paar duizend flessen worden geëxporteerd. Het is voor de monniken van levensbelang dat hun wijnen verkocht worden, want er zijn hoge kosten verbonden aan de productie ervan. De bescheiden winsten worden gebruikt om projecten elders van de grond te krijgen, zoals de bouw van een klooster in Nha-Trang in het zuiden van Vietnam.

De vrienden van Saint Honorat

Gelukkig bestaat er een Club des Amis du Vignoble de Saint Honorat, waarvan je voor een luttel bedrag lid kan worden. Een mailtje aan mariepacques@abbayedelerins.com volstaat. Zo steun je een heel goed doel en kun je als tegenprestatie wijnen en primeur kopen tegen een gereduceerde prijs en aanwezig zijn op de wijnbijeenkomsten die enkele keren per jaar door de monniken worden georganiseerd. Deze omvatten een rondleiding in het klooster, bezoek aan de wijngaarden en de kelder, een ‘moment van reflectie’, een wijnproeverij én een maaltijd met Marie Pacques en zijn medebroeders. Werkelijk een onvergetelijke belevenis!

Spiritueel

De wijnen zijn niet goedkoop, maar de ‘spirituele’ prijzen van € 20 tot € 51 reflecteren wel de kwaliteit van het monnikenwerk. Ook worden diverse likeuren geproduceerd en een magnifieke Marc de Provence (€ 20). Broeder Marie Pacques is daarnaast bijzonder trots op zijn laatste product, Lérincello, een verfrissende likeur van citroenen uit Menton (€ 42) die zeer de moeite waard is als digestief. De Eau-de-Vie de Provence is met € 21 een koopje.

Behalve op het eiland zelf zijn de wijnen ook te vinden in enkele van de beroemdste restaurants in de regio, zoals La Colombe d’Or, Martinez, Josy Jo, Le Mas Candille en het al genoemde La Bastide de Saint-Antoine.

Ferry de Bakker

Columns

Château Simone, een juweeltje bij Aix

Ferry de Bakker (oogstjaar 1948) proeft, drinkt en verzamelt al bijna 45 jaar vol passie wijnen. Nu woont hij in het Zuid-Franse Cannes en schrijft hij regelmatig over wijn en gedistilleerd. Zijn eerste artikel voor Perswijn gaat over Château Simone, waar Ferry de voetstappen van Mitterand en Churchill volgt.

Ferry-groot_1.jpg
Het minste wat je van Château Simone kunt zeggen is dat het door de jaren heen tal van beroemde gasten op bezoek heeft gehad. Winston Churchill kwam er graag om de wijnen te proeven en in de 16e eeuwse kelders oudere jaargangen te ontdekken. De toenmalige president Mitterand stond erop om er een diner te nuttigen. Een andere Franse president, de inmiddels al lang vergeten Vincent Auriol, bezocht Château Simone om er tijdens een ontvangst van de wijnen te genieten. Het gastenboek doorbladerend krijg je het gevoel dat grootheden uit de muziekwereld zo mogelijk nog belangrijker gasten zijn voor de familie Rougier, eigenaars van Château Simone. Herbert von Karajan, Karl Münchinger en de Amerikaanse sopraan Teresa Stich-Randall, het zijn slechts enkele illustere namen die je daar vindt. De reden is wellicht dat zowel vader René als zoon Jean-François zelf gepassioneerde amateurmusici zijn.

Demoiselle de Simon

Het waren karmelieten, les moines Grands Carmes d’Aix, die in loop van de 16e eeuw een aantal wijngaarden aanlegden. Daarnaast begonnen zij met de bouw van een Provençaalse bastide en met het uithakken van de rotsen om kelders aan te leggen. Twee eeuwen later wonen de karmelieten er plotseling samen met een familie genaamd De Pascalis. Een deel van de wijngaarden draagt tegenwoordig nog die naam. En dan komen we opeens een zekere Demoiselle de Simon in de geschiedenisboeken tegen. Naar het zich laat raden hebben we aan haar de naam van dit wijndomein te danken.

