Is België op goede weg met rode wijn? - Perswijn
Reportages & Reizen

Is België op goede weg met rode wijn?

De vooroordelen rond Belgische (maar ook Nederlandse) wijn zijn stilaan aan het wegebben. Zoals in ieder wijnland zijn ook in België hele goede, goede en minder goede wijndomeinen. Het percentage goede wijndomeinen is in vergelijking met de grote wijnlanden behoorlijk hoog. Vind ik. Zeker in Limburg, de provincie die het grootste areaal wijngaarden heeft: 97 hectare in 2017, ondertussen meer. Limburg heeft ook het hoogst aantal wijndomeinen: meer dan 40 met een 20-tal professionele. Het vraagt niet zoveel moeite meer om wijnliefhebbers te overtuigen dat België mooie mousserende en witte wijnen maakt. Deze wijntypes nemen elk ongeveer 40% van de wijnproductie voor hun rekening – dat cijfer hangt af van het oogstjaar – . Maar over rode wijnen zijn meer twijfels, zelfs bij wijnprofessionelen. Zo kwamen in 2018 berichten in de media dat België eindelijk voor goede rode wijn zou zorgen door het warme oogstjaar.

De boodschap dat er alleen in uitzonderlijke jaren rode wijn mogelijk is, was correct geweest in de jaren ’70 en ’80. Nu niet meer. 2018 was zelfs een moeilijk jaar voor een aantal Limburgse bedrijven, door de dreiging van al te hoge alcoholgehaltes. Het laatste decennium produceren verschillende wijndomeinen elk jaar opnieuw prachtige rode wijnen, de ene keer wat subtieler en eleganter, de andere keer wat voller en fruitiger. Ik vind het belangrijk om van deze evolutie verslag uit te brengen want veel van die wijnen zijn bijzonder en de moeite waard om te proberen.

Deze mooi gerijpte Pinot Noir 2000 van Wijnkasteel Genoels-Elderen dronk ik met Joyce Van Rennes en Stefan Kekko.

Mijn persoonlijke ervaring met Belgische rode wijn begint bij oogstjaar 2000. Van dat jaar dronk ik vorig jaar nog een heerlijk gerijpte, complexe Pinot Noir van het Limburgse Wijnkasteel Genoels Elderen (mooi kriekenfruit, tertiair, zijdezacht mondgevoel, veel fraîcheur). Het Waalse Château Bon Baron maakt al vanaf zijn eerste oogstjaar (2005) prachtige rode wijnen. Wijnen zoals Acolon 2005 en 2006 of Pinot Noir 2007 en 2010 rijpten bovendien mooi en zijn nu fantastisch om te drinken. De laatste 10 jaar volg ik de oogstjaren op de voet. In Limburg – zowel aan Belgische als Nederlandse zijde – zijn er geen slechte jaren meer geweest. Zelfs van het moeilijkere oogstjaar 2010 kwamen mooie Pinot Noirs. In het koelere noordwesten van België, de Westhoek, is Pinot Noir iets recents. Vanaf 2014 maakt wijnhoeve d’Hellekapelle daar degelijke Pinot Noir, vanaf 2016 zelfs prachtige. Hier en ook in het zuidelijkste, wat hoger gelegen puntje van het land, Torgny (met wijndomein Clos de la Fouchère), bevinden we ons op de rand van waar stille Pinot Noir mogelijk is. Maar het lukt tegenwoordig prima! Ieder jaar.

Cabernet dorsa in de wijngaard van Pres de Gand in Herzele.

Concluderend: uiteenlopende Belgische regio’s kunnen, mits goede wijngaardomstandigheden, een prima rode wijn van pinot noir maken. Ieder jaar. Ook andere blauwe druiven zijn hun jaarlijkse waarde en betrouwbaarheid aan het bewijzen. Vooral acolon en cabernet dorsa (kruisingen van dornfelder en blaufränkisch). Daarover verder meer.

 

Aanbevelenswaardige rode wijnen uit België.

