De bio-wijngaarden van het Belgische Torgny - Perswijn
Torgny presenteert zich als historisch wijndorp
Reportages & Reizen

De bio-wijngaarden van het Belgische Torgny

Een van mijn lievelingsbestemmingen voor vakantie in eigen land – de enige mogelijke vakantie tegenwoordig – is het schilderachtige dorpje Torgny in Belgisch Luxemburg. Het ligt helemaal in het zuiden van Wallonië, aanleunend tegen de Franse grens (206 kilometer van Brussel, 187 kilometer van Maastricht). Het dorp zonder een enkele winkel is bijzonder rustgevend en oogt prachtig met zijn oude huizen van warmbruine kalkzandsteen en kleurrijk geschilderde vensterluiken. Niet toevallig werd het verkozen tot een van de mooiste dorpen van Wallonië. La petit Provence wordt wel eens gezegd door de stijl van de gebouwen, hun roodbruine, ronde dakpannen maar ook het warme en droge microklimaat (zie verder). Torgny, deel van de gemeente Rouvroy, behoort tot de geoculturele regio Gaume en telt ongeveer 220 inwoners. Klein maar fijn dus. En leuk is dat er ook goede, originele wijnen worden gemaakt.

Mooi gerenoveerde woning in Torgny opgebouwd uit kalkzandstenen van de streek
Torgny presenteert zich als historisch wijndorp

 

Een beetje geschiedenis

Kleine perceeltjes wijngaard in het centrum van het dorp herinneren de bezoeker eraan dat Torgny ooit een wijndorp was. In 1828 waren er nog 28 percelen wijngaard in productie met een totale oppervlakte van 4,5 hectare. In België bleven in die tijd nog amper wijngaarden over, zeker als je de vergelijking maakt met het wijnbouwarsenaal in de late middeleeuwen. Rond de 10.000 hectare wijngaard in de 13e eeuw denken sommigen maar dat is een ruwe schatting. Er bestaan geen cijfergegevens over. In 1846 bracht men de wijngaardoppervlakte van het prille België (1830) in kaart. Dat bleek amper 166 hectare. Daarvan 144 hectare in Wallonië. De meeste wijngaarden bevonden zich langs de Maas, met concentraties rond Hoei en Luik. De wijngaarden in Torgny verdwenen in 1890 door de druivenluisplaag. De weinige overgebleven wijndomeinen rond Luik overleefden WO I niet en in 1947 hingen de drie laatste wijndomeinen van Hoei hun snoeischaar aan de wilgen. De Belgische Staat slaagde er niet in om de wijnbouw opnieuw te lanceren. In de Vlaamse steden Hoeilaart en Overijse ontstond vanaf 1865 wel een bloeiende cultuur van eetdruiven uit serre maar daar maak je geen deftige wijn mee. Een mooi historisch overzicht van de wijnbouw in Wallonië van de middeleeuwen tot nu vindt men in het boek van Guy Durieux en Marc Vanel getiteld Vignobles de Sambre et de Meuse, 12 siècles d’histoire uit 2013. 

Belgische kaart met wijndomeinen uit de 19e eeuw (Foto: Étude historique sur la culture de la vigne en Belgique, auteur: Joseph Halkin, 1895)

Torgny is het allereerste dorp waar, na de teloorgang van de Belgische wijnbouw, opnieuw een wijngaard werd aangeplant. Dat gebeurde in 1955. Ik kom er dadelijk op terug. De eerste wijngaarden in Vlaanderen zullen iets later, in de jaren 60, ontstaan. In 1964 plantte Jean Belfroid 1400 stokken langs zijn huis in het Limburgse Kemiel (Borgloon). Belfroid was inspirator voor de eerste wijndomeinen in Nederlands Limburg: Slavante (1967) en vervolgens Apostelhoeve (1970). De definitieve heropleving van de wijnbouw in België begon in het Hageland in de jaren 70. Daar schreef ik hier al iets over. 