Uithuilen en opnieuw beginnen

In de 19e eeuw verschijnt de familie Rougier op het toneel en wordt eigenaar van Château Simone. In 1860 worden de wijngaarden helaas getroffen door de gevreesde phylloxera, die de wijnranken van Château Simone totaal verwoestte. Deze druifluis, door toeval naar Europa gebracht via Amerikaanse wijnranken, vernietigde in de tweede helft van de 19e eeuw vrijwel alle wijngaarden in de oude wereld. De Rougiers konden weer opnieuw beginnen en plantten wijnranken die beter bestand bleken tegen de phylloxera. Zij renoveerden het kasteel met hulp van de architect Cantini en bouwden in 1880 ook nog een prachtige kleine kapel. Het kasteel met de bijhorende gebouwen zijn altijd uitmuntend onderhouden en omgeven door een fraaie tuin. In 1918 moderniseerde de grootvader van René Rougier het domein en kocht verticale, hydraulische persen. Ze worden nog steeds gebruikt.

Appellation Palette Contrôlée

Château Simone ligt vlak bij de dorpjes Palette en Meyreuil, zo’n 9 kilometer van Aix-en-Provence verwijderd. Simone is niet het enige wijndomein aldaar, maar wel verreweg het grootste. De productie omvat het leeuwendeel van wat er in de kleinste appellation contrôlée van Zuid-Frankrijk geproduceerd wordt. Het was, zoals voorspelbaar, de familie Rougier, die zich sterk maakte voor de officiële status van een appellation contrôlée. Naar typisch Frans gebruik vroegen ze die in 1947 voor Château Simone zelf aan. Dat feest ging voor hen helaas niet door, maar het Franse Institut National des Appellations d’Origine (IANO) kende op 28 april 1948 wel de appellation toe aan het kleine wijngebied Palette.

Traditionele methoden

René Rougier, die in 1952 oud genoeg was om in de wijngaarden van zijn Château Simone te gaan werken, heeft in al die jaren nimmer een wijnrank uit de grond getrokken. Hij kent de waarde van vieilles vignes en is er in die jaren in geslaagd de gemiddelde leeftijd ervan op zo’n 50 jaar te houden. Een aantal ervan is zelfs meer dan 100 jaar oud. Zijn zoon Jean-François heeft inmiddels de leiding van het wijndomein overgenomen en is daarmee de achtste generatie Rougier geworden die dat doet.

De Rougiers hechten zeer aan de traditionele wijze van het wijnmaken, inclusief een lange fermentatie in cementen en roestvrijstalen vaten. Daarna rijpen de rode en ook de witte wijnen eerst een jaar in foudres, grote houten fusten die ook in Bandol worden gebruikt. Tot slot ligt de wijn nog ruim een jaar in gebruikte barriques, vaten van 225 liter, die Rougier bij de topchâteaux in de Médoc op de kop tikt. Op deze wijze krijgen de wijnen ‘les qualités de leur noble origine‘, zoals René Rougier uitlegt.

Wijngaarden op noordelijke hellingen

De appellation Palette beslaat slechts 23 hectare, waarvan er 17 toebehoren toe aan Château Simone. De wijngaarden liggen in een gebied met pijnboomwouden en, zeer ongebruikelijk, op noordelijke hellingen. Zon is er hier al genoeg. Vanuit de tuin van het kasteel zie je zo’n 15 hectare liggen. Verderop zijn er nog 2 hectare grond die in 1982 zijn beplant. De kans dat men in Palette bossen zal kappen om meer wijngaarden te creëren is gelukkig zeer gering, zodat de schoonheid van de streek voorlopig verzekerd zal blijven. In de wijngaarden kom je vooral grenache en mourvèdre tegen, die de basis voor de rode en de rosé wijn zijn. Verder zijn er de usual suspects zoals syrah, cinsault en carignan, maar ook onbekende variëteiten als castet en manosquin. De druiven voor de witte wijn zijn vooral clairette en, in mindere mate, grenache blanc.

