Nieuws

Verslag van de winnaar van de winactie meeproeven met het PERSWIJN proefpanel

Dinsdagavond tegen achten meldde ik mij in Amsterdam bij het woonhuis van de hoofdredacteur zelf. Vanavond was de proeverij van het Perswijn proefpanel. Iedere dinsdagavond wordt daar door een bekwaam gezelschap de door de wijnhandel ingezonden flessen thematisch geproefd. Niet op kantoor, maar thuis in haar natuurlijke habitat: waar wijn hoort.

De rode wijnen in het gelid

Onzeker over wat komen ging, spookte het door mijn hoofd dat ik mij beter had moeten voorbereiden. Het laatste moment aan de voordeur voelde als naar pianoles vroeger: met wat geluk sleepte ik me er wel door heen, maar het kon ook anders aflopen. Gelukkig was ik gewapend met een vers-gebottelde fles Montagny premier cru 2016 van JanotsBos uit Meursault. Een mooie fles, dat zou vast helpen. Tegen mezelf: “Komt wel goed, Jaap”.

Ronald de Groot opende de deur en wees mij alvast de kelder. Het was een vriendelijke ontvangst, waardoor voor mij het ijs gebroken werd. Ik was de eerste, de rest zou weldra volgen. Trapje af, de catacomben in. Plaats van handeling was een barstensvol flessen en wijnkisten gevulde ruimte. Middenin stond een lange smalle tafel die uit voorzorg bedekt was met wit plastic. Midden op de tafel stond een aantal flessen, zorgvuldig onherkenbaar gemaakt met stoffen bruine zakjes, elk met een nummer. De wanden toonden ontelbare flessen en wijnkisten (vol!). Mijn stiekeme poging om de persoonlijke voorkeur van de eigenaar en hoofdredacteur ontdekken strandde in de brede verzameling. Dit was de kelder van een man met brede wijn-interesse.

De flessen worden ontkurkt

Langzaam druppelden de leden van het illustere panel binnen. Voor mij waren het bekende en minder bekende mensen. Allemaal professionals. “Het is vandaag een hengstenbal” riep er één. Allemaal mannen, negen op een rij!
Als een goed getrainde elite ging iedereen snel zitten. Er was weinig ruimte voor de stoelen, het paste net. Ook de witte wijnen uit de koeling werden klaargezet. De gesprekken waren kort en zakelijk. Weinig woorden en de concentratie overheerste.

De proeverij zelf bleek een logistieke oefening, die in duizelingwekkend tempo werd afgewerkt. De wijnen werden twee aan twee geproefd en wisselden elkaar al na een minuut af, of in ieder geval zo voelde het voor mij. Tussendoor had je nog korte tijd om snel je proefnotities te maken. Daarna volgde alweer het nieuwe tweetal. De kwispedoren raakten snel vol.

Vooraf was niet bekend gemaakt welke wijnen geproefd zouden worden, maar de witte en rode wijnen bleken uit Piemonte te komen: Roero Arneis en Barbera d’Asti. Erg interessant, want die proef ik niet zo vaak. Alle witte uit 2017 en de rode uit 2015. Zelden proef je zo veel verschillende producenten naast elkaar.

De opgestelde Roero Arneis werd vooral gekenmerkt door een neus van witte bloemetjes, gele rijpe peer en een smaak met levendige zuurtjes van groene appeltjes en een typisch Italiaans bittertje na. Dorstlessende doordrinkers. De Barbera’s toonden een bredere verscheidenheid: van jonge, helderrode frisse en opportunistische zomerwijnen (“what you see is what you get”), boordevol met kersenfruit, tot dieper gekleurde serieuze en soms wat gereserveerde houtgelagerde artistieke hoogstandjes met laagjes en complexiteit.

Op het rijtje af gaven we om de beurt commentaar, waarbij Ronald de Groot van iedereen de bijzonderheden en scores vastlegde in een spreadsheet. Iedere wijn werd daarmee blind door negen man beoordeeld. Democratischer kan een vergelijkende proeverij niet gaan. Sommige wijnen werden ervan verdacht ontzuurd te zijn, andere waren “te gepolijst” of “compact in luxe hout verpakt”. Kortom, ook qua vocabulaire gingen ook alle registers open. Natuurlijk was er ruimte voor discussie en nuance. Altijd met als numerieke uitkomst een onverbiddelijke score, soms tot drie cijfers achter de komma. De 24 wijnen zaten in een mum van tijd in de computer, de scores gemiddeld en de rangorde stond. Big data in de kelder. Tot slot werden de etiketten onthuld en ontspon zich een discussie. Ik was onder de indruk van de eerlijke en zakelijke benadering. Dat moet geruststellend zijn voor leveranciers die hun flessen inbrengen.

Na deze straffe veldmars ontspande het gezelschap en kwamen ook de kazen op tafel. De professionals bleken van vlees en bloed en de gesprekken werden levendiger en persoonlijker. Mijn buurman, Udo Goëbel (WineMatters), ontpopte zich als een volleerde kaasmeester.

In de kelder van Ronald (mijzelf in het midden)

Natuurlijk, ook mijn fles ging open. De Montagny premier cru les Coeres 2016 van JanotsBos deed het goed bij de truffelkaas en bij de andere buitenlandse kazen. De piepjonge Chardonnay bood een mooie mineraliteit met de smaak van exotisch fruit (mango, ananas) na. Chapeau voor deze prima afsluiter!

Met wat rode spetters op mijn witte overhemd verliet ik, een bijzondere ervaring rijker, kort na tienen het pand. Het was voor mij een unieke en leerzame avond. Ik zal voortaan met nog meer respect de proefverslagen bestuderen en uitspellen. En zal daarbij het beeld van de proeverij in de donkere kelder niet meer kunnen uitbannen. Dank aan Perswijn voor deze mogelijkheid en hulde aan de gastheer en de leden van het proefpanel.

Jaap Reijnders

(Noot van de redactie: Jaap Reijnders was één van de twee winnaars van de winactie in april 2018 om eens met het PERSWIJN proefpanel mee te proeven)

Reageer op dit item