Gigondas, de grand cru van het zuiden - Perswijn
Oude mourvedre in de vlakte van Gigondas
Achtergrond & Interviews

Gigondas, de grand cru van het zuiden

Het idee dat Gigondas een zware wijn is, klopt niet. Of niet meer. Wellicht was er een tijd dat Gigondas nog opkeek tegen het schier almachtige Châteauneuf-du-Pape en heel extractrijke, zwoele wijnen maakte. Maar dat gebeurt nauwelijks meer. Sterker, de terroirs kunnen wijnen geven die ondanks gezonde alcoholpercentages en natuurlijke kracht meer frisheid en finesse hebben dan welke andere zuidelijke cru dan ook.

En was dat niet het ultieme doel van vrijwel iedere ambitieuze wijnboer 15 à 20 jaar terug, om zo rijp en krachtig mogelijke wijnen te maken? Tegenwoordig hebben goede wijngebieden gelukkig meer zelfvertrouwen en gaan ze uit van hun eigen kracht. Gigondas doet dat zeker. Niet in de laatste plaats bij monde van de enorm gedreven president van de appellation, Louis Barruol, eigenaar en wijnmaker bij het emblematische domein Saint Cosme. Maar ook objectievere buitenstaanders als Andrew Jefford, gerespecteerd columnist van Decanter, is overtuigd van Gigondas. Met name van de bijzondere terroirs binnen de appellation. ‘Gigondas heeft misschien wel het meeste ‘terroirkarakter’ van alle appellations van Frankrijk. Sélections parcellaires (wijnen van individuele wijngaarden) zijn vrijwel nergens zo zinvol als in Gigondas’, zei hij onverdroten op zijn proeverij van Gigondas tijdens de afgelopen Découvertes en Vallée du Rhône, een meerdaags evenement dat de nieuwste wijnen van de appellations van het wijngebied Rhône presenteert aan een nationaal en internationaal publiek. Slechts één appellation doet daaraan trouwens niet mee, drie keer raden welke. Gigondas maart daar niet om en neemt het podium dat het verdient.

Wijngaarden van Grande Bouïssière (Foto: Lars Daniëls MV)

Schitterende omgeving

En dus toog ik vanuit de pausenstad, waar ik heel veel Gigondas proefde, naar de appellation zelf, om de terroirs nog eens goed te bekijken en een aantal van de beste producenten te bezoeken. Het was zeker niet voor het eerst dat ik Gigondas bezocht trouwens. Vele jaren kwam ik er minstens eenmaal per jaar, meestal tijdens onze zomervakantie en famille. De schitterende omgeving was me dus aardig bekend, zelfs de achterkant van de Dentelles de Montmirail, waar mijn vrouw en ik eens bijna vast kwamen te zitten met onze kleine Renault Clio, die duidelijk niet bedoeld was voor off-roaden op wegen van verweerd kalksteen. De lokale wijnboeren rijden gelukkig meestal beter toegeruste automobielen. En het was heerlijk om terug te zijn.

Wijngaarden van Col d’Alsau in de Dentelles de Montmirail (Foto: Lars Daniëls MV)

Les Dentelles de Montmirail, markant en bepalend

Want Gigondas –de lokale bevolking zegt niet zelden Gigonda in plaats van Gigondas, spreekt de s niet uit– is een leuk dorp en vooral een prachtige appellation. Die ligt aan de voet van en in de reeds genoemde Dentelles de Montmirail, een markant gebergte van kalksteen en kalkmergel, dat een schitterend en heel herkenbaar decor vormt voor Gigondas. De Dentelles, wat tandjes betekent, bestaan uit een aantal bergkammen van kalksteen, waarvan er drie een rol spelen voor de wijngaarden van Gigondas. Van noord naar zuid zijn dat La Grande Montagne, Les Dentelles Sarrasines en Le Clapis, waartoe Le Grand Montmirail behoort. Ze zijn ontstaan toen afzettingen van kalksteen en mergel uit het late Jura en het Krijt door tektoniek zijn geplooid en verticaal opgedrukt. De wijngaarden in de terroirs tussen de bergkammen, zoals Grande Montagne, le Pourra, Grande Bouïssière, Col d’Alsau en Grand Montmirail, liggen afwisselend op kalksteen en kalkrijke mergel, soms marne bleue. Het zijn arme bodems, die de groeikracht van druivenplanten van nature beperken (er wordt in Gigondas gemiddeld zo’n 31 hl/ha geoogst, de laatste jaren zelfs minder) en dus geconcentreerde wijnen geven. Maar ook de bodems van de lagergelegen wijngaarden, onder het dorp, bevatten veel kalksteen, materiaal dat naar beneden is gerold vanuit de Dentelles. Daar heeft het zich vermengd met heel zanderige mergel (safres). Pas dichtbij de rivier de Ouvèze, die de westelijke grens van de appellation Gigondas vormt, zijn er wat lieux-dits met alluviale bodems met grind en rolkeien, zoals we die ook kennen van andere delen van de zuidelijke Rhône.