Zeldzaam

Vrijwel alle kenners enthousiast zijn over de wijnen van de familie Rougier. Handelsmerk is hun ongewoon lange levensduur. De rode kenmerkt zich door zijn complexiteit, terwijl de onalledaagse witte werkelijk fabuleus is en wel 30 jaar oud kan worden! Zelfs de kruidige en stevige rosé kan best een jaar of 10 mee.

Het prachtig ouderwetse etiket is ontworpen door twee ooms van de familie. Zij hebben de voor het domein zo belangrijke Mont Sainte-Victoire erop getekend, hoewel de werkelijke ligging anders is. Maar ach, dat moet kunnen. Op een collerette, een traditioneel bandje dat de hals van de fles siert staan het jaartal en de woorden Grand Cru de Provence. Aan deze zeldzame wijnen hangt natuurlijk een behoorlijk, zij het niet overdreven, prijskaartje. Ze zijn in Nederland verkrijgbaar bij de winkels van De Gouden Ton voor € 34,50.

Het kasteel, de kelders, de tuinen, de wijnen en vooral ook de bijzondere sfeer maken een bezoek aan het wijngoed zelf ook zeer de moeite waard.

www.chateau-simone.fr

www.degoudenton.nl

Ferry_klein.jpg
Ferry de Bakker (oogstjaar 1948) proeft, drinkt en verzamelt al bijna 45 jaar vol passie wijnen. Hij werkte en woonde in verschillende landen in Europa, Azië en het Midden-Oosten en besloot zich in 1999 in het zuiden van Frankrijk te vestigen. Hij schrijft, als hobby, zowel in het Nederlands als Engels over wijn en gedistilleerd. Verder is hij mede-eigenaar en directielid van het kleine cognachuis La Gabare, dat voornamelijk zeldzame jaartalcognacs op de markt brengt.

Columns

Oogstjaar 2003

Het was een raar jaar, 2003. In de Champagne zorgde hagel in de lente voor een kleine oogst, de hete zomer voor heel rijpe druiven met relatief weinig zuren. Dit was natuurlijk niet alleen in Frankrijk het geval, maar in zo’n beetje alle Europese wijnproducerende gebieden. Tijdens deze warme zomer was ik na mijn werk bijna dagelijks op het strand te vinden en feestte ik er vrolijk op los als jonge vrijgezel.

Stephanie_groot.jpg
Het was een raar jaar, 2003. In de Champagne zorgde hagel in de lente voor een kleine oogst, de hete zomer voor heel rijpe druiven met relatief weinig zuren. Dit was natuurlijk niet alleen in Frankrijk het geval, maar in zo’n beetje alle Europese wijnproducerende gebieden.

Tijdens deze warme zomer was ik na mijn werk bijna dagelijks op het strand te vinden en feestte ik er vrolijk op los als jonge vrijgezel. Ik solliciteerde bij het Comité Interprofessionnel du Vin de Champagne (CIVC) en werd aangenomen. In november ging ik – ter voorbereiding op mijn nieuwe baan als champagneambassadrice – naar Champagne aan Zee en viel als een blok voor de charmante ‘ober’ die me tijdens de lunch voortdurend van champagne voorzag.

Ook in de Champagne is 2003 nog steeds een veelbesproken jaar. Het maken van een goede assemblage met 2003 als basis was niet eenvoudig: de wijn bevat veel minder zuren, rijpt hierdoor anders en oudert sneller.

Maar weinig producenten hebben van dit rare jaar een millésimé gemaakt, simpelweg omdat er niet genoeg druiven waren. Een deel van de oogst van een groot champagnehuis is zelfs gejat, zo hectisch ging het er aan toe. Maar de producenten die het zich konden veroorloven om van dit vreemde goedje een aparte fles uit te brengen, probeerden dat wel, al was het alleen maar bij wijze van experiment. Veel huizen laten een millésimé veel langer rijpen dan de verplichte drie jaar. Zo zijn 1998, 2000 en 2002 op dit moment gangbare jaartalchampagnes. Omdat 2003 zich zo anders ontwikkelt, zijn er wel al een paar te vinden. De wijn rijpt sneller omdat er door het warme weer veel minder zuren in de druiven zaten en veel meer suikers. Hierdoor komt de wijn soms belegen over. De 2003 is daarom een wijn die niet heel lang bewaard kan worden en eerder op de markt komt.