Rode wijn staat in België in voor ongeveer 17% van de productie (alle cijfers in dit artikel zijn van 2017). De meest aangeplante blauwe druif in België, veruit, is pinot noir (meer dan 40 hectare). Daarvan wordt naast rode wijn, ook mousserend, blanc de noirs en rosé gemaakt. In het Noorden van het land worden delicate, licht gekleurde pinot noirs gemaakt met lage alcoholgehaltes. Ik vind ze uniek door hun fragiliteit. De ondergrond is zandleem tot volle klei en ijzerzandsteen. Mooie voorbeelden zijn d’Hellekapelle (fantastische 2016 en 2017), Entre-Deux-Monts, Zilver Cruys, Ravenstein en Pres de Gand. Vlaams-Brabant en het Hageland konden mij met Pinot Noir, of rood tout court, weinig overtuigen. Daar is werk aan de winkel.

Als het Hagelandse wijndomein Vandeurzen tempranillo rijp krijgt, dan moet dat met pinot noir op andere wijndomeinen zéker lukken. Uit het zonnige en droge Limburg komen krachtigere Pinot Noirs met helemaal aan de top wijndomein Aldeneyck (zacht en genereus, heerlijke 2016 en 2017) en Wijnkasteel Genoels-Elderen (gestructureerd en strak, voor flesrijping, 2016 en 2017 zijn knap). Ook Clos d’Opleeuw maakt een minuscuul volume bijzonder mooie, elegante Pinot Noir. Andere namen om in de gaten te houden: Cuvelier, Crutzberg (niet ieder jaar gemaakt) en De Caybergh. In de ondergrond vaak (zand)leem en kalksteen. Even over de grens, in Nederlands Limburg, zijn de Pinot Noirs van De Wijngaardsberg (2016 wauw) en Thorn (ook mooie 2016) een must voor elke Pinot Noir-liefhebber. In Wallonië maakt vooral Château Bon Baron het mooie weer met krachtige, volfruitige en gestructureerde Pinot Noirs die fantastisch rijpen (magistrale Trésor 2015 voor de kelder). Maar ook wijndomein Chapitre nabij Nijvel is op goede weg met de druif. Voor mooie Pinot Noir hoeven Belgen en Nederlanders dus niet meer per se naar Bourgogne of Duitsland: in België (en Nederlands Limburg) zelf is er een mooie keuze. En de wijnen zijn, hun kwaliteit en de druif indachtig, betaalbaar (de meeste tussen 15 en 30 euro).

Op de tweede plaats qua oppervlakte van aanplant staat regent (meer dan 11 hectare; in Nederland is het de meest aangeplant blauwe druif). Hybride of interspecifieke druivenrassen zoals regent zijn in België niet op hun retour, in tegenstelling tot Duitsland, Engeland en ook Nederland. Zeker in Wallonië worden ze nog volop aangeplant. De argumenten zijn: betere weerstand tegen ziektes, minder nood aan pesticiden, geschikt voor bio-teelt. Naast regent staan, in volgorde van belang, ook volgende blauwe druiven aangeplant: pinotin, cabernet cortis, rondo, cabertin, cabernet jura, monarch, cabaret noir, cabernet cantor, cabernet dorio en leon millot. Persoonlijk vind ik regent een moeilijke druif voor rood: meestal heeft de wijn naast een dieprode kleur, kruiden en vol, mooi rijp en zelfs zuiders aandoend fruit, iets onaangenaam animaals of vegetaals. Rosé ervan kan lekker zijn. Of regent in blends met andere druiven, zoals in het geval van de lekkere Waes Rood 2016 uit Gent (regent, rondo, leon-millot) of bijzondere Koudekot Den Blauwer Barrique 2017 in het West-Vlaamse Heuvelland (regent, frühburgunder, zweigelt).