Clos de la Zolette bracht de wijnbouw in Torgny opnieuw tot leven

 

Prille Belgische wijnbouw in Torgny

De vereniging Ardenne et Gaume plantte in 1955 een halve hectare wijngaard in Torgny met wetenschappelijk doel (in samenwerking met het Institut agronomique de Gembloux) maar ook om de lokale wijnbouwtraditie van het dorp nieuw leven in te blazen. Ze mochten dat doen op het terrein van een dame die in het dorp La Zolette werd genoemd. Het nieuwe wijndomein werd Clos de la Zolette gedoopt. De keuze van de druif viel op müller-thurgau, een vroegrijper populair in het nabije Luxemburg. De winter van 1955-1956 was erg bar door een uitzonderlijk strenge koudegolf. Zoals op veel plaatsen in Europa bevroren ook in Torgny de wijnstokken. Ze werden opnieuw aangeplant en in het mooie wijnjaar 1959 werd voor het eerst geoogst. In 1976 kwam de productie op ongeveer 5000 flessen. De wijngaard geraakte na de strenge winter van 1985 in verval, kreeg later een andere wijngaardenier en werd verwaarloosd. Maar toch bleven honderden Clos de la Zolette-flessen op de markt komen voor het plaatselijke toerisme. Dit kon niet ongemerkt blijven duren en de bom ontplofte: een aanzienlijke hoeveelheid wijn bleek uit Luxemburg te komen. De wijngaard verdween uiteindelijk maar de wijnbouw in Torgny bleef leven. 

Een van de twee percelen van Clos de l’Épinette beplant met auxerrois
De schuur met de cave van Clos de l’Épinette

Er ontstonden drie wijndomeinen. In 1986 startten Francis Kaiser en Willy Jadot het wijndomein Clos de la Fouchère. De kleine wijngaard van 20 are ligt net voordat men Torgny binnenrijdt links op een helling. De aanplant is opnieuw door Luxemburg geïnspireerd: müller-thurgau, auxerrois en riesling. In de periode 1990-1991 plantte het duo samen met een groep vrienden iets hoger op dezelfde heuvel een grotere wijngaard van 92 are. Weer auxerrois, maar ook pinot noir, pinot blanc en chardonnay. In 1999 werden beide percelen verkocht omdat het onderhoud teveel energie vroeg van de eigenaars. Het grootste stuk aan de gemeente en het kleinere stuk, Clos de la Fouchère, aan Daniel Dries en Hubert Burnotte die de naam van het domein behielden. De gemeente gaf het door haar aangekochte wijngaardperceel in erfpacht aan een coöperatieve met sociaal oogmerk Ecoculture SCRL. Die startte het wijndomein Poirier du Loup op. Ondertussen, in 1996, richtte de Antwerpenaar Francis De Laet Clos de l’Épinette op met twee kleine wijngaardpercelen (totale oppervlakte 25 are), beplant met uitsluitend auxerrois. Na het overlijden van de heer De Laet in 2020 werden de percelen verkocht. Het ene perceel werd recent eigendom van de provincie Luxemburg, die het beheer toewees aan de gemeente. Het andere wijngaardperceel en de schuur (cave) van Clos de l’Épinette werden gekocht door Renaud Doebeli, een inwoner van Torgny. Hij is van plan een nieuw wijndomein te starten en is op zoek naar een tweede perceel in het dorp.

Groot brokstuk kalkzandsteen in de wijngaard van Poirier de Loup
Typische kalkzandstenen formatie te Torgny uit het Bajocien-tijdperk, Midden-Jura

 

Terroir in Torgny

Voordat ik iets vertel over de twee nog functionerende wijndomeinen van Torgny, Poirier du Loup en Clos de la Fouchère, eerst deze vraag: wat maakt het terroir van Torgny zo interessant voor wijnbouw? Als men de kaart van België met wijndomeinen bekijkt, dan merkt men dat er in een groot deel van Wallonië nauwelijks wijngaarden te vinden zijn. Langs de Maas in de provincies Luik en Namen liggen er relatief veel maar iets zuidelijker, naar de provincie Luxemburg toe, liggen er geen meer. De reden daartoe is de hoogte (200-500 meter en nog hoger in de Hoge Venen) en het daarmee verbonden klimaat: kouder, minder zonneschijn en meer regenachtig. Alleen het uiterste zuidwesten van België ligt weer wat lager. Het laagste punt in Torgny is 186 meter. De temperatuur hier is hoger en er is minder neerslag. Torgny geniet daarenboven van een warmer en droger microklimaat omdat het onderaan een cuesta ligt. Een cuesta is een geologische formatie met  langgerekte heuvel (hier 275 meter hoog) en assymmetrische hellingen. De beboste heuvelrug houdt de koude wind tegen van het Noorden. Een van de drie (micro)percelen van Clos de la Fouchère ligt in het midden van de zuidoostelijk georiënteerde helling van deze heuvel, de twee hectare grote wijngaard van Poirier de Loup ligt helemaal bovenaan. Door de hellingsgraad krijgen de stokken meer zonlicht en goede drainage maar echt warm is het daarboven toch ook niet altijd. Het blijft er vrij vochtig (botrytisgevaar) en voorjaarsvorst is hier toch ook een risico om rekening mee te houden. In 2017 ging de helft van de oogst eraan verloren. De bodem van de wijngaarden is argilo-calcaire en zit vol kalkzandstenen, soms grote brokstukken (afstammend uit het Bajocien in het Midden-Jura-tijdperk). Daardoor is de grond moeilijk te bewerken. De bodem warmt goed op en reguleert het water voor de stokken voldoende. De combinatie van microklimaat en ondergrond, typisch voor Torgny, is de reden waarom dit een van de weinige plaatsen is in de provincie Luxemburg waar wijnbouw mogelijk is. En het lukt ook aardig, zelfs op biologische wijze en met klassieke druivenrassen.

