Overpeinzingen op maandag: Andere tijden - Perswijn
Columns

Overpeinzingen op maandag: Andere tijden

Een van de weinige pleziertjes in deze tijd die een mens nog heeft, is de mogelijkheid vrienden te ontvangen en samen lekker te eten en mooie wijnen te drinken. Je mag zelfs weer drie mensen ontvangen, dus twee is helemaal prima. Wel aan een lange tafel natuurlijk, op anderhalve meter afstand. Heel keurig dus.

Het is fijn om even in de kelder te duiken om bijzondere flessen te zoeken. Goede wijn komt tegenwoordig van overal, maar op zo’n avond is het verleidelijk wat ‘klassieks’ op te diepen. We begonnen met een oude Champagne uit 1996, ooit een topjaar en wonderbaarlijk genoeg nog steeds goed drinkbaar. Dit soort oude champagnes heeft niet veel ‘prik’ meer, het wordt meer een bedaagde witte wijn met een tinteling. Maar als je het kunt waarderen, is het ook echt bijzonder.

Op zo’n avond moeten we toch concluderen dat de frisheid van een jonge rode Bordeaux of een fijne Barolo moeilijk te evenaren blijft. Vreemd eigenlijk. Je zou denken dat de klimaatopwarming zou leiden tot ‘warmere’ en minder spannende wijnen. Toch lijkt dat niet automatisch te gebeuren. De gedachten gaan nog even terug naar de jaren negentig, naar aanleiding van de oude champagne. De klimaatopwarming was nog maar nét begonnen en het aantal goede jaren in de klassieke wijnstreken was op één hand te tellen. Voor de champagne was 1996 na 1990 met 1995 de eerste goede jaargang van het decennium. Ook in Bordeaux waren ’95 en ’96 vrij goede jaren, maar naast ’98 en ’99 voor sommige wijnen was het geen groots decennium. In ’97 werden veel wijnen geplaagd door dat typische ‘paprika’-geurtje, veroorzaakt door pyrazine, de geur van onrijpe druiven. Dat zijn we sindsdien niet meer in die mate tegengekomen.

De realiteit is dat de warmere decennia daarna gewoon betere jaren en betere wijnen hebben opgeleverd. Voor de klassieke streken was het in het verleden vaak knokken om rijpe druiven te oogsten, en nu is het misschien knokken om geen overrijpe druiven te oogsten. Maar dat lukt meestal prima. Een belangrijke verandering is misschien vooral dat -anders dan vroeger-  de warmste jaren niet meer de beste jaren zijn. Hete jaargangen als 2000, 2003 of 2009 zijn de ‘mindere’ jaren van tegenwoordig. Eigenlijk de omgekeerde wereld. Je moet er even aan wennen, dat wel. Maar de paar absolute topjaren – in Bordeaux 2010 en 2016 – liegen niet. Waarmee ik overigens helemaal niet wil zeggen dat klimaatverandering niet bedreigend zou zijn – want dat is het op lange termijn zeker wel.

Maar op de korte termijn is het effect op de wijnen in niet te warme jaren positief. Onze Barolo uit 2015 was misschien niet zo getypeerd, wat voller en rijker dan we gewend waren. Maar het betekent ook dat dit soort Barolo’s – en ook jonge Bordeaux – veel jonger kunnen worden gedronken. Leve de ongeduldigen – inclusief wijzelf. Een vreemde, en eigenlijk nogal ongemakkelijke waarheid.

Ronald de Groot

1 Reactie

  1. Beste Ronald,

    Tot de ‘klassiekers’ behoort natuurlijk ook de Bourgogne en als leverancier van Bourgognes, moet ik dat noemen.
    Wij vinden de 2003 mooi fruitig en zeer aangenaam met een neiging tot Shiraz, niet zo’n klassieke Bourgogne dus, daarnaast is Bourgogne 2009 een topjaar om nu te drinken. Overigens hebben de wijnboeren in de Barollo begin vorige eeuw na een bezoek aan de Bourgogne besloten om zelf wijn te gaan maken en de druiven niet meer allemaal aan de cooperatie te leveren.

    We hebben net in Gevrey-Chambertin bij Guillard de 2018 opgehaald (wat ons overigens 10 dagen 40aine kost) en die bewijzen je oordeel over de opwarming van de aarde.

Reageer op dit item