De terrassen van Grand Montmirail (Foto: Lars Daniëls MV)

Koeler dan gedacht

Maar net zo belangrijk als de kalkrijke bodems is het lokale klimaat. Want daarin schuilt het geheim van Gigondas: de opmerkelijke frisheid van de beste wijnen, ondanks hun doorgaans ruime alcoholpercentages en al hun natuurlijke kracht. Met uitzondering van de wijngaarden van Le Grand Montmirail, gelegen op de terrassen van de zuidhelling van de gelijknamige berg, kijken de meeste wijngaarden naar het noordwesten. Ze missen ochtendlicht, dus warmen ze langzaam op. In deze wijngaarden heeft de mistral, die soms verkoelend, soms gewoon echt koud is, vrij spel. Die brengt niet alleen verkoeling, maar blaast ook alles droog en verlaagt zo de schimmeldruk. Ook is er veel bos, dat beschermd is, in het gebied van Gigondas, maar liefst 1.500 ha tegenover de 1.200 ha aan wijngaarden. Ook dat draagt bij aan een relatief koel mesoklimaat. En dan is er nog de hoogte. De hoogstgelegen wijngaarden tikken de 500 meter tegenwoordig aan. 100 meter hoogte levert bij droge lucht, zoals deze veelal voorkomt in Gigondas, waar tijdens het groeiseizoen minder dan 300 mm neerslag valt, al gauw bijna een graad Celsius afkoeling op. Het verklaart dat de druiven in Gigondas gemiddeld twee weken later rijpen dan in het laaggelegen Vacqueyras, terwijl dat vlakbij ligt.

Wijnmaker Laurent Brusset met op achtergrond ‘zijn’ terrassen in Grand Montmirail (Foto: Lars Daniëls MV)

Grenache noir, syrah en mourvèdre

Die druiven zijn met name grenache noir, de hoofddruif, aangevuld met de ‘complementaire’ variëteiten syrah en mourvèdre. En het plantmateriaal, inclusief een gezonde genetische diversiteit, vindt men van beduidend belang in Gigondas. Louis Barruol vertelde dat Gigondas nu de grootste conservatoriumwijngaard van grenache noir van Frankrijk heeft. Men is begonnen op basis van 1500 planten, heeft 800 ervan geëlimineerd en de rest getest op virussen. Nu staan er 364 verschillende biotypen van grenache noir en o.a. 32 verschillende van syrah. Naast de drie belangrijkste variëteiten, is er een heel rits van cépages accesoires die slechts maximaal 10% van de blend mogen uitmaken, zoals cinsault, counoise, vaccarèse, terret noir, piquepoul noir en muscardin, maar deze spelen een zeer beperkte rol in Gigondas. Vooral voor grenache noir en syrah is de latere rijping (en de goede nachtelijke afkoeling in de hogergelegen wijngaarden) een groot kwalitatief voordeel. Syrah blijft aromatischer dan elders in de zuidelijke Rhône en grenache noir wordt doorgaans niet zo alcoholisch en liquoreux als in Châteauneuf-du-Pape.