Afgelopen voorjaar was ik met een groep sommeliers in de Champagne. Ik raakte in de ban dit veelbesproken jaar! In Reims holde ik winkel in, winkel uit. Hier vond ik zelfs een rosé 2003! En in Epernay heb ik al mijn charmes in de strijd moeten gooien om bij een restauranteigenaar zijn laatste fles 2003 los te peuteren. De groep kreeg mijn hartstochtelijke passie voor 2003 in de gaten en er werd weer flink geschaterd als een van de producenten over dat jaar begon. Handig, want ik had er ineens een heel stel speurneuzen bij die me hielpen sjouwen als ik weer eens een winkel had geplunderd en meer had gekocht dan ik kon dragen. Zelfs een importeur kreeg lucht van mijn 2003-zucht en stuurde me een fles!

Mijn mooie Champagne 2003 collectie, waarvoor ik me suf geshopt heb, mijn armen uit mijn lijf heb lopen sjouwen en zelfs een bus sommeliers heb ingezet, is al verdwenen. Helemaal op. Begin juli 2008 – de dag dat net zo tropisch warm was als in 2003 – trouwde ik met mijn droomober in het Amsterdamse Vondelpark en hebben we ze met vijf man en twee hond sterk lekker opgedronken. Op naar de volgende collectie…

Stephanie Dumoulin – van Rantwijk

Columns

Zoet

Stéphanie van Rantwijk verbaast zich: ze dacht dat de liefhebbers van een zoet, wit wijntje waren uitgestorven, net als de voorkeur voor witte wijn met 7-up en kleine meisjesbier. Daar staat ze, alleen en verlaten achter een proeftafel vol heerlijkheden die niemand wil drinken.
Zoet

‘Heeft u ook zoete witte wijn?’

‘Euh, nee mevrouw, het spijt me. Ik heb wel een heel mooie kruidige wijn voor u.’

‘Nee, laat dan maar.’

Daar sta ik dan, in de brandende zon met een proeftafel met zes serieuze wijnen op een landgoed waar een bedrijfsuitje plaatsvindt. Overigens is niet het hele bedrijf van de partij… het gaat om een paar afdelingen. En dat heeft verwarring geschept. Ik had het niveau heel hoog ingeschat en had de avond daarvoor alle wijnen nog goed bestudeerd.

Ze bestaan dus nog, zoetewittewijndrinkers. En dan heb ik het niet over een prachtige Sauternes of andere mooie dessertwijn, maar over lichte, zoete witte wijn zoals je oma hem dronk. Misschien begin ik toch gedeformeerd te raken, want ik dacht dat we het zoete tijdperk achter ons hadden gelaten. In de tijd dat ik als student in de horeca werkte, was ik eigenlijk al verbaasd als een volwassene om een spritser vroeg, witte wijn met 7-up.

Het doet me denken aan de tijd dat ik voor het eerst uit mocht. Met ons gezin stonden we op een camping à la ferme en dan mocht ik met mijn broer mee naar de dichtstbijzijnde grote camping waar een disco was. Ik dronk toen demi-fraise: bier van de tap waar een scheut aardbeiengrenadine in gekiept is. Kleinemeisjesbier dus, ook al dronken de jongens het ook. De Franse jongens welteverstaan; de Nederlandse jongens dronken écht bier. Wijn met limonade heb ik nooit geprobeerd. En kir heb ik altijd zonde gevonden.

De ongewone witte wijn uit de Languedoc die ik nu bij me heb, is niet zoet en valt dan ook niet in de smaak. De garrigue springt eruit: tijm, rozemarijn, lavendel en oregano. Het zit er allemaal in en dat ruik en proef je. Had ik ‘m in een zwart glas voor mijn neus gekregen, dan had ik hem waarschijnlijk voor rood aangezien. Verder staan er twee rode ‘zomerwijnen’ die je slightly chilled moet drinken. Dat vindt men hier ook maar raar. Door de frisse stijl zijn ze uitermate geschikt om bij salades te schenken met parmaham en gegrilde asperges. Een rode wijn met kenmerken van wit, die daarom ook goed bij een barbecue past.