Zicht op de omgeving van Torgny vanuit de wijngaard van Poirier du Loup
De wijngaarden van Poirier du Loups tegen de bossen bovenop de heuvel aan

 

Bio-mousserende wijn van Poirier du Loup 

Poirier du Loup is het grootste wijndomein van Torgny. De naam is gebaseerd op een legende die verhaalt hoe de dorpelingen een dode wolf in een perenboom hingen om de andere wolven uit het bos af te raden om nog op de akkers of in het dorp te komen. Een totaal ineffectieve praktijk die een handvol landbouwers in eigen land nog steeds hanteren maar dan met dode kraaien. Het domein is een coöperatie waarvoor een 80-tal coöperanten hebben ingetekend en wordt bestuurd door acht vrijwilligers. Het coöperatiesysteem waarbij particulieren geld inbrengen en daardoor mede-eigenaar worden, werkt goed in Wallonië. Ook in grotere wijnbedrijven zoals Vin de Liège en het recente Vin du Pays de Herve. Iets dergelijks bestaat om een of andere reden niet in de Vlaamse wijnbouw. Alle net genoemde wijndomeinen zijn verenigingen met sociaal oogmerk. Poirier du Loup werkt samen met een organisatie uit Aarlen, La Toupie, die zich inzet voor de herinschakeling van werkloze volwassenen in de maatschappij en het arbeidsleven. Zonder deze arbeidskrachten zouden de vrijwilligers van Poirier du Loup het niet redden. Ik was recent in Torgny (april 2021) en kon de uitvoering van een nieuwe aanplant van 0,4 hectare van dichtbij meemaken. Het geld hiervoor werd gezocht bij serviceclubs zoals Lions Club of Rotary Club en particulieren die een som willen betalen om meter of peter te worden van een wijnstok. 

Van links naar rechts Anne-Françoise Lhermitte, Michel Crucifix en Thierry Fonck bij de nieuwe aanplant van de wijngaard

Op het nieuwe perceeltje in aanplant sprak ik met Michel Crucifix (chef de culture), Thierry Fonck (viticulteur) en Anne-Françoise Lhermitte (présidente de conseil d’administration). Michel stuurt het wijndomein al aan vanaf het prille begin in 1999. Hij wordt in de cave en de wijngaard bijgestaan door Claude Édouard Pethe, die een tijdlang in Champagne ervaring opdeed met wijn maken. In 2006 besloot de coöperatieve om de biologische tour op te gaan en sinds 2013 bezit het domein een biolabel. Poirier du Loup is een voorloper van de ondertussen sterk biologische gerichte Waalse wijnbouw. Maar liefst 45% van de officieel erkende Waalse wijngaardoppervlakte is op dit moment biologisch of in transformatie naar bio. Een belangrijke inspirator voor de Belgische bio-beweging is de recent overleden Vlaming Hugo Bernar. Al in 1995 schakelde hij met zijn Tiense wijndomein Hageling over naar biologische wijnbouw. Als eerste Belgisch wijndomein. In tegenstelling tot Wallonië is er in  Vlaanderen trouwens weinig animo voor biologische wijnbouwlabels. De biologische weg voor Poirier du Loup was hard en leidde aanvankelijk tot aanzienlijk opbrengstverlies. In tegenstelling tot Hugo Bernar en een aantal grote Waalse wijndomeinen zoals Domaine de Chenoy, Château de Bioul en Vin de Liège die biologisch werken met interspecifieke en dus ziektetolerantere druivenrassen, koos Poirier du Loup resoluut voor klassieke rassen: auxerrois, pinot blanc, chardonnay, gewürztraminer, pinot noir en recent muscat ottonel. Ook andere Waalse wijndomeinen zoals Domaine de Bousval, Domaine W en La Falize werken bio met klassieke rassen. 