Terroir van Gigondas

Gigondas, cru des Côtes du Rhône

Die appellation, de beroemdste en oudste van de zuidelijke Rhône, haal ik hier bewust weer aan. Want als je de kenners goed beluistert, wordt duidelijk dat Châteauneuf-du-Pape al heel lang de concurrentie van Gigondas vreest. De grote meneer achter het systeem van appellation d’origine contrôlée (en het INAO, tegenwoordig het Institut national de l’origine et de la qualité), Pierre Le Roy de Boiseaumarié, beter bekend als Baron Le Roy, was getrouwd met Edmée Bernard Le Saint van Château Fortia in Châteauneuf-du-Pape. Waarschijnlijk was dat de reden dat Châteauneuf-du-Pape een beetje werd voorgetrokken. En Gigondas wellicht wat werd achtergesteld. Châteauneuf-du-Pape was een van de eerste AOC’s van Frankrijk (1936), veel eerder dan Gigondas, dat pas in 1971 een eigen AOC kreeg. Maar ook schijnt Baron Le Roy te hebben bepaald dat Châteauneuf-du-Pape niet enkel een cru werd voor rode wijnen, maar ook voor witte wijnen, terwijl destijds al duidelijk was dat Gigondas, met zijn koelere, kalkrijke terroirs, betere witte wijnen kan voortbrengen. Toen de eigen AOC voor Gigondas er eindelijk kwam en het terecht een cru des Côtes du Rhône werd, kreeg het deze gek genoeg alleen voor rode wijn en rosé, niet voor wit. De nalatenschap van Baron Le Roy? Hoe dan ook, nu loopt er al even een aanvraag bij het INAO voor witte Gigondas, die tot dusver verkocht wordt als Côtes du Rhône blanc. Het zou goed zijn als deze wordt toegekend, want witte wijnen uit Gigondas, zeker indien ze veel clairette blanche bevatten, kunnen heel goed zijn. Neem een wijn als Grand Romane Côtes de Rhône blanc van Pierre Amadieu, van clairette aangeplant in 1955 op 300 meter hoogte in de Dentelles de Montmirail; die verdient het zeker om Gigondas blanc te zijn.

Lieux-dits van Gigondas

Vinificatie: frisheid en precisie als doel

Het idee dat Gigondas ook goede witte wijnen kan voortbrengen, houdt ook in dat rode Gigondas niet per se zwaar en alcoholisch hoeft te zijn, zoals al gezegd. Dat bewijzen de beste wijnen al tijden lang en überhaupt vele wijnen van de afgelopen jaren, die toch niet de koelste zijn geweest. Nogmaals, dat is grotendeels te danken aan de terroiromstandigheden. Zeker de wijnen van hoogte hebben frisheid, maar ook de wijnen van de vlakkere wijngaarden zijn niet de warmste van de zuidelijke Rhône. Bovendien zijn de producenten, net als elders trouwens, steeds beter in staat met warme zomers om te gaan. Er wordt op tijd geoogst, dat is uiteraard van groot belang. Maar ook in de wijnmakerijen werkt men frisheid en precisie in de hand. Vergisting van hele trossen neemt weer toe, hetgeen extra frisheid –of in ieder geval, de sensoriële impressie ervan– kan geven, terwijl strikt genomen de pH vaak wat stijgt doordat er kalium vanuit de steeltjes in de wijn komt (kalium bindt wijnsteenzuur dat zo uitvalt). Ook kan fermentation en grappes entières bijdragen aan minder hoge alcoholpercentages (steeltjes nemen wat alcohol op en geven wat water af) en is er meestal sprake van minder extractie, ook omdat de massa lastiger is om onder te drukken.

Aardewerk bij Santa Duc (Foto: Lars Daniëls MV)

Wijnen als uitdrukking van een bijzondere plek

Men is sowieso voorzichtiger ten aanzien van extractie en gebruikt minder nieuw hout en minder klein hout. Dus: minder barriques en pièces, en meer demi muids en foudres. Grenache noir, zo gevoelig voor oxidatie, ziet vaak helemaal geen hout, maar vergist en rijpt in beton. Of in aardewerk, amforen van terra cotta of –helemaal eigentijds– keihard gebakken grès (zandsteen), dat nog minder oxidatie toelaat. Het is geweldig om dit soort ontwikkelingen te zien, bij producenten als Santa Duc bijvoorbeeld. Tegelijk zijn er producenten die verfijning in lange rijping en late release van de wijnen zoeken. En dat met veel succes, zoals Domaine de la Jaufrette. Die diversiteit binnen vrij strikte kaders –men werkt allemaal in principe met dezelfde druiven– is heerlijk en maakt gewoon duidelijk dat de producenten van Gigondas dondersgoed beseffen dat ze wijn mogen maken op een heel bijzondere plek. En dat ze die plek moeten uitdrukken in hun wijnen, wat ze ook doen. De stijlverschillen daargelaten, is rode Gigondas van hoge kwaliteit een wijn met in de geur prachtig donker bosfruit en de kruidig-aardse geuren van le garrigue, de lokale vegetatie die alleen maar groeit op de karige kalkbodems waar ook de druivenplanten van Gigondas het mee moeten doen. Zijn smaak is krachtig maar toch fris, met rijpe tannine en grote lengte. Un grand vin d’un grand terroir.

