Campanië: over nieuw geld en oude druiven (1) - Perswijn
Achtergrond & Interviews

Campanië: over nieuw geld en oude druiven (1)

Campanië, aan de zuidwestkust van Italië (net onder Napels), is een relatief onbekende wijnstreek. Toch is er – zoals in bijna elke Italiaanse wijnstreek – het nodige te beleven op het gebied van inheemse druivenrassen, die hier ruim in voorraad zijn. Een uitgebreid reisverslag, waarvan een ingekorte versie in Perswijn nummer 2 verscheen.


Naast oude, traditionele wijnboeren en een groepje gevestigde, grotere namen vind je in Camapnië tegenwoordig ook heel enthousiaste nieuwe producenten. Allemaal zijn ze trots op hun streek en hun wijnen. Samen werken ze aan nieuwe kansen voor Campanië.

Wervelwind

Als we in Campanië bij ons eerste wijnbedrijf aankomen, worden we enthousiast begroet door eigenaresse Milena Pepe met de woorden: “Hoe gaat het met u?” Ze spreekt met een grappig Italiaans-Belgische tongval. De jonge, blonde Milena Pepe is een opvallende verschijning hier in het diepe zuiden van Italië. Ze geeft sinds 2005 leiding aan het wijnbedrijf van haar familie. En dat doet ze met verve.Als een wervelwind rent ze al telefonerend door het bedrijf. Voor de journalisten uit Holland regelt ze tussendoor nog even een paar afspraken bij collegabedrijven. Milena kent iedereen en iedereen kent haar, want ze is ook nog eens president van het consortium van de producenten van de streek Irpinia. Haar belangrijkste doel: meer bekendheid geven aan de wijnen van de streek.Hebben de wijnen van Campanië promotie nodig? Milena: “Zeker. Campanië is niet zo bekend als Toscane of Piemonte en onze DOCG Taurasi is bij lange na niet zo beroemd als de DOCG Brunello of Barolo. Als die wijnen in proeverijen met elkaar worden vergeleken komt de Taurasi vaak erg goed uit de bus. Toch kopen mensen voor hun geld liever een Barolo dan een Taurasi, daar moeten we iets aan doen.” Maar Milena ziet ook nieuwe kansen:  “Er worden hier in Campanië steeds betere witte wijnen gemaakt en de bekendheid en populariteit van wijnen als Greco di Tufo en Fiano di Avellino stijgen.”

Impuls

Milena, die nieuw elan geeft aan haar familiebedrijf Cavalier Pepe, kan symbool staan voor het nieuwe elan dat we ook elders in Campanië tegenkomen. We bezoeken tien bedrijven en hoe verschillend ze ook zijn, overal proef je het enthousiasme. Iedereen is trots op zijn land, de streek en natuurlijk zijn eigen wijnen. Als we voor het gemak de wijnmakers indelen in drie groepen, zien we de boeren, het oude geld en het nieuwe geld.

Tot de boeren behoren de familiebedrijven die al jaren in de wijnbouw zitten zoals Cavalier Pepe, Caggiano en Mollettieri. Tot deze groep rekenen we ook de families die eerder hun druiven aan de grote wijnmakers als Mastroberardino verkochten en sinds kort de stap maken naar een eigen wijn zoals Torricini, I Favati en San Francesco. Hun focus ligt op het telen van druiven en wijn maken volgens de oude tradities. De eerlijkheid gebied te zeggen dat de wijnen van de oude boeren en dan vooral die van Mollettieri op ons de meeste indruk maakten. Het oude geld zit bij grote historische bedrijven als Mastroberardino (sinds 1878), Cantina di Marzo (sinds 1647) en Feudi di San Gregorio. Die laatste (door ons nu niet bezocht) bestaat weliswaar pas sinds 1986 maar met hun 300 hectare wijngaard en geoliede verkoopmachine behoren ze absoluut tot de gevestigde orde. Algemeen wordt onderschreven dat vooral de oude aristocratische familie Mastroberardino in de geschiedenis een belangrijke rol heeft gespeeld bij het in stand houden van de wijnproductie en de promotie van de streek en de eigen druivenrassen als Greco en Fiano. Als zij er niet waren geweest zou de hele streek nu vol staan met Cabernet en Merlot. Feudi di San Gregorio gaf een nieuwe impuls aan de kwaliteit en bekendheid van wijnen uit Campanië in de jaren ’90.

Maar de echte vernieuwing zagen we op onze trip bij de wijnmakers met het nieuwe geld. Ondernemers die elders hun fortuin verdienen en die kansen zien in de wijn, La Rivolta en Sclavia. Het meest opvallende aan deze nieuwe wijnmakers is dat hun focus niet in de eerste plaats ligt op winst of rendement. Hun beweegredenen om hun spaargeld in wijnproductie om te zetten heeft ook een sterk emotionele kant; de passie voor de streek, de historie en de wijn. Dat geldt in ieder geval voor de apotheker van La Rivolta en de osteopaat van Sclavia. Hieronder het eerste deel van onze rondgang langs tien wijnbedrijven.

Cavalier Pepe, San Angelo All’Esca (AV)

De vader van Milena Pepe verhuisde op jonge leeftijd naar Brussel. Hij trouwt een Belgische en begint aan de bouw van een imperium dat momenteel zes restaurants en hotels omvat. Milena gaat in België naar school en volgt een cursus oenologie in Frankrijk voordat ze in 2005 teruggaat naar de thuisbasis van de familie Pepe om de leiding over te nemen van haar ooms. Haar missie is het om met nieuwe energie en investeringen de kwaliteit te verbeteren en het bedrijf opnieuw op de wijnkaart te zetten.

