Ceasar's choice - Perswijn
Columns

Ceasar’s choice

Waar de meeste mensen naar kantoor gaan op maandagmorgen, gaan de sommeliers proeven. Ik proef graag met een bepaald doel of onderzoeksvraag voor ogen. Hierdoor kan ik me heel gericht een weg banen door het landschap van wijn. Het is als kleding shoppen in de Bijenkorf. Als ik niet al weet waarnaar ik op zoek ben, raak ik verstrikt in het katoen.

Net als bij kleding, heb ik ook in wijn ‘mijn’ stijl, of beter gezegd mijn stijlen. Voor iedere gelegenheid een passende invulling, naar mijn smaak. Toegegeven, wat betreft kleding kan het nogal een ratjetoe zijn. Maar wat betreft wijn is het eenduidig. Een altijd door emotie gedragen uiting van herkomst en moment.

Een ontroerende wijn, dat is voor mij meer dan een tranentrekker. Het zijn wijnen die de ruimte een nieuwe kleur kunnen geven. Die je de kans geven de wereld vanuit een ander perspectief te bezien. Ik ben ook niet op zoek naar nieuwtjes, dit zijn veelal de rariteiten. In de Sahara aangeplante wijngaarden: technische knap, maar meer ook niet. Aan de andere kant kun je ook je vraagtekens zetten bij wijnen of druivenrassen die bijna verdwenen zijn. Een smakeloze wijn hoeft immers ook niet opgewaardeerd te worden vanwege zijn zeldzaamheid.Zo nu en dan komt er een wijn op mijn pad waar ik niet op voorbereid ben. Als een plotselinge windvlaag die je bijna van je fiets werpt. Het gaat dan meestal om wijnen die precies op dronk zijn, en zichzelf van een kant laten zien die ik nooit eerder gezien had. Maar nog leuker is het als het uit een vergeten gebied komt en van een onuitspreekbare inheemse druif is gemaakt. Je hebt elkaar nog nooit ontmoet, en toch voel je een enorme klik.

De volgende wijn is er een waar ik een bijzondere connectie mee voel. ‘Voor de leuk’ gekocht bij Pieksman Wijnimport. Het is een YES- en WOUW-moment. Niet alleen het eerste contact, maar de hele fles door. De eerste slok is er een van verwarring, alsof de naald van je platenspeler halverwege de song op de plaat terecht komt. En dat terwijl de volume van je versterker veel te hoog blijkt te staan. Het is zoeken naar de afstemming. Bij de tweede slok wist ik het: de ideale “Caesarsalade-wijn”.

De 2011 Cour-Cheverny van Philippe Tessier. Loire van een vergeten druif: romorantin. Het voelt alsof de drie bekende witte druiven uit de Loire in een blender zijn gestopt: de kruidigheid en dynamiek van de sauvignon blanc, de trefzekerheid en bloemige stijl van melon de bourgogne, en het karakter en rijkdom van de chenin blanc. Dit kan echt alles in de ceasarsalade aan: de romeinse sla blijft crisp, de zouten uit de kaas krijgen kristallen. De ansjovis blijft intens maar verliest het zout en zelfs het ei trekt de wijn niet uit zijn verband.Het moet in de wijngaard wel een hele lastige druif zijn. Hoe kan het anders dat er bijna niets meer van staat, want in het glas is het immers geweldig. Iedereen kan hier zijn plezier in vinden, en dat voor nog geen veertien euro in de winkel van Pieksman. Geef de wijn wel even lucht en ruimte, net open is het wat schichtig.Ik stel voor dat we allemaal onze tuinstoelen uit de berging halen en op zoek gaan naar een receptuur van ansjovismayonaise. En dan met z’n allen aan de Cour-Cheverny.

Reageer op dit item