Ook Regent van maceration carbonique, waarbij gisting op de schillen wordt geminimaliseerd, kan goed zijn. Dat toont het Waals-Brabants mini-wijndomein Villers-La-Vigne. Regent is veel van zijn ziekteresistentie verloren dus ik zie niet goed in waarom men hem nog zou planten. Het hoogkwalitatieve Waalse wijndomein Vin de Liège is aan het worstelen met blauwe hybriden, in wijngaard en cave, en slaagde er recent in om een mooie blend van pinotin en cabernet cortis op de markt te brengen: de A Priori. Cabernet cortis rijpt vrij laat en is beloftevol voor kwaliteitswijn. De druif is niet gemakkelijk te temmen door zijn stevige tannine (eikrijping noodzakelijk). Het Nederlandse St. Martinus uit Vijlen geeft in de Lage Landen het goede voorbeeld in het werk met blauwe hybriden. De beste resultaten worden gehaald in houtgerijpte blends, bijvoorbeeld cabernet cortis, cabernet cantor en pinotin. De wijnen doen me wat Loire Cabernet Franc-achtig aan. De genoemde drie druiven zitten ook in de geslaagde cuvée Belgians Bull’s Blood van Wijndomein Hoenshof bij Borgloon in België. Zelf ben ik nog niet 100% overtuigd van de Belgische rode wijn uit hybriden: te weinig echt lekkere voorbeelden nog en vaak is de prijs niet in verhouding met de kwaliteit. Tot nu toe, want deze recente variëteiten moeten wel een kans (en tijd) krijgen. En laat ons hopen dat de rassen voldoende resistent tegen ziektes blijven.

Terug naar rode wijnen van 100% Vitis Vinifera. Op plaats 3 qua oppervlakte, na pinot noir en regent, staat dornfelder. De druif is in Duitsland massaal aangeplant en geeft torenhoge opbrengsten (zeer grote trossen). Dornfelder op zich geeft niet onmiddellijk een bijzonder goede wijn, vind ik, maar ik heb gemerkt dat wat toegevoegde pinot noir of frühburgunder wonderen kan doen. Bijvoorbeeld in de Hagelandse Peregrino van Haksberg en de Dornfelder-Pinot Noir van Pot de Vin uit Tervuren bij Brussel. Deze formule lijkt me in commercieel opzicht niet verkeerd: het maakt een goed betaalbare rode wijn mogelijk (ook wijndomein Thorn in Nederland heeft zo’n cuvée). Twee blauwe Vitis Vinifera-druiven met een redelijke opbrengst blijken gemakkelijker, en op eigen houtje, tot kwaliteitswijn te leiden: cabernet dorsa en acolon. Net zoals dornfelder werden ook deze druiven in Duitsland ontwikkeld. Het zijn vroegrijpende druivenrassen met veel suiker, goede tannine en kleur, geschikt voor het frisse Duitse klimaat van de jaren 70. Acolon en cabernet dorsa bieden in België, misschien meer nog dan in het nu warmere Duitsland, een interessant alternatief voor de topdruif pinot noir. Wel in een heel andere stijl: donkere kleur, tanninerijk, eerder aanleunend bij het type Bordeaux dan bij Bourgogne. Ook pinot noir is, in vergelijking met andere bekende blauwe wijndruiven, vroeg rijp – meestal vroeger zelfs dan chardonnay – maar kent belangrijke nadelen: lage tot zeer lage opbrengsten, zeer ziektegevoelig en weinig kleur. Voordeel: qua kwaliteit moeilijk te evenaren, geeft bij de betere wijnbouwers met goed terroir magistrale rode wijnen.

Wijnbouwer Dirk Talpe, ook bloemen- en plantenkweker, naast zijn jonge stokken acolon.

Acolon is bij de Belgische wijnliefhebbers een begrip geworden door de knappe Acolon van Château Bon Baron. Acolon bezit een dieprode kleur en leunt qua stijl wat aan bij de Cabernetfamilie. De wijn is krachtig met veel rood en donker fruit, veel body en goede, stevige tannine. Hij leent zich perfect voor eikrijping. Verschillende wijndomeinen in het land zijn  acolon aan het planten dus het areaal zal de volgende jaren aanzienlijk toenemen. Aanraders zijn dus Château Bon Baron en het recente Ravenstein in Wervik in West-Vlaanderen. Mijn proefnotitie bij de eikgerijpte Ravenstein Acolon 2018: “Zeer donkere, ondoorzichtige kleur van zwarte kers. Prachtig fruit van kers en kriek, geconcentreerd/gevuld, rijpe aroma’s, heerlijke strakheid die aan klassieke Bordeaux doet denken, rijpe en fijne kwaliteitstannine”. Ook Cabernet Dorsa kan prachtige wijnen opleveren, vaak met een vleugje fijne paprika in de neus en mooi, sappig rood fruit.

Twee mooie wijnen van het beloftevolle nieuwe Oost-Vlaamse wijndomein Pres de Gand.

