Ürziger Würzgarten: Moezelriesling in volle glorie - I - Perswijn
Achtergrond & Interviews

Ürziger Würzgarten: Moezelriesling in volle glorie – I

Moezelrieslings uit grote jaren, gemaakt van perfect rijpe druiven, kunnen zich uitstekend ontwikkelen. Decennialang zelfs, mits de flessen in goede conditie blijven. Ondanks hun lage alcoholpercentages behoren ze tot de klassieke bewaarwijnen.

Tekst en fotografie: René van Heusden


Wat ze zo lang op de been houdt, zijn restsuiker en zuren. Een teveel aan (appel)-zuren kan echter het genoegen wreed verstoren. Maar wanneer de balans wel klopt, dan is het groot feest, zoals bij wijnproducent Stefan Erbes in Ürzig. Hij houdt jaarlijks een bijzondere proeverij van oude Rieslings uit zijn woonplaats en naaste omgeving, Riesling-Raritäten.

Stuivende jonge Rieslings proeven uit een jaar als 2011 is al net zo opwindend. Ook dat onderdeel stond bij Erbes op het programma. In de hoofdrol bij beide proeverijen: de Ürziger Würzgarten. Een wijngaard die zonder overdrijving enig in zijn soort genoemd mag worden. Deel 1 van een tweeluik.

Ürzig = Würzgarten

Met zijn schilderachtige vakwerkhuizen is Ürzig een van de mooiste wijndorpen van de hele Moezel. Een van de bekendste dorpen ook dankzij de wijnen die het produceert. De naam Ürzig is synoniem met Würzgarten, de enige Lage van omvang in het dorp. Tja, wat heet omvang?

Al zijn er aan de Moezel nog wel ergere gevallen aan te wijzen – denk maar aan Marienburg in Pünderich of Altärchen in Trittenheim –, de Würzgarten in zijn huidige vorm is een voorbeeld van een in 1971 onverantwoord opgerekte Einzellage. De schaalvergroting betekende het einde van tot dan toe zelfstandige Lagen van topkwaliteit, zoals de Sonnenuhr en de Kranklay. Ze verdwenen om de banale reden dat ze te klein waren om aan de norm van minimaal 5 hectare te voldoen. Alleen kleine Lagen die zich in 1971 in het bezit van één enkel wijngoed bevonden, zoals de Goldwingert met nog geen 0,3 hectare, ontsnapten aan de dans.

Gelukkig komt er geleidelijk aan eerherstel voor zulke door bureaucraten gelijkgeschakelde wijngaarden nu ze steeds vaker als perceelnaam op etiketten verschijnen. Dit geldt niet alleen voor de Würzgarten, maar voor de hele Moezel. Het maakt de zaken niet ingewikkelder, maar juist duidelijker. Terroir en nivellering staan immers op gespannen voet met elkaar.


Wat betreft de Würzgarten, van de in totaal 65 hectare daarvan ligt het beste gedeelte aan de kant van Erden, als je met je rug naar de Moezel toe staat aan je rechterhand. Geografisch gezien: aan de oostkant. Würzgarten betekent letterlijk vertaald ‘kruidentuin’, maar de benaming heeft volgens de Vinothek der deutschen Weinberg-Lagen Mosel-Saar-Ruwer (1982) geen betrekking op zo’n tuin.

Gegeven de natuurlijke en cultuurhistorische context is dat ook een weinig waarschijnlijke optie. De naam zou daarentegen aan de oorspronkelijke Lage Pichter gegeven zijn als eerbetoon aan een middeleeuwse erfpachter daarvan met in zijn naam het woord wurzegarde. Het is maar een weet. Nog een weet: in de classificatie van de gespecialiseerde en super serieuze site Mosel Fine Wines krijgt de Lage als geheel een plaats in de op een na hoogste categorie en komt het kernstuk ervan in aanmerking voor de allerhoogste status. Daar is heel veel voor te zeggen.

Rotliegend…

De Moezel loopt bij Ürzig van zuidwest naar oost, zodat op de linkeroever de beste percelen in het zogeheten Filetstück van de Würzgarten profiteren door hun ligging op het zuiden en zuidwesten van een optimale instraling en late middagzon. Die aan de mindere westkant liggen meer op het (oost)zuidoosten.