Milena zwaait in haar eentje de scepter over 43 hectare wijngaarden, goed voor ruim 350.000 flessen, te verdelen over wel 14 soorten verschillende wijnen: van mousserend tot zoet, van een gewone Fiano tot houtgelagerde versies. Ze experimenteert door (maximaal 15%) merlot of sangiovese aan haar Aglianico d’Irpinia toe te voegen. Met haar Taurasi, met de veelzeggende naam Opera Mia, wil ze een signatuur zetten onder de nieuwe richting die het bedrijf onder haar leiding krijgt. Zelf is ze erg trots op de Bianco del Bellona een wijn van 100% coda di volpe.

Favoriete wijn: Irpinia Coda di Volpe Doc 2012 “ Bianco di Bellona”

Importeur: Vino e Olio

Antonio Caggiano, Taurasi (AV)

Antonio is een gepassioneerd man. Hij heeft een grote liefde voor wijn, vrouwen en fotografie, en combineert deze op een heel eigen wijze. Terwijl zijn zoon Guiseppe opvallend bescheiden op de achtergrond doorwerkt, doet Antonio zijn verhaal: “In deze cantina maken we geen wijn, hier maken we cultuur. De combinatie van de eigenschappen van de grond, het specifieke klimaat hier tussen de bergen, en de oeroude druivenrassen geven al eeuwenlang een heel eigen wijntype die onderdeel is van onze cultuur.” Antonio is dan ook fel tegen het voorstel om 20% andere druivenrassen toe te mogen voegen aan de Taurasi. Die wijn moet gewoon voor 100% uit aglianico bestaan, vindt hij.Hoewel al generaties lang in de druiventeelt, maakt de familie pas sinds 1990 zelf wijn. Na een aardbeving in datzelfde jaar heeft Antonio zijn hele wijnbedrijf opnieuw moeten opbouwen. Dat deed hij grotendeels zelf, met brokstukken van kerken en andere gebouwen uit de buurt die ingestort waren.

Zijn wijnkelders zien er nu uit als mysterieuze gangenstelsel vol oude werktuigen die ooit gebruikt werden in de wijnbouw.Zijn ware passie zit opgeborgen in een grote, in leer uitgevoerde map. Giuseppe begint al te gniffelen als hij ziet dat zijn vader de map tevoorschijn haalt. Die zit vol met vergrotingen van foto’s van naakte vrouwen: aan het strand in Brazilië of in het hete Saharazand. De oude man krijgt nog steeds een glinstering in de ogen als hij er naar kijkt. Zijn wijnen hebben namen gekregen die aan deze reizen herinneren: Béchar is een herinnering aan Marokko. Een van zijn nieuwste creaties heet Fiagre, een mengwijn van Fiano en Greco, maar toch zeker ook een knipoog naar een bekend ‘geneesmiddel’. Een bijzonder man dus, maar zijn wijnen zijn er niet minder om.

Favoriete wijn: Taurasi, Macchia dei Grotti 2009

Importeur: Glandorf enThijs


Mastroberardino, Altripalda (AV)

Midden in het kleine dorp Atripalda ligt het grote bedrijf Mastroberardino, een van de grootste en belangrijkste bedrijven uit de regio. Het waren de voorouders van Piero Mastroberardino die al in 1740 met wijnbouw begonnen in Campanië. De vader van Piero, Antonio, was degene die na de oorlog, toen veel wijngaarden waren verwoest, zijn wijngaarden niet herplantte met Cabernet en Merlot. Hij begon juist een zoektocht naar de verschillende klonen van de autochtone druivenrassen: Aglianico, Coda di Volpe, Falanghina, Greco di Tufo en Piedirosso. Zijn gelijk behaalde hij met zijn Taurasi 1968 die in internationale proeverijen zeer goed scoorde.Algemeen wordt erkend dat de familie Mastroberardino met haar inspanningen een belangrijke bijdrage heeft geleverd aan de populariteit van de wijnen uit Campanië. Piero Mastroberardino is geen wijnboer, maar een wijnheer. Hij heeft marketing gestudeerd en reist de hele wereld over om zijn familie te vertegenwoordigen en zijn wijnen te promoten. Zijn taalgebruik is eerder poëtisch en filosofisch dan technisch. Naast wijn maakt hij ook schilderijen (van voornamelijk naakte vrouwen, dat dan weer wel) en schrijft hij boeken. Onder zijn leiding gaat het onderzoek naar de beste klonen gewoon door.


Mastroberardino heeft een eigen team van agronomen in dienst die nauwkeurig de verschillende druivenrassen variëren op ondergrond en snoeiwijze. Een van hen, Antonio Capone, geeft een voorbeeld: “We ontdekten dat onze wijngaard in Montemarano veel meer zuren in de wijn geeft dan elders. Door geen groene oogst te doen in het voorjaar krijgen we op natuurlijke wijze een lagere oogst met minder zuur. We streven naar een moderne wijn, die zacht is, fluweel, met lagere tannine, minder alcohol en meer fruit. Door de juiste kloon op de juiste ondergrond en de juiste hoogte te planten, is dat mogelijk.’

Favoriete wijn: Taurasi Radici 2006

Importeur: Cristofoli In het tweede deel van dit verslag bezoeken we nog zeven producenten met bijzondere verhalen en mooie wijnen.

Tekst: Gerard Reijmer

Fotografie: Henk Braam

Foodteam

Reageer op dit item