Pergola’s bovenaan in de wijngaard van Poirier du Loup

Om de druiven meer ventilatie te geven en de bladeren meer zonlicht, wordt op sommige plaatsen in de Poirier du Loup-wijngaard gekozen voor een pergola-geleidingssysteem. Dat is volgens mij uniek in België. Op andere plaatsen wordt het lyre-systeem van snoei beoefend of de meer gangbare guyot-snoei. Naast bio in de wijngaard wil Poirier du Loup in de cave de méthode nature beoefenen, namelijk vinificatie zonder additieven en zonder sulfiet. De experimenten met spontane gisting die ik al mocht proeven, zijn beloftevol en leiden tot een origineler product. Nu worden nog alleen mousserende wijnen gemaakt, een witte blend van chardonnay, auxerrois en pinot blanc en een rosé van pinot noir. Volgens mij een goede keuze gezien de botrytisgevoelige locatie van de wijngaard. Alle wijnen varen onder de vlag van de BOB Crémant de Wallonie. Het hele productieproces van druif tot wijn verloopt ter plaatse, dat is ook verplicht voor de genoemde BOB-wijn. Interessant is dat de liqueur de tirage die wordt gebruikt om de tweede gisting op fles op gang te brengen, sap van eigen druiven is. Er zijn experimenten om ook de tweede gisting met omgevingsgisten op gang te brengen. Geen sinecure. De mousserende wijnen gaan 9 maanden sur lattes en worden niet langer gedoseerd. Het gaat dus uitsluitend om Brut Nature. Alle wijnen zijn van 1 oogstjaar, geen gebruik van reservewijnen. Het domein krijgt in het werk in wijngaard en cave advies van een labo uit de Elzas en van een bevriend oenoloog uit Sancerre. De kwaliteit van de huidige mousserende wijnen is prima: niet erg geconcentreerd maar wel origineel, fruitig, lekker en erg doordrinkbaar (zie proefnotities achteraan). In voorgaande jaren was er ook stille wijn en een lichtzoete rosé-schuimwijn. De progressie van de kwaliteit over de jaren heen is duidelijk. Nu heeft het domein een eigen stijl en identiteit: droge en naturelle Brut.

 

Natuurwijnen bij Clos de la Fouchère

Clos de la Fouchère is het werk van Hubert Bernotte (werkzaam in de electronica) en Daniël Dries (informaticus). Daniël werd verleid om in Torgny aan wijnbouw te doen toen hij er met vrienden ging helpen met de oogst. Hij was als président van Ecoculture SCRL lange tijd verbonden met Poirier du Loup. Hubert en Daniël leven zich uit in hun drie wijngaardperceeltjes, in totaal amper 30 are. Ze zweren bij no-till filosofie in de wijngaard (niet ploegen of schoffelen) en werken volledig biologisch. Certificatie met een biolabel is voor dit piepklein domein administratief en financieel niet haalbaar. Sinds 2020 schakelen ze over op biodynamie en gebruiken ze biodynamische preparaten. Biodynamie zal ook breder in Wallonië meer en meer gaan voorkomen, vermoed ik, zoals bijvoorbeeld nu al bij Domaine de W in Waals-Brabant (ook een coöperatieve vereniging). 

Daniël Dries van Clos de la Fouchère aan zijn perceeltje op de heuvel van Torgny

In de cave van Clos de la Fouchère is er alleen stille wijn. Werkwijze: geen additieven, alleen spontane gistingen, overhevelen via zwaartekracht (geen pompen), geen klaring noch filtering en geen sulfiet tenzij een klein beetje na het ontstelen. Dat gaat oxidatie tegen maar verwijdert ook kwalijke gisten. Waalse wijnschrijvers Éric Boschman en Marc Vanel schrijven in hun boek Vin d’artisans en Wallonie uit 2015 dat Clos de la Fouchère het eerste domein in België is dat zich toelegde op het maken van vin naturel. Hardcore vin naturel-liefhebbers zullen ongetwijfeld vallen over het gebruik van sulfiet na ontstelen maar dat zal Hubert en Daniël worst wezen. De wijnen worden gemaakt in het huis van Hubert te Neufchâteau, op 50 kilometer van Torgny. De wijnen zijn echt de moeite, zuiver, lichtvoetig en uiterst origineel en levendig qua stijl. Ik hou vooral van de witte wijn, een blend van auxerrois, müller-thurgau, sieger en riesling. De rode is een blend van pinot noir, frühburgunder en St. Laurent voor kleur. Alles op inox. Beide wijnen zijn van het type vin de soif. Daniël Dries onderhield in 2019 en 2020 de wijngaardpercelen van het vroegere Clos de l’Épinette en kocht de druiven voor zijn eigen wijn. Hij hoopt dat hij het perceel dat de provincie opkocht, in de toekomst mag beheren. Daar staat uitsluitend auxerrois, een druif die het hier prima doet.