Wat de Würzgarten zijn werkelijk unieke status verleent, is zijn rode bodem. Behalve rode leisteen met een relatief jonge verwering in de lagere, recenter gevormde jongere hellingen komt in de hogere, oudere delen ook rotliegend voor. Rode leisteen is in het Moezeldal vrij zeldzaam maar niet uitzonderlijk; rotliegend (ook wel aangeduid als rhyoliet) is dat wel. Het is als gesteente van een wijngaardbodem alleen in Ürzig te vinden, waar de Moezel het letterlijk en figuurlijk heeft aangesneden.

Dit verweerd gesteente van vulkanische oorsprong is ontstaan door vulkaanuitbarstingen bij de vorming van de Wittlicher Slenk binnen het Rijnse Leisteenmassief. Deze slenk loopt parallel aan de directe noordkant van Mittelmosel. Het oorspronkelijke tufsediment verweerde tot een mengsel van leem en gruis dat vermengd raakte met löss en dat de basis vormt voor de tegenwoordige bodem.

… en Rotschiefer

Ongeveer een zesde van alle bodems langs Moezel, Saar en Ruwer bestaat uit rode Devoonleisteen. Zo ook het grootste deel van de Würzgarten, afgezien van die plaatsen waar rotliegend ligt. De oorsprong van de Rotschiefer is ouder dan die van het rotliegend – het Devoon van de eerste ligt miljoenen jaren voor het Perm van de tweede –, maar is in zijn huidige, verweerde  vorm jonger. De Moezel heeft er immers miljoenen jaren over gedaan om zich in te slijpen.

Hoe lager in het dal je komt, des te jonger de verwering van het gesteente. Het grote aandeel leem en löss in de bovenlaag zorgt ervoor dat ondanks het gelijktijdig hoge steengehalte de verzorging met water en voedingsstoffen toch goed is.

De rode kleur van de grond in de Würzgarten duidt op het sterk ijzerhoudende karakter ervan. Zowel bij de rode leisteen als bij het rotliegend – de naam zegt genoeg – is die veroorzaakt door geoxideerd ijzer. Vooral aan de kant van Erden, waar grillige kliffen tussen de zee van wijnstokken uitsteken, springt de afwijkende rode kleur duidelijk in het oog. Echt opvallend, want grijs is aan de Moezel immers de overheersende bodemkleur. Inwoners van Ürzig danken er trouwens hun bijnaam Rotschwänzchen (roodstaartjes) aan die rode bodem!

Uniek terroir, unieke stijl

Een belangrijk gegeven is dat de kleiachtige toplaag met zijn hoge gehalte aan löss aan de bovenkant makkelijk opwarmt, behoorlijk diep is en veel stenen bevat. Deze bodem zorgt ervoor dat regenwater snel wordt opgenomen zonder dat dit tot stuwing leidt, dat dit water door de remmende werking van de vele stenen geen kans krijgt om erosiegeulen te vormen, en dat de stokken ook in perioden van droogte voldoende water en voedingsstoffen kunnen opnemen.


Die stokken staan aangeplant op overwegend steile tot zeer hellingen tussen 110 en 320 meter boven zeeniveau. Veelal gaat het nog om wortelechte, ongeënte stokken die niet gerooid zijn in het kader van ruilverkaveling en al evenmin last van phylloxera hebben gehad.

De combinatie van nagenoeg perfecte zoninstraling en een voor de Moezel unieke bodemsamenstelling verleent aan Rieslings uit de Würzgarten een heel eigen karakter dat naar voren komt in een weelderig, exotisch fruitig aroma. Dat doet volgens de boeken denken aan noordelijke appels en peren, mediterrane grapefruit, bloedsinaasappel, perzik en abrikoos, alsmede aan tropische ananas en passievrucht. Altijd met een pikant kruidige toets – Ürzig rijmt niet voor niets op würzig!) – en een al even markant mineraal accent.

De smaak is in de regel vrij vol, bloemig en sappig, met weer een minerale, aardse ondertoon en prima zuren. Het ontwikkelingspotentieel ervan is indrukwekkend. Na rijping ontwikkelen de wijnen vaak een nadrukkelijk muntaroma. Zoals overduidelijk bewezen in de proeverij van gerijpte jaargangen. Daarover meer in deel 2.

Tekst en fotografie: René van Heusden

Reageer op dit item