Mijn proeftafel heeft dus veel te bieden. Maar zoete witte wijn ontbreekt en zo blijft het rustig aan mijn tafel.

Stéphanie van Rantwijk

Columns

Column: Oude knar

Bordeaux is voor oude knarren. Mijn vader vond ik altijd een ouderwetse brombeer: wijn moet rood zijn en alleen als–ie uit de Bordeaux komt, mag het wat kosten. Zijn glaasje Pomerol dronk hij dan, samen met mijn moeder, na het eten bij de open haard. Het plaatje klopt helemaal met de schets die het Wijn Informatiecentrum jaarlijks maakt van de verschillende generaties wijnconsumenten.
Bordeaux is voor oude knarren. Mijn vader vond ik altijd een ouderwetse brombeer: wijn moet rood zijn en alleen als–ie uit de Bordeaux komt, mag het wat kosten. Zijn glaasje Pomerol dronk hij dan, samen met mijn moeder, na het eten bij de open haard. Het plaatje klopt helemaal met de schets die het Wijn Informatiecentrum jaarlijks maakt van de verschillende generaties wijnconsumenten.

Nee, niets voor mij, dat suffe gedoe, geef mij maar lekker wit en het mag overal ter wereld gemaakt zijn…. Maar liever niet in de Bordeaux.

Totdat ik er onlangs was, in de Bordeaux. Toen piepte ik wel anders. Ik mocht mee op reis met de Wijnacademie. Een bus vol met aanstaande vinologen en hun gepassioneerde docenten. Wat een intens mooie streek en wat wordt druivensap daar fabuleus omgetoverd tot wijn.

En niks suffe oude lullen, maar leuke gepassioneerde wijnproducenten die me in een paar dagen hebben omgevormd tot Bordeauxfan. En niks stoffige flessen in een oude kelder, maar superschone en prachtige gebouwen waar je van de grond kunt eten. Stroeve, moeilijke wijnen verwachtte ik en veel rood vlees. Wat bleek, weinig rood vlees, maar er kwaakt in de hele streek geen enkel eendje meer: die heeft de club vinologen in spe soldaat gemaakt. En ook de narrige stroeve wijnen bleven uit. Ik werd verrast door zachte soepele wijn met veel fruit, die zelfs jong al heel mooi was.

Eén iemand in het bijzonder, heeft mijn hart doen smelten voor Bordeaux…

Op het programma stond een college over terroir van een professor, wiens naam ik wel kende, maar van wie ik nog nooit een foto had gezien (inmiddels staat er overigens keurig een foto van hem op deze site). Volgens mijn Bordeauxbeeld moest dat een oude knar zijn, met een hautaine blik, verwilderd grijs haar, in een smoezelig pak, tweedelig omdat het derde deel niet meer past. Maar nee… Er stond een slanke donkerblonde man in een spijkerbroek op stoere filaschoenen voor de klas. En mijn nachtmerrie van een saai college werd een bijzondere belevenis die mij tot vlijtige leerling maakte die pagina’s volpende. Wat er zo bijzonder aan was, is dat deze professor absoluut niet uit de hoogte deed en juist in zo begrijpelijke taal kon uitleggen en vertellen over onderzoek dat hij heeft gedaan en nog doet aan de universiteit van Bordeaux. Hij zorgde ervoor dat de Bordeaux voor ons ging leven en dat we er een stukje van konden bevatten.

Op de terugweg in de bus vertelde een reisgenote dat ze elke avond met haar man even bij de open haard een glas wijn drinkt en de dag bespreekt. Jee, wat zou ik graag een open haard hebben, om lekker een glaasje St-Emilion bij weg te nippen. Samen met mijn grote liefde op een berenvel, trouwe lobbes aan onze voeten en op de achtergrond een loungemuziekje. Ahhh, wie is er nu de oude knar?

Oei! Toch gauw even mijn kapper Angelito vragen of hij mijn haar extra donker wil verven.

1 51 52 53 54
Page 53 of 54