Het befaamde restaurant-hotel La Grappe d’Or in hartje Torgny
Hubert Bernotte tijdens een beurs van Waalse wijnen in Bergen

 

Torgny bezoeken?

Om de wijnen van Torgny te kopen, moet je naar Torgny zelf want ze worden nergens anders verkocht. De enige mij bekende plaats waar je Poirier du Loup en Clos de la Fouchère kan kopen is Vin en Vie in de stad Virton vlakbij Torgny, een leuke wijnwinkel met een boeiend gamma aan natuurwijnen. Torgny bezoeken is echter, zoals de lezer al zal doorhebben, geen straf. De wijnen van Poirier de Loup kan je kopen in de toeristische dienst van het dorp of op zaterdag op het domein zelf, waar je ook een rondleiding kan reserveren. Voor de Bourgondiërs onder ons is er in het dorp La Grappe d’Or, een uitstekende restaurant met 1 Michelinster (ook hotel). Eenvoudigere maaltijden vind je in brasserie La Romanette. Op verschillende plaatsen in het dorp zijn er gîtes en vakantiehuisjes. Daniël Dries van Clos de Fouchère baat zelf verschillende gîtes uit. In en rond Torgny kan je heerlijk wandelen. In het reservaat Raymond Mayné zijn er unieke wilde orchideeën te bewonderen maar ook ander natuurmoois. En als je er toch een paar dagen verblijft, kan je een rondrit maken naar de oude Cisterciënzerabdij van Orval waar je verwend wordt met heerlijk trappistenbier.

 

Proefnotities

Domaine Poirier du Loup Crémant de Wallonie Brut (oogstjaar 2018). Mooie citroenkleur. Bescheiden maar originele neus van veldbloemen zoals kamille, citroenmelisse, appel en wat citroen. Zachte aanzet en mousse, zeer droog en strak maar niet streng, zoete kruiden zoals gember en kaneel, levendige en zuivere aroma’s, iets licht oxidatief/stoofappeltje, niet zeer geconcentreerd maar wel met voldoende lengte. Iets kalkachtig in de afdronk. Niet groot maar wel lekker en verkwikkend (alc. 12%). 14/20

 

Domaine Poirier du Loup Crémant de Wallonie Brut Rosé (oogstjaar 2018). Neus van kersen en rode bessen, Luikse siroop, zeer aangenaam mondgevoel, rood fruit, appel, voldoende afdronk. Zoals overal in België was 2018 een geweldig oogstjaar voor Poirier du Loup, zowel kwalitatief als kwantitatief (alc. 12%). 13/20.

 

Domaine Clos de la Fouchère Blanc 2019. Zeer aantrekkelijke, levendige en zuivere neus van rijpe appel, iets stoofappel, heel bloemig (60 procent müller-thurgau), mandarijn, groene kruiden. In de mond zacht en zeer sappig, echte glouglou-wijn, levendig fruit van appel en mandarijn, zoete bloemen, mooie fraîcheur, betoverende eenvoud, niet zo geconcentreerd, doordrinkbaar, bijzonder lekker (alc. 11,5%). 13,5/20.

 

Domaine Clos de la Fouchère Rouge 2019. Mooie, doorzichtige kersenkleur. Volle aroma’s van kers spatten uit het glas, zeer zuiver. In de mond een vrij strak mondgevoel met veel rood fruit en peper. De wijn is bij proeven net gebotteld en de aciditeit overheerst nog. Af te wachten dus of dit in evenwicht komt. 2018 was zachter en toegankelijker. Het domein maak een elegante, lichte stijl van Pinot Noir die er voor mij mag wezen. Nu 12/20. 

 

Stefaan Soenen

1 Reactie

  1. Ik vind het een mooi bericht over een voor mij onbekend wijndomein. Interessant om te lezen en mooi geïllustreerd.

Reageer op dit item