Anthony Taylor van Gabriel Meffre (Foto: Lars Daniëls MV)

Hard werk van producenten

Er zijn in totaal ongeveer 200 producenten. Daaronder zit een aantal grote handelshuizen en producenten die oorspronkelijk van buiten Gigondas komen, maar het zijn op een enkele uitzondering na de echt plaatselijke producenten die Gigondas status hebben gegeven. Sommige doen al decennialang eigenlijk hetzelfde en maken maar een rode Gigondas die jaar in jaar uit een vaste waarde is, zoals Raspail Ay. Andere domeinen zijn voortdurend in ontwikkeling met de tijd, zoals Santa Duc, waar de ambitieuze Benjamin Gras zijn vader Yves heeft opgevolgd, het bedrijf helemaal biodynamisch heeft gemaakt, de opvoeding heeft veranderd en weinig sulfiet meer gebruikt. Raspail Ay en Santa Duc zijn ondanks hun verschillen absolute voortrekkers van Gigondas, maar er zijn er zoveel meer, zoals La Bouïssière bijvoorbeeld, dat schitterende wijnen maakt uit hooggelegen wijngaarden. Ook Saint Cosme behoort daartoe, om de wijnen maar ook om de gedrevenheid van de reeds genoemde Louis Barruol.

Gigondas, feiten en cijfers

oppervlak en productie ± 1.200 hectaren – ± 37.000 hl per jaar (35% export) – 31 hl/ha
druivenrassen grenache noir (min. 50%, max. 80%), syrah en mourvèdre (min. 15%); grenache noir, syrah en mourvèdre samen min. 90%
appellation Gigondas, cru des Côtes du Rhône sinds 1971; geldt voor rode wijn (99% van productie) en rosé (1% van productie), cru voor witte wijn in aanvraag
klimaat officieel warm mediterraan klimaat (Csa) met lokaal montane invloeden; grotere temperatuursverschillen dan aan de mediterrane kust
klimaatdata gem. maximumtemperatuur apr-sep: 25,8 ºC – gem. minimumtemperatuur apr-sep: 14 ºC – gem. neerslag per jaar: 710 mm – zonuren per jaar: 2650
bodems vaak ondiepe, stenige bodems gevormd op basis van kalksteen, kalkmergel en zanderige mergel, bij Ouvèze ook klei en zand met rolkeien
hoogten 100-500 meter

Een bijzondere producent is ook Domaine Brusset, dat weliswaar een winkel heeft in het centrum van het dorp Gigondas, maar gevestigd is in Cairanne, zo’n 10 km ten noordwesten van Gigondas. Het heeft vooral naam gemaakt met wijnen van de spectaculaire wijngaarden op de flanken van Le Grand Montmirail, aangekocht door Daniel Brusset, vader van de huidige gérant en wijnmaker Laurent Brusset, in 1986. De hooggelegen terrassen waren vervallen maar zijn helemaal hersteld, net als de lagergelegen wijngaarden. Ook het omvangrijke handelshuis Gabriel Meffre, ooit de grootse bezitter van AOC-wijngaarden van Frankrijk (± 900 ha eind jaren 80) en inmiddels in handen van de groep Boisset en Eric Brousse, is van oorsprong een producent van Gigondas (opgericht in Gigondas in 1936). En benadrukte dat door de aankoop van Domaine de Longue Toque in 1999, een prachtig domein, dat prima wijnen voortbrengt. Al deze domeinen en hun sterke persoonlijkheden hebben Gigondas voor wijnliefhebbers al lang uit de schaduw van Châteauneuf-du-Pape gebracht. En de basis gelegd voor een mooie toekomst met wijnen vol frisheid en finesse, naast al hun natuurlijke kracht.

De familie Gras van Santa Duc (Foto: Lars Daniëls MV)

Tien geweldige Gigondas

Domaine Santa Duc, Gigondas Clos Derrière Vieille 2017 80% grenache noir, 10% syrah, 10% mourvèdre

uit lieu-dit Derrière Vieille, gelegen net achter het dorp tegen de helling aan, op 350m en op kalkmergel; deels opgevoed in aardewerk; Bourgondisch, iets gesloten, heel elegant, fijn genuanceerd, mooie stijl en lengte. (Henri Bloem)

Domaine Raspail Ay, Gigondas 2017 70% grenache noir, 20% syrah, 10% mourvèdre

uit de lieu-dit Le Colombier, in het vlakke deel van Gigondas, op de safres met kalkstenen; 100% ontsteeld, in beton vergist, 18-24 maanden rijping in groot oud hout; rustige geur, warmte en kruidigheid, wat romig haast, iets zoethout, frisheid ook, goede lengte, een ware klassieker. (Okhuysen, Henri Bloem)