Aanraders weer Château Bon Baron en het nieuwe Oost-Vlaamse wijndomein Pres de Gand dat een delicate versie maakt, wijn met misschien wat minder body en kleur maar met een subtiliteit waarvan ik hou. De Cabernet Dorsa 2014 van Château Bon Baron beschreef ik zo: “Rijp rood en wat zwart fruit, kruidig, subtiele houttoetsen (2 jaar eiken vat), zacht en vol in de mond, frivool sappig fruit, kersen, verfijnde tannine, toegankelijk, origineel en lekker”. De 2018 van Pres de Gand: “Mooie doorzichtige kersenkleur, discrete neus met peper, heel licht paprika, aardbei, framboos en kers, drop, zeer zuiver en subtiel in de mond, rood fruit, blauwe bes, veel fraîcheur, lichtvoetig (11,5% alcohol), lang, origineel”. Inderdaad, een wijn van 11,5% alcohol. Rode wijnen die rijp zijn mét een laag alcoholgehalte (vaak 12 à 12,5%), die vind je dus nog in België. En daar is vraag naar.

Jeanette van der Steen in de 15 hectare grote wijngaard van Château Bon Baron aan de Maas met veel blauwe druiven.

Ik heb Château Bon Baron al verschillende keren genoemd, een wijndomein uit de buurt van Dinant met een voor België grote wijngaard van 15 hectare op de oever van de Maas. Château Baron is het belangrijkste wijndomein in het land voor rode wijn, zowel in kwaliteit als kwantiteit. Wijnbouwers Jeanette van der Steen en haar man Piotr hebben de historische verdienste aan te tonen dat België rode topwijnen kan maken met verschillende rode druivenrassen en niet alleen met pinot noir. Ik bewonder hun werk.

Jeanette van der Steen belucht de rode wijn in de cave van Château Bon Baron.

Ze inspireren en helpen andere Belgische wijnbouwers. Het zijn meesters in het gebruik van eiken vaten. Jeanette en Piotr hebben, na grondig onderzoek en overleg met Duitse en Zwitserse experten, zowel acolon als cabernet dorsa in de Belgische wijnbouw geïntroduceerd.

Wijnbouwers Jeanette en Piotr met hun befaamde Acolons.

Mijn rode lievelingswijn uit België is hun La Grande, een houtgerijpte blend van de druiven gamaret en garanoir. Dit zijn ook weer Duitse kruisingen (reichensteiner X gamay), die men vaak in Zwitserland aantreft. Ook weer door Château Bon Baron in België binnengebracht. Ook met die druiven zijn een aantal wijnbouwers aan het experimenteren. Ravenstein bijvoorbeeld met een mooie, tanninerijke 100% Garanoir op hout.

België is een avontuurlijk wijnland in de keuze van druivenrassen, zeker in wit maar ook in blauw. Wijnkasteel Vandeurzen in de buurt van Leuven maakt naast een correcte Lemberger een knappe Tempranillo en experimenteert in de proefwijngaard met barbera en montepulciano. Er zijn kleine aanplanten van zweigelt, st. laurent, gamay, merlot en een heel klein beetje cabernet sauvignon, cabernet franc, syrah en zelfs nebbiolo. Hoe spannend deze experimenten ook mogen zijn, de mooiste Belgische rode wijnen komen op dit moment van pinot noir en ook, in kleinere hoeveelheden, van acolon, cabernet dorsa, gamaret en garanoir. Veel van deze wijnen, zeker de houtgerijpte, worden met een paar jaar flesrijping fijner en meer compleet. Het is de moeite om er een aantal in de wijnkelder op te slaan. Tenslotte: goedkope, doordeweekse rode wijn moet je op Belgische wijndomeinen niet zoeken. Daar zijn andere landen veel beter in.

De genoemde wijnen zijn verkrijgbaar bij verschillende wijnwinkels en webshops. In België (leveren ook in Nederland) zijn dat onder meer belgianwines.com, oeno-belgium.be, belartisan.com, anverres.be en vinetiq.eu, in Nederland mario.wine. De meeste Belgische wijndomeinen ontvangen ook bezoekers, best na telefonische afspraak.

 

Stefaan Soenen

Reageer op dit item