Domaine Brusset, Gigondas Les Sécrets de Montmirail 2017 60% grenache noir, 40% syrah

van slechts drie terrassen van pure kalksteen in Grand Montmirail, op het zuiden; grenache noir vergist en rijpt in RVS, syrah in nieuwe barriques; gesloten nog, toch voel je de power, enorm compact, donker fruit, aromatisch kruidig, mooi hout; zeer intens, rijk extract, maar prachtige inhoud, kruidig en warm maar toch ook fris. (Résidence Wijnen)

Château de Saint Cosme, Gigondas Valbelle 2007 90% grenache noir, 10% syrah

van vijf percelen met heel oude planten, op allerlei bodems (kalksteen, mergel, zand), samen vergist en gerijpt in deels nieuw hout; intens, zacht en kruidig, mooi donker fruit, specerijen, prachtig fris nog, genot om te drinken – fles meegenomen door Louis Barruol naar l’Oustalet. (Léon Colaris, Van Ouwerkerk)

Domaine la Bouïssière, Gigondas La Font de Tonin 2016 81% grenache noir, 19% mourvèdre

afkomstig van oude wijngaarden op kalksteen, schitterend gelegen in la Grande Bouïssière, op hoogten van 300-500 meter; geheel ontsteeld, opgevoed in foeders (1-4 jaar oud); intens, warmte en frisheid, enorme power en lengte. (Rhône Value Wines)

Famille Perrin, Gigondas Domaine du Clos des Tourelles 2016 100% grenache noir

deels uit ommuurde wijngaard in het dorp Gigondas, van oude grenache noir op kalkmergel en zandbodems; niet ontsteeld, gerijpt in groot hout; blauwe bessen, kruiden en specerijen, heel verfijnd en precies, grote lengte. (Résidence Wijnen)

Domaine de Font Sane, Gigondas Terrasses des Dentelles 2017 72% grenache noir, 25% syrah, 3% mourvèdre

van een paar terrassen in Dentelles de Montmirail, opgevoed in groot en klein hout; bramen, kruidnagel en zoethout, mooi kruidig (garrigue), warm; mooie vulling, stevige structuur en lengte. (De Lange)

Domaine de Longue Toque, Gigondas Hommage à Gabriel Meffre 2013 98% grenache noir, 2% syrah

(65-100+ jaar oud), van 200 meter hoogte; blauwe bes, salie, wat zoethout en hint tabak; breed, zoet fruit, tikje ontwikkeling, goede tannine, niet te weelderig of zwoel, wel warmte, power en kruidigheid, flinke lengte. (via Albert Heijn)

Domaine du Pourra, Gigondas La Réserve 2016

van 480 meter hoogte, gelegen op het noorden; wat rustiek door minimaal sulfiet (23 mg/l totaal), bramen, tijm, fris en puur; mooi fruit, gezonde tannine, bijzondere wijn.

Domaine de la Jaufrette, Gigondas 2010 90% grenache noir, 10% mourvèdre en syrah

de actuele jaargang, zit nu 5 jaar op fles; gerijpt maar nog veel leven, pruimen, zoethout, garrigue en grafiet; goede grip, mooie lengte, eigen stijl.

Restaurant, hotel en wijnbar Oustalet (Foto: L’Oustalet)

Eten, drinken en overnachten in l’Oustalet

Als er één plek is waar je zou moeten eten, drinken en slapen in Gigondas, dan is het l’Oustalet, midden in het dorp. l’Oustalet heeft een prachtig restaurant, chique te noemen voor zijn rurale omgeving, waar door de uitstekende chef Laurent Deconinck op sterrenniveau (* sinds 2019) wordt gekookt. Deconinck is een leerling van Alain Senderens en werkte ook bij Raymond Blanc en Pierre Gagnaire. Hij werkt uiteraard met de beste, vooral lokale ingrediënten en de gerechten zijn niet ingewikkeld maar heel verfijnd. Gigantisch goed was het kaasgerecht na het hoofdgerecht: zelfgemaakte verse kaas à la mozzarella van koeien- en geitenmelk, met een pesto van wilde rucola en herbes de Provence, een crisp van Parmezaan en de olijfolie van Miraval. Voor wie eenvoudiger wil eten en drinken, maar toch de Provence in zijn glas en op een bordje wil, kan terecht bij de naast het restaurant gelegen wijnbar Nez!, van dezelfde eigenaren (de familie Perrin) als l’Oustalet. En l’Oustalet biedt ook prachtige kamers aan om te overnachten. De familiekamer, voor twee volwassenen en twee kinderen tot 12 jaar, kost in het laagseizoen € 170,00 en in het hoogseizoen € 270,00. Maar dan heb je echt een prachtige kamer, split level.

Lars Daniëls MV

Reageer op dit item